Column Sheila Sitalsing

Het is uitermate ingewikkeld om ‘de burgers’ te vertegenwoordigen

Veel burgers’, zo valt te lezen in het Voorstel voor Hoofdlijnen van het Klimaatakkoord dat gisteren openbaar werd, ‘willen actief meedoen in de uitwerking van het Klimaatakkoord.’

Ons was weer niets gevraagd, en ook thuis zijn we reuze voor het klimaat, maar van de gedachte dat ik actief zou moeten willen meedoen aan ‘de uitwerking’ van wat dan ook kreeg ik acute hoofdpijn. Dus besloot ik uit te zoeken wie dat toch zijn, al die burgers die kennelijk staan te popelen om actief mee te doen aan een nog nader te bepalen uitwerking.

Het is zaak scherp op te letten wanneer iemand opschrijft dat ‘veel burgers’ iets willen, want lang niet altijd vloeien inzichten over de wensen van ‘veel burgers’ voort uit representatieve steekproeven met een 95 procent betrouwbaarheidsinterval. Soms baseert de auteur zich op een handvol tweets van willekeurige Russische twittertrollen, of op een gesprekje met het neefje van de achterbuurvrouw, of op drie voxpopjes in het Journaal van acht uur. Soms hebben we te maken met krachtig wensdenken van een beleidsmaker die van ganser harte hóópt dat ‘veel burgers’ ongeveer willen wat hij wil.

Voor het Klimaatakkoord is, aldus het hoofdlijnenvoorstel, gesproken met ‘een kleine 200 burgers’. Dat zijn mensen die zich hadden opgegeven om af te reizen naar een zaaltje in Assen, Rotterdam, Eindhoven, Amsterdam of Zwolle voor een vijf uur durende sessie. Wie dat wilde, en in de buurt was, en de tijd had, moest voor de zelfaanmelding naar een website, waarop stond: ‘We gaan er wel vanuit dat de deelnemers, net als wij, ervan overtuigd zijn dat we de CO2-uitstoot moeten verminderen.’

Ze noemden het burgerparticipatie. Helemaal conform de onderzoeksmethoden die ik lang geleden op de universiteit heb geleerd is het allemaal niet, maar het is wel een probate manier om te komen aan ‘veel burgers die actief willen meedoen aan de uitwerking van het Klimaatakkoord.’ Daarom verkiezen de boven ons gestelden burgerparticipatie boven referenda.

De burgerparticipatie is erin gefietst omdat er van de circa honderd vertegenwoordigende organen aan de verschillende overlegtafels niet eentje zit namens ‘de burgers’. Het is dan ook uitermate ingewikkeld om ‘de burgers’ te vertegenwoordigen  ondanks 150 vooruitgeschoven burgerposten in de Tweede Kamer wordt er luidkeels gejammerd dat de kleine man wordt belazerd, dus hoe zou zo’n burgervertegenwoordiging eruit moeten zien als het doel is om draagvlak te creëren bij de mensen die de dingen niet zo kunnen volgen? En bij de mensen die de ontwikkelingen met wantrouwen bezien? Vermoedelijk niet op zo’n rare manier als nu.

Dan is het wellicht beter als ‘burger’ niet te vertrouwen op het handjevol zelfaanmelders van de burgerparticipatierondes, maar op de talloze ledenorganisaties die wel aan tafel zitten: de Vereniging Eigen Huis, de ANWB, natuurclubs, woningcorporaties, vak- en consumentenbonden. Daar zijn pas ‘veel burgers’ lid van. En op politici die straks verantwoordelijkheid moeten nemen voor het Klimaatakkoord en die weten dat het ze stemmen gaat kosten als ‘veel burgers’ menen dat ze erbij inschieten  de grootste Haagse hobby’s zijn koopkrachtplaatjes en flankerend inkomensbeleid, dus met de gevreesde inkomenseffecten zal het wel loslopen.

Alleen: dat actief meedoen aan uitwerkingen, mag deze ‘burger’ dat ook tegen marktconform tarief uitbesteden?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.