Het gevaar van Clinton zit in de consensus

Een stem voor Hillary, zo suggereert de Clinton-campagne voortdurend, is niet zomaar een stem voor een Democraat, maar meer: het is een stem voor veiligheid boven risico, standvastige competentie boven opscheppende roekeloosheid, psychologische stabiliteit in het Witte Huis boven onregeerbare passies.

Hillary Clinton spreekt in april tijdens een bijeenkomst van een vakbondsfederatie. Beeld ap

Hillary herhaalt dit succesvolle refrein in haar debatten en in de campagne om goede redenen. Een stem op Trump brengt een waslijst aan 'slechtst mogelijke uitkomsten' - het uiteenrafelen van de westerse alliantie, een cyclus van binnenlandse radicalisering, een economische instorting, een civiel-militaire crisis - dichterbij dan om het even welke normale regering.

Trump en zijn aanhangers geven dat ook bijna met zoveel woorden toe. 'We hebben een normale benadering geprobeerd, laten we nu gek proberen' - dat lijkt het motto van zijn campagne. De belofte een olifant in de porseleinkast te worden is onderdeel van zijn demagogische aantrekkingskracht. Sommige van zijn aanhangers hebben een stem op Trump vergeleken met het bestormen van een cockpit van een gegijzeld vliegtuig, waarbij de kans op neerstorten is meegenomen in de berekeningen.

Maar niet stemmen op de 'crash'-kandidaat betekent niet dat je de risico's van zijn rivaal moet negeren.

De gevaren van een presidentschap van Hillary Clinton zijn bekender dan de autoritaire 'onbekenden' van Trump, omdat we er al dagelijks mee leven. Het zijn de gevaren van groepsdenken, van aanbidding van de macht, van de cultus van presidentiële actie in dienst van dubieuze idealen. Het zijn de gevaren van roekeloosheid en radicalisme die zichzelf niet herkennen als zodanig, omdat ze overtuigd zijn dat als een idee mainstream is en ingeburgerd bij de groten en de goeden het geen gekheid kan zijn.

Bijna alle crises die het Westen de afgelopen vijftien jaar hebben geplaagd hebben wortels in deze vorm van establishment-gekheid. De Irak-oorlog, die progressieven zich herinneren als een conflict dat ons werd opgedrongen door een groepje neoconservatieve denkers, was in feite het werk van een interventionistische consensus die door beide partijen heen liep. George W. Bush trok er hard aan, maar de gedachte werd ook door veel centrumlinkse opiniemakers omhelsd - inclusief Tony Blair en meer dan de helft van de Democraten in de Senaat.

Hetzelfde met de financiële crisis: het beleid dat de excessen verergerde werd omhelsd door beide vleugels van het politieke establishment. Idem met de euro: een heel slecht idee waar alleen gekken en Britse nationalisten tegen durfden te zijn tot de Grote Recessie duidelijk maakte wat voor een potentieel economisch ruïneuze waanzin het was. Hetzelfde met Angela Merkels grandioze en roekeloze opengrenzengebaar: ze werd de heldin van duizenden hommages terwijl ze haar continent overleverde aan polarisatie en geweld.

Deze geschiedenis van gekte van de elite verklaart deels waarom de VS nu een 'laten we gekte proberen'-kandidaat hebben in de ze verkiezingen, en waarom er zoveel Trump-achtige partijen floreren in Europa.

Je kunt naar Trump kijken en te veel risico's zien van een nog grotere ramp, te veel gevaren om een alternatief te kunnen bieden voor de blunderende status quo... terwijl je tegelijkertijd naar Clinton kunt kijken en een vrouw zien wiens staat van dienst de tendenties belichaamt die het Trumpisme de wind in de zeilen gaven.

Want wat echt bijzonder aan Clinton is, meer nog dan aan Bush of Obama, is hoe weinig voorbeelden er zijn dat ze ooit met de consensus in de elite gebroken heeft in zaken van staatsmanschap.

Ze was voor de Irak -oorlog toen iedereen ervoor was, tegen het sturen van meer troepen naar Irak toen iedereen dat land al had opgegeven, en weer een onverbloemde havik in Libië een paar jaar later. Ze was een Rusland-duif toen de media Mitt Romney bespotten als Rusland-havik; nu is ze net als iedereen in Washington een Rusland-havik op een moment dat wellicht vraagt om deëscalatie.

Ze citeert Merkel als een modelleider, ze wordt omgeven door adviseurs die klaar staan voor escalatie in Syrië (details worden later uitgewerkt) en ze lijkt - net zoals haar Goldman Sachs-publiek - vastbesloten sereen boven de storm van nationalisme te zweven, in plaats van vraagtekens te plaatsen bij om het even welke aanname van haar klasse.

Vladimir Poetin en Hillary Clinton, in hoedanigheid van minister van Buitenlandse Zaken, tijdens een ontmoeting op APEC in 2012 in Vladivostok. Beeld reuters

Het goede nieuws is dat ze niet utopisch is; ze is pragmatisch en koppig, dus zal niet snel iets doen dat de kosmopolitische hoofdsteden in Europa of Amerika radicaal, gevaarlijk of dom zouden vinden.

Maar in die gevallen waar de kosmopolitische stellingname niet redelijk is of veilig, in die gevallen waar de westerse elite halfgek kan worden zonder het te beseffen, vertoont Hillary Clinton alle tekenen van iemand die net zo goed mee zal marcheren naar de gekte als haar gelijken.

© The New York Times

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.