Het is lente dus Eva Hoeke ging naar buiten: 'We werden alsnog overvallen door een bui'

Eva HoekeBeeld Robin de Puy

We hadden er lang op moeten wachten, maar op een vrijdagmiddag werd het alsnog lente. Schoonmaakster Bep ging met vliegende vaart langs de kozijnen en zei: 'Ik heb nog met Henny Huisman op school gezeten. Op het voortgezet lager onderwijs. Elke dag kwam hij me ophalen, en hij bracht me ook weer thuis.'

'O echt?', zei ik. 'Dus u was bijna mevrouw Huisman geweest.'

Bep: 'As-je-blieft niet. Al die beesten, weet je hoeveel werk dat is?'

We gingen naar buiten. Even later voer de fiets langs parken in bloei en drong nieuw leven onze neusgaten in, vers gekriebel door verstofte buizen. Ik voelde de zon op mijn armen en rilde: het maandenlange gemis van warmte dat zich mopperend manifesteerde. 'Kijk', zei ik, terwijl ik naar een poster wees. 'Dat gaan wij ook doen.' De Man vroeg wat een Bokketochie was, ik legde uit dat je dan van dorp naar dorp fietst om in de daartoe aangewezen lokaliteiten bokbier te drinken. 'Is dat hetzelfde als die kroegentocht in dat lintdorp hiernaast?' Ik schudde mijn hoofd.

's Middags werden we alsnog overvallen door een bui. Terwijl we schuilden in een portiek van een winkel kwam een vrouw naar buiten. Ze had golvend grijs haar dat bij elkaar werd gehouden door een speld en keek op het scherm van haar telefoon. 'Het is zo weer voorbij', zei ze, terwijl ze op een rood-blauwe vlek wees die over Nederland trok. Terwijl dikke druppels op straat kletterden en nieuwe geuren opstegen uit de kieren van de klinkers, dacht ik aan onze oppas, een meisje met zwartgeverfd haar en roze truien van joggingstof die naar wasmiddel roken. De laatste keer dat ze op de kinderen had gepast, had het geregend en had ze niet kunnen begrijpen dat wij naar het station waren gefietst terwijl er een auto voor de deur stond. 'Regen stinkt altijd zo', had ze met een vies gezicht gezegd. Stinkt regen?

Terwijl de neerslag overging in hagel keek de Kleinste (1) verbaasd van de lucht naar de straat. 'Die, die!', riep ze verrukt, en de gedachte aan alle eerste keren die ze nog zou meemaken, stemde niet alleen mij mild. 'Mooi hè', zei de vrouw met de telefoon terwijl ze naar het kind keek. 'Sinds kort wonen mijn kleinkinderen weer bij mij. De een 12, de ander 15.' Een hele klus, maar ze haalde haar schouders op. 'Gewoon niet druk over maken. Het geheim van het hele leven.'

Even later was de bui voorbij en brandde de zon de druppels weg, alsof er nooit iets gebeurd was. De tocht ging voort, over de brug nu, richting de kermis op het Marktplein.

Met de Kleinste op mijn buik keek ik toe hoe de Man voorkwam dat de Dochter (2) tijdens de rit uit het brandweerwagentje van de draaimolen klom, even verderop stond een vader bij de boksbal zijn mannelijkheid te bewijzen tegenover zijn vrouw en zijn dochtertje. Bij de grijp-automaten zag ik hoe hij geheel tegen de kansberekening in een roze olifant te pakken kreeg. 'Hoppa', zei hij en keek mij voldaan aan, de knipoog kwam toch nog onverwachts.

Op de terugweg kwamen we langs een plantsoen met narcissen en krokussen, een legioen van goudgeel en koninklijk paars, trompetterend waren ze ontwaakt, de moed en manie van ontluikend leven perfect weergegeven. In de deuropening van een van de rijtjeshuizen stond een vrouw hoogzwanger een sigaret te roken.

eva.hoeke@volkskrant

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden