Column Jean-Pierre Geelen

Het geloof in het einde der tijden is verleidelijk en wijdverbreid

Dan heb je negen jaar in een kelder in Ruinerwold geleefd, je komt naar boven, de ogen knipperend van het daglicht - en dan zie je dat de wereld geregeerd wordt door boze blokkeerboeren. Het is maar een van de vele intrigerende kanten van een bizar drama in het plattelandsbestaan. ‘Vader met zes kinderen zit jaren in kelder Ruinerwold: familie wachtte op eind der tijden’, kopte RTV Drenthe. We kennen het van verre volken, maar Ruinerwold?

Veel weten we niet, de eerste berichtgeving was warrig. In hun ondergrondse tijdcapsule hadden de kinderen geen weet van medebewoners op aarde. Leefden zij (18 tot 25 jaar) vóór hun kelderbestaan onder een steen?

Toch: elk detail spreekt tot de verbeelding. Zoals de vraag waarover ieder weleens mijmert (zo niet droomt) is: kun je – zelfvoorzienend - van de radar verdwijnen en ‘weg’ zijn in een wereld vol camera’s en satellieten? Heeft niemand deze mensen gemist? Waren er geen familie, vrienden, buren, klasgenoten? Hadden ze geen water, gas, elektriciteit? Waren ze nooit ziek?

Het klinkt als iets van vroeger, maar evengoed zou het drama kunnen wijzen op iets hedendaags: het verlies van sociale controle in kleine gemeenschappen. Waar ooit het dorp de bindende (of benauwende) factor was, zijn we nu zo geïndividualiseerd dat een heel gezin jarenlang ongezien kan blijven. Verontrustend en geruststellend tegelijk.

Volgens de berichten wachtte het gezin op het einde der tijden. Misschien is dat niet waar; intrigerend is het wel. Het geloof in de ondergang is zo oud als de mensheid. Ik, onbezoldigd huiskamerpsycholoog, hou het op gesublimeerde doodsangst.

Volgens Wikipedia is dat einde minstens 46 keer eerder voorspeld, van het jaar 156 door Montanus tot in 2060 door Isaac Newton, die dat had afgeleid uit verborgen boodschappen in Bijbelteksten. Sterrenkijker Nostradamus voorzag het einde ‘ergens tussen 1997 en 2007’.

Een van de laatste Nederlanders die de ondergang voorzag, was Lou de Palingboer, een visser in wie zo’n 600 volgelingen de Messias zagen, iets waar hij zelf ook in ging geloven. Hij voorspelde de apocalyps voor 1961, later 1968 en toen maar voor 18 maart 1972, zij het niet voor hem. Daarin had hij gelijk: zijn einde kwam op 23 maart 1968. Wij achterblijvers tasten bevend in het duister.

Je zou zeggen dat de mens van al die misrekeningen heeft geleerd, maar zo werkt dat niet met doodsangst. Het geloof in het Einde is verleidelijk en wijdverbreid. Van Jehova’s Getuigen, tot een groeiend leger ‘preppers’ als Jeroen van Koningsbrugge, die de ondergang afwacht met ladingen vol ‘gevriesdroogde shit’, zei hij in deze krant.

Ik geloof ook in het einde der tijden, vooral de mijne. Een datum wil ik niet weten. Wist ik die, dan ging ik niet vreugdeloos vrezen in een kil keldertje. Ineens begrijp je waarom Van Koningsbrugge liever lallend ten onder gaat in een warme studio met Linda de Mol en Guus Meeuwis.

De werkelijkheid in Ruinerwold is, hoe onbekend nog, triest genoeg. Er zit een roman in het verdwijnen; Bernlef hing er een heel oeuvre aan op. Lazen de Ruinerwolders Belcampo’s Het grote gebeuren, waarin het Laatste Oordeel over de bewoners van het plattelandsdorpje Rijssen wordt geveld, voor café Koenderink (‘Het viel erg mee, wel 60 procent vond genade’)?

Alles wil ik weten over deze zaak. Ik kan niet wachten op de literaire non-fictieversie van dit drama. Laat ze de boekpresentatie vast plannen. Voor je het weet is het te laat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden