Opinie180 graden

‘Het is grote kunst als je in staat bent om je te blijven ontwikkelen’

Saxofonist Benjamin Herman (52) veranderde van mening over zijn muzikaliteit.

Altsaxofonist Benjamin Herman: ‘Overal de hardste zijn is op een zeker moment niet zo interessant meer.’Beeld Ivo van der Bent

Oude standpunt

‘Je moet zo hard mogelijk saxofoon spelen. Dat is dé manier om mensen te raken. Je moet er stáán, de luidste zijn. Imponeren.

‘De muzikanten die ik als jongen bewonderde, speelden ook hard. Kenny Garrett, Bob Berg: beiden saxofonisten in de band van Miles Davis. Ze bliezen als boze mannen, alsof ze woest waren op hun instrument. Dat nam ik over, deels ook omdat mijn eerste muzikale liefde punkmuziek was. Die agressieve stijl sprak tot mijn verbeelding. Dat heeft me veel gebracht: als jonge muzikant speelde ik vier à vijf avonden per week in kroegen en dan is het handig als je niet van versterking afhankelijk bent en boven een drummer uit kunt komen. Hard blazen was voor mij als jonge saxofonist de enige manier om publiek te bereiken.’

Kantelpunt

‘Ik nam in 2007 het nummer Nothing’s Any Good op met Wouter Hamel en kwam erachter dat de muziek beter tot zijn recht kwam als ik zachtjes speelde. Dat had ik nog nooit gedaan. Ten tijde van die plaatopname was ik bijna 40 en voor het eerst merkte ik: als iemand naast je aan het zingen is, en jij komt er op je allerhardst – WHAHAUHA! (Herman roept en slaat zijn vuist vooruit) – doorheen tetteren… Je blaast het uit elkaar. Het kon anders en na afloop was ik zó onder de indruk van de opname. Er ontstond een ander saxofoongeluid.

‘Ik zag in dat ik het hard blazen als stijl had uitgemolken. Het is voor een muzikant belangrijk om platen te maken, en als je zoals ik er elk jaar minstens twee maakt, moet je ervoor waken dat ze niet op elkaar gaan lijken. Bovendien was het fysiek belastend: hoe harder je blaast, hoe groter de druk op je hersens. Hard spelen had een kwaliteit, zeker als je samenspeelt: WHAAM!, je knalt er zo doorheen. Zonder dat je iets indrukwekkends hebt gedaan, sta je boven op de rots. Maar overal de hardste zijn is op een zeker moment niet zo interessant meer. Dat besef was voor mij een grote stap: mijn muzikale identiteit bleek ik te kunnen veranderen.’

Nieuw standpunt

‘Juist als je niet hard blaast en niet voor het bombardement gaat, boor je een rijkheid aan. En dan raak je misschien nog wel meer. Ik ben na die ontdekking stijlen en effecten gaan verkennen die ik nooit eerder had geprobeerd.

‘Bovendien merkte ik dat het publiek anders reageerde omdat ik niet langer het hele concert stond te gillen op mijn saxofoon. Intiemer spelen is als zachtjes praten: mensen leunen naar voren en moeten iets meer moeite doen om je te volgen. Het gebruik van dynamiek deed ik nooit, expres niet. Dat vond ik effectbejag. Mijn boodschap was: angry young man. Dat heb ik lang volgehouden. Ik kreeg als jonge jongen al regelmatig te horen: ‘Jezus wat een herrie, kan het wat zachter!?’ Het heeft even geduurd…

‘Je moet je dogma’s de deur wijzen. Anders loop je het risico je leven lang eenzelfde boodschap af te geven. Dat geldt ook buiten de muziek: het is grote kunst als je in staat bent om je te blijven ontwikkelen. Dat je dingen anders durft te doen. In mijn geval was ik stug in mijn opvatting hard te spelen. Dat was ook het overcompenseren van onzekerheid. Je bent fragieler als je zacht speelt. Ik weet nu: dat is niet erg.

‘Het stoppen met louter hard blazen levert een rijkdom op. Je kunt besluiten een liedje op andere manieren te gaan spelen. Het geeft vrijheid nummers naar je hand te kunnen zetten. Maar je moet je wel eerst realiseren dat het mogelijk is.

‘Juist als jazzmuzikant is het lastig je houvast te bevragen. Bij klassieke muziek staat precies aangegeven waar het zachtjes moet, en in welk tempo. De nuances zijn beschreven, de persoonlijke ruimte is hoe je die interpreteert. Maar als jazzmuzikant ontbreekt de houvast, er zijn geen regels. In de jazz moet je daarom al op jonge leeftijd je eigen kaders creëren, en daarmee je muzikale identiteit. Voor mij getuigt het van groot kunstenaarschap als je die kaders kunt verleggen.’

Het effect

‘Het effect is tweeledig: voor het publiek verandert de impact, concerten worden intiemer. Voor mij is het een verrijking van mijn muzikaliteit: het heeft tal van experimenten en nieuwe geluiden opgeleverd. Albums waar ik trots op ben, samenwerkingen met vocalisten die anders nooit hadden gekund. De plaat met de jonge zanger Daniel von Piekartz bijvoorbeeld, of mijn samenwerking met Ruben Hein.

‘Ik ben mezelf gaan verrassen en heb mijn oeuvre verrijkt. Zoals mijn vrouw zegt: alsof het een saxofoon is met een zuchtje erin. Je speelt alsof je bij iemand in het oor kruipt.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden