Opinie

Het vijanddenken woekert voort

Normalisering van de betrekkingen met Duitsland heeft in Nederland helaas nog lang geen einde gemaakt aan vooroordelen en platte generalisaties.

Veteranen leggen een krans tijdens Dodenherdenking op de Holterberg. Beeld anp

Dit jaar vieren we 70 jaar bevrijding. Om de goede betrekkingen met Duitsland te symboliseren heeft het Nationaal Comité 4 en 5 mei samen met vele partners in Nederland en Duitsland het programma 'voor vrijheid - für Freiheit' ontwikkeld, met tal van evenementen verspreid over het hele jaar. Een mooi initiatief, nadat eerder Bondspresident Joachim Gauck in 2012 op 5 mei zijn indrukwekkende vrijheidslezing mocht houden.

In Nederland heeft het er lang op geleken dat het vijandsbeeld jegens Duitsland maar niet wilde slijten. Het werd zelfs bewust gekoesterd, ook door generaties die de oorlog niet hadden meegemaakt. Anti-Duitse sentimenten waren min of meer een vast onderdeel van de Nederlandse identiteit. Dat Duitsland een belangrijke rol in de Nederlandse identiteit vervult door als negatief afzetpunt te fungeren, heeft overigens een lange traditie. Reeds in de 19e eeuw zei Thorbecke: 'Wij zijn Nederlanders, omdat we geen Duitsers zijn.'

De oorlog heeft dit afzetten tegen Duitsland natuurlijk enorm versterkt. Dit is trouwens niet specifiek Nederlands. Oorlog en rivaliteit met andere landen worden vaak gebruikt voor de versterking van een nationaal wij-gevoel.

Ton Nijhuis, directeur van het Duitsland Instituut van de Universiteit van Amsterdam. Beeld Volkskrant Fotoredactie

Goed en fout

Graag werd na de oorlog de wereld ingedeeld in goed en fout, in dader en slachtoffer, waarbij de Nederlanders, op een paar na, natuurlijk altijd aan de goede kant stonden. Dat leidde tot enige zelfoverschatting en zelfgenoegzaamheid. Nederland was misschien wel kleiner dan Duitsland, maar het was wel moreel superieur. En Nederland speelde natuurlijk het betere voetbal, hoewel de Duitsers toch vrijwel altijd wonnen.

Nederland werd het gidsland dat voortdurend met een opgeheven wijsvinger klaar stond om de ontwikkelingen in het buitenland te becommentariëren. Het foute of het kwaad bevond zich altijd buiten ons, in andere landen: het apartheidsregime in Zuid-Afrika, of Pinochet in Chili, of de Vietnamoorlog van de Verenigde Staten en natuurlijk altijd weer Duitsland. De oorlog was daarbij de ultieme legitimatie voor de anti-Duitse sentimenten. Ook daarom werd deze zo lang gekoesterd.

Het gevolg van deze moralistische houding was echter wel, dat er nauwelijks interesse was in het begrijpen en doorgronden van de ander en daarmee eigenlijk ook niet van jezelf. Snelle morele oordelen zijn een substituut voor kennis.

Gemakzucht

Een moraliserende houding leidt tot gemakzucht en geborneerdheid. Wanneer je moreel veroordeelt, hoef je immers verder geen interesse meer op te brengen. Moeilijke vragen worden met simpele goed-fout indelingen ontweken.

Langzamerhand is het beeld van de oorlog complexer geworden en bleken ook velen in Nederland niet echt goed te zijn geweest, terwijl Duitsland respect afdwong voor de wijze waarop het met zijn nationaal-socialistische verleden omgaat.

De zelfverzekerdheid sloeg in Nederland rond de eeuwwisseling om in twijfel en chagrijn, terwijl de Duitsers zich juist vrijer gingen bewegen en eindelijk de schroom om nationale trots te tonen lieten varen.

Niet langer negatief

Het Duitslandbeeld is sinds die tijd in Nederland in positieve zin omgeslagen en de oorlog wordt nauwelijks nog genoemd als iets wat de relatie belast. Duitsland wordt nu gewaardeerd als een open, democratisch en gastvrij land. Opmerkelijk is dat daar waar in enquêtes vroeger op de verschillen tussen de beide volkeren werd gewezen, nu de overeenkomsten worden beklemtoond. Duitsland is niet langer het negatieve afzetpunt. 70 jaar na de bevrijding is de normalisering voltooid.

Dit mag echter geen aanleiding zijn om tevreden achterover te leunen. De zelfgenoegzaamheid en de moralistische houding zijn op andere vlakken nog springlevend. Alleen richtten we ons nu op andere groepen: in plaats van de Duitsers zijn het nu, afhankelijk van het thema, Zuid-Europa, Oost-Europa, immigranten, etc. En ook hier is wederom vaak sprake van een gemakzuchtige desinteresse in de ander.

Ondanks alle Europese integratie, is de daadwerkelijke belangstelling voor de volkeren in de andere lidstaten maar zeer beperkt. Het is blijkbaar eenvoudiger om in simpele stereotypen te blijven denken en in goed en fout. Met deze stereotypen wordt, zeker in de huidige crisis, overal in Europa weer vrolijk gestrooid. In onze strijd tegen deze nieuwe 'foute' Europese landen zien we Duitsland nu als een grote broer die we wel kunnen vertrouwen als het erom gaat de kastanjes uit het vuur te halen. Duitsland als de brede rug, of de buitendijk waarachter we graag schuilen.

De dialoog ontbreekt

Ook in het binnenland neemt de moraliserende zelfgenoegzaamheid en het denken in clichés hand over hand toe. In publieke discussies over bijvoorbeeld integratie, is de echte interesse in de ander vaak ver te zoeken. Aan beschuldigingen, vooroordelen, morele veroordelingen en platte generalisaties echter geen gebrek.

Discussies te over, maar aan dialoog ontbreekt het. Zelfs tolerantie is vaak slechts een synoniem voor onverschilligheid. Ook het antisemitisme met al zijn vooroordelen steekt de kop weer op. Soms lijkt het erop alsof we de vijand in welke gedaante dan ook nog steeds nodig hebben om tevreden een bekrompen wij-gevoel te creëren, dat zich aan een kritisch zelfonderzoek onttrekt. Kortom, dat Nederland Duitsland weer aan het hart drukt, betekent nog geen einde van het vijanddenken als zodanig en heeft Nederland nog niet genezen van zelfgenoegzaamheid en moralisme. 70 jaar bevrijding en vrijheid: er is nog veel werk aan de winkel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.