OpinieRacisme

Het gesprek dat mijn ouders nooit met mij hoefden te voeren

De grote betogingen in Nederland tegen racisme bij de politie in de VS laten zien hoeveel mensen ook hier nog altijd rassendiscriminatie ervaren. Kinderen  van kleur wordt al vroeg geleerd hoe zich onopvallend te gedragen. Dat was niet nodig bij Marina de Haan (Nederlandse vader, Caribische moeder). Ze vertelt waarom niet.

De betoging tegen racisme in Rotterdam, 3 juni, naar aanleiding van de dood van George Floyd. Beeld Getty Images

Ik ben de dochter van een Nederlandse man, een Amsterdammer om precies te zijn, en een Caribische vrouw uit Curaçao. Ik ben nu 33 jaar. Ik studeerde journalistiek in Utrecht, reisde de wereld rond en woonde en studeerde in Davos, Sydney, Athens, Ohio en Curaçao. Ik schrijf gedichten in het Nederlands en Engels en nu werk ik onder meer als verslaggever voor het Noordhollands Dagblad. Ik ben nooit voor ‘Zwarte Piet’ uitgemaakt noch ben ik uitgescholden op straat of belaagd vanwege mijn huidskleur.

Mijn ouders hoefden nooit het gesprek met mij te voeren. Het gesprek waarin ze vertellen dat ik twee keer zo hard moet werken dan witte mensen. Het gesprek waarin ze zeggen dat mijn kleur tegen me werkt. Ze hoefden me niet te waarschuwen dat mensen tegen me zeggen: ‘Wat praat je goed Nederlands’. Of: ‘Je bent best mooi voor een gekleurde’. Ze hoefden me niet te waarschuwen dat mensen denken dat ik lui ben of bang zijn dat ik steel.

Nee, ze hoefden dat allemaal niet tegen me te zeggen. Want al ben ik de dochter van een Caribische vrouw, ik ben nogal wit uitgevallen. 

Mijn benen zijn als melkflessen, zeg maar. Maar vrienden van mij hebben dat gesprek wel gehad. Vrienden van mij worden van alles genoemd op straat, vrienden van mij worden uitgescholden zonder reden, behalve de kleur van hun huid. Als ik met vriendinnen de supermarkt in ga, dan nemen zij een mandje mee, want ‘straks denken ze dat we stelen’.

Ik neem nooit een mandje mee. Ik stopte zelfs weleens de spulletjes van het Kruidvat in mijn Zoete-Liefde-canvastasje. Bij de kassa haalde ik alle spulletjes er weer uit (daar ben ik mee gestopt trouwens). Maar ik word niet beschuldigd van stelen, ik word niet mee naar achter genomen om de beveiligingscamera’s te bekijken, ik ben niet schuldig totdat ik onschuldig word verklaard.

Maar mijn mooie moeder wordt afgesneden in winkels, witte mensen dringen voor bij de fysio, ze geven haar afkeurende blikken, buren schreeuwen dat ze terug moet naar haar eigen land. Racisme is subtiel in Nederland, maar het is er wel degelijk. En white privilege is er ook. En al die mensen die nu van hoge torens blazen om te zeggen dat het er niet is: je hebt het mis. Je hebt het zo vreselijk mis.

Ik hoop dat dit een tijd is waarin we empathisch en geduldig luisteren naar elkaar. Dat we de mensheid liefhebben. Alle mensen, maar nu vooral black lives. Ik hoop dat dit niet enkel woorden zijn, dat we niet enkel de trend volgen, ik hoop dat we nu niet alleen zwarte vierkantjes op sociale media plaatsen, maar vooral ook acties eraan verbinden. Ik hoop vurig dat we voor elkaar blijven opkomen, want dit moet stoppen. Dit moet écht stoppen.

Marina de Haan is oprichter van het creatieve bureau Zoete Liefde.

Selfie van Marina de Haan en vriendinnen.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden