ColumnMax Pam

Het laatste waar dictators toe in staat zijn is de macht uit handen geven

Tien jaar geleden wilde ik per auto een reis te maken langs de concentratiekampen in Polen, die volgens de huidige Poolse wet geen Poolse concentratiekampen mogen heten, maar Duitse concentratiekampen. Lezer, blijf nog even bij me, we nemen zo een afslag.

Ik raadpleegde de kaart en zag dat concentratiekamp Sobibor niet ver lag van de Belarussische stad Brest-Litovsk. Je hoefde alleen maar de rivier de Boeg over te steken. In Brest-Litovsk moest je geweest zijn, vond ik, niet alleen om de prachtige naam, maar ook vanwege de geschiedenis die in 1918 de voorlopige Sovjetregering een vredesverdrag deed sluiten met de Duits-Oostenrijkse mogendheden. Europa zou er definitief door veranderen en ik vroeg mij af of in Brest-Litovsk nog schaduwen zichtbaar zouden zijn van Lenin en Trotski. Of van maarschalk Leopold van Beieren, die aan het oostfront het grootste IJzeren Kruis had verdiend.

Maar het bleek niet eenvoudig een visum te bemachtigen voor Belarus, vroeger Wit-Rusland ­geheten. Je moest daar familie hebben, maar ik kende er niemand. Ten slotte kwam ik terecht bij een bureautje dat het voor me kon regelen, maar inmiddels was ik bureaucratisch zo uitgeput dat ik het erbij liet zitten. Tot ik enige tijd later inderdaad langs de Boeg reed en een brug zag met een verkeersbord richting Brest-Litovsk. Ik nam de afslag met de gedachte: ‘We zien wel wat er van komt.’

Na enige tijd kwam ik terecht in een macaber niemandsland. Wat het meest opviel was de onafzienbare rij vrachtwagens die kilometerslang voor de grens te wachten stond. Chauffeurs lagen in het gras of zaten op hun motorkap, in de hoop op enige beweging. Uiteindelijk bereikte ik de grenspost, een aantal slordige gebouwtjes, bemand door douaniers en militairen. Aan de Poolse kant stonden ook krotten, waarin winkeltjes gevestigd waren, of garages vol autobanden. Ik meende zelfs een klein bordeel te zien, waar chauffeurs terecht konden als zij zich verveelden. Op barse toon werd ik teruggestuurd, wat ik niet erg vond, want ik besefte ineens dat ik het allerlaatste stuk had gezien van het IJzeren Gordijn. Churchill had er in 1946 over gesproken en het bleek nog te bestaan, maar voor hoelang nog?

Maandagavond keek ik samen met de Nederlandse schaker Genna Sosonko naar de ongelooflijke live-beelden uit Minsk. Zijn beide ouders zijn in Belarus geboren. Zijn moeder kwam uit Vitebsk, een stad die al veroverd is door Napoleon en waar ook schilder Chagall is geboren. Ik sprak met Sosonko over het lot van president Loekasjenko. Allereerst wees hij mij op een opmerkelijk detail. Terwijl Loekasjenko door de menigte wordt begroet met ‘Oechodi!’ (Ga weg!), wijst hij in zijn toespraak op het ­gevaar van buitenlandse mogendheden, die op het punt staan Belarus binnen te vallen. Als agressor heeft hij met name vijf landen genoemd: Litouwen, Polen, Oekraïne, Tsjechië en...­ Nederland! We weten het zelf misschien nog niet, maar volgens de Belarussische president is het Nederlandse leger mogelijk de Boeg al overgestoken, op weg naar Minsk. ‘Dat Nederland überhaupt wordt genoemd, daar kunnen wij best een beetje trots op zijn’, aldus Sosonko.

Over het lot van Loekasjenko is Sosonko niet optimistisch. De president zei: ‘Als je nieuwe verkiezingen wilt, moeten jullie eerst mij doden.’ Die opmerking moet heel serieus worden genomen, want hij kan geen kant meer op. Bij zijn eigen bevolking heeft hij elk krediet verspeeld en van de Navo-landen heeft hij evenmin steun te verwachten. Blijft over Poetin, maar volgens Sosonko wordt Loekasjenko door Poetin gehaat. Vergeleken bij ­Viktor Janoekovitsj, de verdreven leider uit Oekraïne, heeft Loekasjenko voor de Russen een nul-­status.

Door oost en west handig tegen elkaar uit te spelen, is Loekasjenko er steeds in geslaagd Poetin op afstand te houden. Belarus onder de grote paraplu van ­Poetin, is een droom die Loekasjenko in deugen heeft laten vallen. Belarus krijgt dan wel goedkoop gas en olie uit Rusland, maar de annexatie van de Krim heeft het nooit erkend. En dat voor een land, waar ze volgens Sosonko voornamelijk aardappelen verbouwen. Die slimme verdeel-en-heers moet Poetin enorm hebben geërgerd. Maar wat kan Poetin doen? Hij kan moeilijk een land binnenvallen, waar de opstandelingen geen onvertogen woord hebben geuit aan zijn adres. Mogelijke ‘hulp’ van zijn kant, wordt door de bevolking daarentegen ook niet op prijs gesteld.

Loekasjenko moet door de gebeurtenissen totaal zijn verrast. Eerst liet hij 33 Russische undercover-agenten arresteren, die in Minsk poolshoogte kwamen nemen. Toen het voor hem misliep, moest hij die ‘33 marsmannetjes’ gauw naar Moskou terugsturen en Poetin om steun vragen. Dan ben je loodzwaar de klos.

Het enige waarmee hij zich kan redden, is de macht uit handen geven, maar dat is het laatste waartoe dictators doorgaans in staat zijn.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden