ColumnAaf Brandt Corstius

Het meest shockerende: dat veel mensen nu pas lijken te beseffen dat racisme bestaat

Een van de shockerendste dingen van alle shockerende dingen vind ik dat veel mensen nu pas lijken te beseffen dat racisme bestaat. Dat het in alles en iedereen zit en overal in kan doordringen, als, tja, daar heb je het weer: een virus.

Ik heb twee jaar in Minneapolis gewoond, de stad waar George Floyd is vermoord. Die stad gold en geldt in Amerika – ik was 7 toen ik er woonde en 18 toen ik er opnieuw kwam wonen – als een progressieve stad.

Toen ik er als student woonde, was ik bevriend met een Amerikaanse jongen. Hoe ga ik zijn kleur omschrijven? Ik zeg altijd zwart, maar je moet ‘van kleur’ zeggen. Dat voelt ook niet correct, want ‘van kleur’ is iedereen. Ik ben bijvoorbeeld van beige-met-roze-stipjes-kleur. Of ben ik niet van kleur, en zijn anderen van kleur? En doen we dan alle wittige mensen in de ene categorie, en alle mensen met alle andere kleuren in de andere? Dat is raar.

Enfin, hij was donkerbruin. Ik was op de universiteit gekomen omdat ik een essay had geschreven en een studiebeurs had gekregen van een vereniging van vrouwen die jonge vrouwen studiebeurzen gaf. Hij was op de universiteit gekomen omdat hij op school alleen maar tienen had gehaald, en het was de bedoeling dat hij op de universiteit ook alleen tienen zou halen, anders zou zijn beurs worden stopgezet.

In zijn wimpers zat één witte haar. ‘Dat komt omdat een van mijn voorouders het met een slavendrijver heeft gedaan’, zei hij altijd. Dat er in zijn recente geschiedenis, en eigenlijk in zijn wimper, een slavendrijver zat, over wie hij losjes sprak, vond ik opzienbarend.

Een andere vriendin van mij was een Native American, een term waar ik meer mee kan omdat hij gewoon klopt. Ze was opgegroeid in een indianenreservaat in Minnesota en woonde net als ik op campus. Na een paar maanden kwam ik erachter dat ze nooit met de lift ging. Ze vertelde dat ze een keer in de lift had gestaan met het hele worstelteam. Ze hadden haar heen en weer geduwd en op haar gespuugd.

Verder was het daar net het walhalla. Je kreeg drie keer per dag warm eten in het cafetaria, iedereen kwam tien kilo aan, iedereen droeg sweatshirts en shorts met de naam van ons college erop en Birkenstocks eronder, in het weekend waren er feesten waar we uit rode plastic bekers drankjes met een zo hoog mogelijk alcoholpercentage dronken, aerobics was een vak waarvoor je punten kreeg. We deden veel aan linedancing: dat is die dans waarbij je allemaal op een rij staat en met kleine, knullige pasjes en klapjes beweegt op countrymuziek.

Dit weekend zag ik een filmpje op Instagram waarop inwoners van Minneapolis van elke kleur samen aan het linedancen waren. Dat is er nog steeds. Al het andere ook.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden