Het voordeel van boeken zonder plaatjes: je bedenkt zelf welke kleur iemand heeft

Op de dag dat hij 101 zou zijn geworden, afgelopen woensdag, vertelde de weduwe van Roald Dahl dat Sjakie, het jongetje dat na een magische rondleiding door de snoepdroomwereld van Willy Wonka fabrieksdirecteur mag worden, zwart had moeten zijn. Haar man had 'een klein zwart jongetje' beschreven, zei ze tegen BBC Radio 4. Op aandringen van de uitgever werd Sjakie blank, of in elk geval niet zwart, wat verklaarbaar is: het was 1964, in de superieure westerse cultuur stonden vrouwen achter het aanrecht, in Amerika waren ze nog aan het bekomen van de Civil Rights Act.

Een zwart jongetje dat de baas mag worden van een snoepfabriek: 'de mensen zullen vragen waarom', had de uitgever tegen Roald Dahl gezegd. Een chocoladerivier, Oempa Loempa's, een meisje dat in een gigantische bosbes verandert, een verwend nest dat voor straf in een afvaltrechter verdwijnt alsmede andere vormen van kindermishandeling om de onopgevoede krengetjes en hun ontspoorde ouders een lesje te leren: allemaal prima te billijken. Maar je kunt het ook té gek maken.

Ik weet niet meer wanneer ik voor het eerst over Willy Wonka's chocoladehemel las - het zal in de jeugdbibliotheek te Willemstad, Curaçao, zijn geweest - maar wat ik wel nog weet: ik gaf de kinderen uit de boeken die ik las allemaal een zelfbedacht uiterlijk. Dat is het onderschatte, enorme voordeel van boeken zonder plaatjes en van opgroeien in een tijd waarin kinderboeken hoogst zelden werden verfilmd. En als er al verfilmingen waren - ik meen me vaag een verfilming van Sjakie te herinneren - bereikten ze Willemstad met grote vertraging.

Sjakie, Dolf, de tweeling Pat en Ann, Remi, George die eigenlijk Georgina heette en al die anderen met wie ik me terugtrok op mijn kamer zagen er gewoon uit als de mensen om me heen. Soms bruin, soms zwart, soms wit, soms Aziatisch. De knapste jongens leken op Efraïm, op wie ik in stilte verliefd was. Maar meestal leken de helden - dat waren vaker jongetjes dan meisjes - gewoon op mezelf, mits ze leuk en slim en sterk en heldhaftig waren. De enige bij wie dat niet lukte, was Pipi Langkous, want die had ik weleens op tv gezien.

Alleen bij Jip en Janneke ging ik af op de plaatjes. Ik heb dan ook heel lang gedacht dat ze allebei zwart waren, net als Takkie. Dat leek me ook volslagen logisch, want er woonden meer zwarte dan witte kinderen om me heen.

Waarmee ik niet gezegd wil hebben dat het niet uitmaakt dat Sjakie is witgewassen. Als de uitgever ballen had gehad en Sjakie zwart was gebleven, zouden we nu vermoedelijk schande speken van de Sambo-achtige illustratie bij de eerste edities, maar hadden we er wel een zwarte kinderheld bij gehad. Die zijn ook in 2017 nog schaarser dan stoere meisjes in de kinderliteratuur. En nu alles meteen wordt verfilmd, verstript, vergamed en verDisneyt, nog voordat de lezertjes zich op eigen kracht een beeld hebben kunnen vormen van hun boekenhelden, zijn zwarte jonge hoofdpersonen geen overbodige luxe.

Dahls weduwe vind het nog altijd 'erg jammer' van Sjakie. Tijd voor een heruitgave, in haar oorspronkelijke vorm.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden