ColumnSheila Sitalsing

Het sneuste wat je kan doen, is de revolutie uitroepen en er komt niemand

null Beeld

En dan ben je nieuw Kamerlid. Gekozen volksvertegenwoordiger, 31 maart word je beëdigd. Je bent van plan om je nieuw verworven macht te gebruiken om de politieke cultuur grondig te hervormen. Je hebt tegen vrienden gezegd dat je het parlement in wil om het vertrouwen in de politiek te herstellen (vroeger noemden ze dat ‘de kloof overbruggen’), omdat het tijd is voor bevlogen politiek. Omdat je voor dat soort dingen in het centrum van de macht moet zijn.

En dan stuurt iemand je interviews die kort na de eeuwwisseling zijn opgetekend door Gerard van Westerloo, een formidabele journalist die al veel te lang dood is, met mensen die toen jong en fris waren en nieuw in Den Haag. Sommigen zijn allang elders gelukkig geworden, een enkeling zou later omhoog klauteren op de Haagse apenrots, eentje zou premier worden.

Ze komen uit alle politieke windrichtingen en ze zeggen in 2002 allemaal dit: er is een kloof tussen kiezers en gekozenen, de politieke cultuur moet op de schop. Een vers Kamerlid van D66 klaagt dat een Kamerdebat over Irak niet over Irak gaat, maar is bedoeld om te laten zien dat er geen onoverkomelijke verschillen zijn tussen twee partijen die aan het onderhandelen zijn om met elkaar te gaan regeren: ‘Het ging nergens over, in elk geval niet over Irak, het ging over Den Haag’.

Een jonge staatssecretaris voor de VVD, net nieuw, hij heet Rutte, klaagt dat het parlement zich verliest in details die bij uitvoerende ambtenaren thuishoren, dat het er altijd maar over kleine partijpolitiek gaat en nooit over de grote lijnen, en dat hij 'het verroeste bestel het liefst zou laten ontploffen'. De nieuwe lijsttrekker van GroenLinks zegt dat er door al dat gepolder geen hindermacht is. Een vers Kamerlid van de PvdA zegt dat ‘de politiek in Nederland altijd aan de kant van de politiek staat en nooit aan de kant van de mensen’.

Twintig jaar later staat Pieter Omtzigt te vertellen dat er door al dat gepolder geen tegenmacht is in Den Haag en dat niemand aan de kant van de mensen staat. Twintig jaar later heeft de overheid burgers overreden, terwijl de Tweede Kamer erbij stond en ernaar keek, onder een regering die onder het motto ‘Vertrouwen in de toekomst’ opereerde. De kiezers hebben dit beloond.

De winnaar van de verkiezingen heeft tien jaar lang succesvol geregeerd dankzij kleine partijpolitiek en wegblijven van de grote lijnen. Hij heeft in de achterliggende jaren zijn onbedreigde populariteit geen seconde gebruikt om de weg te wijzen in moeilijke dossiers zoals de klimaatcrisis of de bestuurscrisis, en heeft een campagne lang succesvol mijnenvegertje gespeeld door elk lastig inhoudelijk dossier zorgvuldig onschadelijk te maken. De kiezers vonden het goed.

Alles stroomt, maar er blijft ook veel gelijk. In 2002 zei een van de geïnterviewden: het sneuste wat je kan doen is de revolutie uitroepen en er komt niemand.

Daar zit je dan als Kamerlid opnieuw te hopen op nieuwe kansen. Terwijl het grote formatiefluisterspel zich afspeelt. Want Rutte kán gewoon door met CDA en D66 – de vorige coalitie, maar dan zonder de ChristenUnie om D66 te steunen als er kinderen in Moria klem zitten of als de veestapel gehalveerd moet worden. Met ter rechterzijde een grote oppositie die op naargeestig nationalisme drijft. Het is de vraag of de kiezer die PvdA en GroenLinks heeft verlaten voor Sigrid Kaag het zo bedoeld heeft.

En daar sta jij dan als nieuw Kamerlid tussen, zachtjes de revolutie uit te roepen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden