Column Harriet Duurvoort

Het grootste taboe: huiselijk geweld door je verstandelijk beperkte overprikkelde kind

Het is een ochtend als zo veel andere ochtenden. Mijn zoon moet naar school, maar wil niet. Hij is bang voor een klasgenootje, zegt hij. Al sinds hij woorden heeft, anderhalf jaar. De gedachte naar school te moeten, brengt paniek en soms blinde woede. Krijsen, slaan, schoppen, krabben. Ook nu. Hij is op een gegeven moment zo boos dat hij niet meer te bereiken is. Dan een schop die zo’n pijn doet dat tranen in mijn ogen schieten. Huilend bel ik school. Dit houd ik niet vol. Voor de zoveelste keer; we zijn er al een tijd mee bezig. Wat er precies speelt, dat blijft gissen. Want op school gedraagt hij zich voorbeeldig.

Ik blijk te zijn vergeten dat er een studiedag is. ‘Je hoeft niet, je bent vrij!’, roep ik tegen mijn nog steeds razende kind. De woede ebt binnen een minuut weg.

Ik adem uit, kan even gaan zitten om het nieuws te lezen. Als ik Twitter open, kan ik het niet laten er iets over te zeggen. Ik volg veel ouders van kinderen met een beperking en die zijn een bron van nuttige tips, herkenning en troost. Ik tweet: ‘Het grootste taboe: Huiselijk geweld (dagelijks) door je verstandelijk beperkte overprikkelde kind. En het grootste verdriet. De vellen hangen weer van mijn armen. Mijn schenen zijn kapot. Ik haal zo deze tweet weg. Maar dit is mijn realiteit.’

Ik voel me schuldig, maar het lucht ook op. Mijn kind is op geen enkele manier verantwoordelijk voor de wijze waarop hij zijn paniek en zijn onmacht uit. Maar dit tweetberichtje is een uiting van mijn eigen onmacht. Als ik het na een uur besluit te verwijderen, zie ik dat het belachelijk veel gedeeld is. Vriend, vijand, trollen zelfs, stuurden een zee van hartjes. Collegajournalisten vragen me of ze iets kunnen betekenen. Ouders van kinderen met een beperking herkennen het en zijn blij dat ik het bespreekbaar maak. Maar ook mantelzorgers van dementerenden. Daarmee steken ze me een hart onder de riem. Die middag belt de NOS zelfs. Oh my. Ik besluit de tweet niet te wissen.

Tot nog toe hield ik het het liefst voor me. De buitenwereld reageert lang niet altijd zo hartverwarmend. Als een woedeaanval buiten gebeurt bijvoorbeeld. Niet zelden gaan voorbijgangers in een kring om je heen staan als je door je kind in elkaar geslagen wordt, een top-attractie. Die rollende ogen: meewarig. Keurend. Men werpt je supermarktblikken toe, zoals ik het noem. Want het lijkt precies op hoe ze naar een woedende peuterpuber staren die krijsend door de supermarkt gesleept moet worden. Die peuterwoede is er bij mijn kind nog steeds. Cognitief is hij volgens de psycholoog nog altijd een peuter, terwijl hij inmiddels een flink joch van ruim 8 is. Dit moet onder controle komen voordat hij echt begint uit te schieten, voor hij pubert, smeek ik de hulpverleners altijd. Als hij een uit de kluiten gewassen jongeman is, kan je je voorstellen hoe gevaarlijk zo’n woedeaanval is.

Bij het artikel dat de NOS naar aanleiding van mijn tweet publiceert, schetst Joli Luijckx van de Nederlandse Vereniging voor Autisme de politieke context van blauwgeschopte schenen. Er rust een taboe op dit onderwerp omdat ouders de maatregelen vrezen die instanties kunnen nemen wanneer een kind vaak of voortdurend agressief gedrag vertoont. ‘Als jouw kind om die reden zorg nodig heeft, wordt daar regelmatig melding van gemaakt bij Veilig Thuis (ook wel bekend als het Advies- en Meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling, red.). Ouders zijn daar bang voor, ze willen niet dat hun kind onder toezicht wordt geplaatst.’ En: ‘Gemeenten moeten jeugdhulp regelen, maar die laten steken vallen. Gezinnen met een agressief kind worden regelmatig afgescheept met een goedkope opvoedcursus of andere niet passende hulp. Er is veel te weinig maatwerk. Ouders zijn overbelast en voelen zich machteloos.’

Dat is ook in onze situatie helaas zeer herkenbaar. Over jaren pappen en nathouden weer een andere keer.

Wat ik wel kwijt wil, is dit: die boze buien zijn hem niet. Hij is het liefste jochie van de hele wereld en hij maakt me intens gelukkig, als hij ontspannen is. Zijn natuur is blij, hij heeft de zonnigste glimlach, het aanstekelijkste schateren over de grapjes die alleen hij eigenlijk begrijpt. Hij is ondanks zijn beperking nieuwsgierig en creatief. Dat is wie hij is, 80 procent van de tijd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden