Het opbouwen van een rechtsstaat vergt geduld, hoe frustrerend wij in West-Europa dat ook mogen vinden

Je kunt een rechtsstaat niet van buitenaf opleggen, al kan een beetje druk vanuit de EU geen kwaad, betoogt Maarten Stremler.

Eerste vice-president van de Europese Commissie Frans Timmermans Foto epa

De Europese Commissie heeft vorige week de lidstaten van de Europese Unie, vertegenwoordigd in de Raad, gevraagd om vast te stellen dat er in Polen sprake is van een dreigende schending van de rechtsstaat. Aanleiding voor het voorstel van de Commissie zijn de hervormingen van de rechterlijke macht door de Poolse wetgever. De regeringspartij Recht en Rechtvaardigheid (PiS) presenteert deze hervormingen als noodzakelijke zuivering van oude communistische smetten. De Commissie daarentegen meent dat het gaat om de doelbewuste uitschakeling van onafhankelijke rechtspraak.

De procedure die de Commissie heeft geactiveerd - het beruchte artikel 7 van het EU-verdrag - staat bekend als de 'nucleaire optie'. Deze aanduiding suggereert dat de EU beschikt over een indrukwekkend arsenaal aan juridische en politieke instrumenten om lidstaten die wat betreft de rechtsstaat uit de pas lopen weer in het gareel te brengen. Niets is echter minder waar. Afgezien van politieke druk uitoefenen kan de Unie maar weinig doen tegen ondermijning van de rechtsstaat in een lidstaat, zoals nu in Polen.

De procedure die de Commissie in gang heeft gezet zal waarschijnlijk hooguit leiden tot een formele waarschuwing door de Raad aan Polen. Zou de EU sancties willen opleggen, dan moeten namelijk eerst alle andere lidstaten vaststellen dat er sprake is van een ernstige en voortdurende schending van de rechtsstaat. Hongarije heeft al aangegeven zo'n besluit te zullen blokkeren, terwijl ook Tsjechië, Roemenië en Oostenrijk Polen weleens de hand boven het hoofd zouden kunnen gaan houden. Daarnaast is bijvoorbeeld ook het korten van Polen op bijdragen uit de EU-fondsen juridisch gezien geen optie, omdat die bijdragen niet gekoppeld zijn aan rechtsstatelijke voorwaarden.

Naast juridische en politieke beperkingen spelen echter ook nog andere, meer fundamentele beperkingen een rol. In de eerste plaats is het nog maar de vraag of het verstandig is voor de EU om werkelijk op te treden - hoe ernstig de ontwikkelingen in Polen ook mogen zijn. De recente escalatie is feitelijk koren op de molen van de Poolse regering, die nu meer dan ooit kan inspelen op de Poolse gevoeligheid voor nationale onafhankelijkheid. Tegenover een elite van onverkozen EU-bureaucraten staat een democratische regering die fier de nationale soevereiniteit verdedigt, zo luidt het verhaal van Jaroslaw Kaczynski, de leider van de regeringspartij. Wat vroeger 'Moskou' was, dat is nu 'Brussel'. Dat verhaal slaat heel aardig aan bij een groot deel van de Poolse bevolking.

Daarnaast geldt dat het opleggen van de rechtsstaat aan Polen, van buitenaf, waarschijnlijk niet gaat werken. De rechtsstaat is meer dan een verzameling regels en instituties: uiteindelijk gaat het om een juridische en politieke cultuur, die moet worden gedragen door de mensen zelf, 'van onderop'.

Maarten Stremler

De veranderingen die in Polen zijn doorgevoerd na het instorten van het communisme waren wat dat betreft tamelijk oppervlakkig. Achter een façade van liberale gezindheid schuilt veelal nog steeds een diep nationalistisch-conservatieve overtuiging, met soms zelfs een lichte voorkeur voor autoritair leiderschap. Mocht de EU daarin verandering willen aanbrengen, dan heeft het meer zin om bijvoorbeeld op de lange termijn te investeren in Erasmus-uitwisselingen voor studenten, dan in een snelle 'strafexpeditie'. Het opbouwen van een rechtsstaat vergt geduld, hoe frustrerend wij in West-Europa dat ook mogen vinden.

Vooralsnog is Polen een democratisch land, waar de bevolking uitmaakt wie de regering vormt. Zolang de regering de deur naar de macht nog niet heeft dichtgetimmerd, door bijvoorbeeld het kiesrecht ten eigen voordele aan te passen (al is ze daar wel mee bezig), zullen we daarom ons vertrouwen moeten stellen in de Poolse bevolking zelf. Ook al kan een beetje druk vanuit de EU geen kwaad, uiteindelijk is het lot van Polen aan de Polen zelf.

Maarten Stremler is promovendus Europees constitutioneel recht aan Tilburg Law School.

Meer over