ColumnSheila Sitalsing

Het verzet in Paramaribo was noodzakelijk, hoopgevend en hartverwarmend

In de oorlog om de hoofden en de harten van de mensen sneuvelt de waarheid als eerste – dat hoef je Thierry Baudet niet uit te leggen. Tevens is het zaak zo veel mogelijk mensen op de been te krijgen, méér juichende aanhangers dan de tegenstander, de grootste menigte uit de geschiedenis van de mensheid – vraag maar aan Donald Trump.

Dus was het van belang om maandag heel precies vast te stellen hoeveel mensen naar het Onafhankelijkheidsplein in Paramaribo waren getrokken om hun woede te uiten over de leegroof van Suriname, de schaamteloze plundering van vreemde valuta bij de Centrale Bank, de voorthollende prijsstijgingen, de torenhoge leningen die zijn aangegaan bij buitenlandse woekeraars, de vervalsing van de geschiedenis over de militaire dictatuur uit de jaren tachtig, de minachting van de zittende president voor de rechters die hem onlangs veroordeelden wegens vijftienvoudige moord – de lijst loopt nog even door en achter veel grieven kun je ‘door de regering’ of ‘met medeweten en medewerking van de regering’ plakken.

Aantallen doen ertoe, want straks zijn er verkiezingen en als je alle theater eraf pelt, is politiek ook gewoon: meeste stemmen gelden.

Er waren dronebeelden van het volle Plein, honderden foto’s, liveverslagen van dierbare boots on the ground, en iemand die goed is met cijfers rekende het voor: zevenduizend mensen op het hoogtepunt van de demonstratie, conservatief geschat. Afgelopen weekend kreeg de regeringspartij NDP van Desi Bouterse een man of 2.500 op de been voor een feestje. En daar zijn altijd gratis dingen, bami en cola en zo, waarmee niet gezegd is dat die aanhang zwicht voor een bord linzen.

Een opsteker dus voor het verzet dat verbrokkeld en ietwat timide begon en dat zich gisteren luid liet horen. Met dappere teksten: ‘Wi no sa frede, wij zijn niet bang’ – een antwoord op de intimidatie van regeringszijde. Met lief-boze teksten: ‘Desi Bouta en de 40 rovers.’ Met droevige teksten: ‘Pakketten hebben van ons een bedelaar gemaakt’ – een commentaar op de gewoonte om stemmen te kopen met cadeautjes en een aalmoes. Met uitstekende teksten: ‘#BuckFouta’, want er mocht niet gescholden worden, daar zou streng op worden toegezien.

Op het podium, waar oppositiepolitici en actieleiders het woord voerden, ging het over de grootste bankroof uit de geschiedenis: het ‘verdwijnen’ van 100 miljoen Amerikaanse dollar aan kasreserves van de Centrale Bank. Het ging over de prijsstijgingen als gevolg van desastreus economisch beleid ‘dat iedereen in zijn zak voelt’. Het ging over mensen ‘die in het binnenland goud winnen met behulp van cyanide, in opdracht van hogerhand, en zo het land vernietigen om een klein groepje te verrijken’.

Het verzet is noodzakelijk – het land is na tien jaar wanbeleid en ongegeneerde corruptie over de rand van de economische afgrond gekukeld – en het is ontroerend. De democratische rechtsstaat is een teer bezit; over de hele wereld kun je zien hoe ze zomaar gehackt kan worden, gewoon van binnenuit, met hulp van wat demagogie en een strakke mediastrategie en dankzij een mensenmassa die naar stelligheid en grootsheid hunkert en blij is met een toegeworpen tientje om iets leuks van te kopen.

Een volk dat ‘wat jij kan kunnen wij ook’ zegt. Dat zich niet langer bang laat maken. En dat gaat terug hacken. Dat is hoopgevend. En hartverwarmend. ‘Laten we geloven’,  zei een demonstrant. Ja, laten we dat doen. Throw the rascals out.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden