Ariejan Korteweg In Swifterbant

Het einde van Stichting Veldleeuwerik: een organisatie die precies doet wat nodig is

Achttien jaar geleden was er een groepje boeren dat deed waaraan in deze tijd grote behoefte is: ze gingen zich op duurzaamheid toeleggen. Met kleine stapjes en elk jaar een beetje meer. Geheel vrijwillig was dat en de kosten waren te verwaarlozen. Die boeren zochten elkaar op aan de keukentafel, leerden van elkaar en van adviseurs. Ze pionierden. Altijd was er wel één die wat nieuws probeerde, dan konden de anderen kijken of dat voor hen ook kon werken.

Er waren bedrijven – Heineken, SuikerUnie, Unilever, Hak, Agrifirm, Koopmans Meel – die er wat geld in stopten. Geen grote bedragen, hooguit enkele tienduizenden euro’s per jaar.

Er kwam een naam, Stichting Veldleeuwerik, niet toevallig een vogeltje dat het zwaar te verduren heeft. Het aantal aangesloten boeren groeide, het zijn er zo’n 330 inmiddels, verenigd in groepen van een man of tien in alle provincies. Veldleeuwerikboeren beheren samen zo’n 40 duizend hectare akkerbouwgrond. Wie zich aan de afspraken van Veldleeuwerik houdt, krijgt een certificaat en een beetje rentekorting bij de Rabobank.

Jan van 't Hul: ‘Alles draait om de grond.’

Een kleine vijftig van hen kwam dinsdagavond voor een kennisbijeenkomst naar zaal Shortgolf, aan de rand van Swifterbant. Buiten heerst het donker van de Flevopolder, binnen gaat de presentielijst rond en gloeit de powerpoint. Vier keer een half uur stoomcursus: over het bewaren van gewassen in een nat seizoen; over slimme bemesting door de jaren heen; over groene gewasbeschermingsmiddelen en over hoe je insecten met insecten bestrijdt. Vooral dat laatste is fascinerend. Stel je voor: een drone vliegt over een veld aardbeien en loost systematisch roofmijten, honderd per vierkante meter, die de trips gaan opeten. De toekomst is aangebroken.

Dat geldt niet voor Veldleeuwerik. Veldleeuwerik stopt. Niet omdat de verduurzaming is voltooid, of omdat de animo is verdwenen. Het is een geldkwestie. Er haken bedrijven af, die denken hun zaken beter te behartigen door boeren te steunen die met de trekker naar het Malieveld rijden. Liever boze dan duurzame boeren. En de overheid, die volgens minister van Landbouw Carola Schouten ‘ten zeerste betreurt’ dat het zo ver moet komen, komt niet met subsidie over de brug.

Hedwig Boerrigter: ‘Niemand komt over de brug.’

Eerder die dag sprak ik Hedwig Boerrigter, als directeur van Veldleeuwerik bezig aan een afscheidstournee langs de groepen. Met twee ton erbij zouden we gered zijn, vertelde ze. Klimaatcrisis, bodemkwaliteit, stikstof, biodiversiteit, er is zoveel aan de hand. ‘Iedereen zegt: jullie moeten blijven, jullie zijn veel te belangrijk voor de sector. Maar niemand komt over de brug.’

Maatschappelijke partijen moeten instappen, vindt Boerrigter. Daarbij dacht ze dus aan het ministerie, maar ook aan de Universiteit van Wageningen. ‘Die hebben altijd boeren nodig voor proefprojecten. Laten ze ons adopteren.’ Haar theorie: ‘Klopte ik nu aan met precies dit plan voor verduurzaming, dan waren ze blij. Maar omdat we al zo lang bestaan en vanzelfsprekend zijn geworden, stapt niemand in.’

Er zijn Kamervragen gesteld, er is een verkenner benoemd die de erfenis moet veiligstellen. En dan is het over. Dat beseffen ook de boeren in Swifterbant. ‘Diep triest dat het moet stoppen’, vindt Jan van ’t Hul uit de Haarlemmermeer, die naast me zit bij de stoomcursussen. ‘Je moet het met de grond verdienen. Alles draait om de grond.’ Ploegen doet hij niet meer, dat is slecht voor de grond. Het is omwoelen geworden. Zijn trekker is ook een stuk kleiner dan die van de buren. Zware trekkers zijn slecht voor de grond.’

‘Trips komt van stress bij de planten’, weet Van ’t Hul, terwijl we naar het filmpje van de drone met roofmijten kijken. ‘Die moet je voorkomen. Zo’n drone is symptoombestrijding. Ik zoek liever naar de oorzaken in het grondgebruik.’

Dat het ministerie niet meedoet met Veldleeuwerik? Verschrikkelijk, vinden de boeren hier. ‘Wij delen alles met elkaar. Je stelt je kwetsbaar op, dat verdient steun’, zegt Van ’t Hul. ‘Je loopt toch altijd in je eentje op je erf’, vult Co Straven uit Flevoland aan. ‘Het is goed om met collega’s te sparren.’

Leo en Annuska de Jong de Leeuw: ‘Weerbare bodem.’

Leo en Annuska de Jongh de Leeuw kochten vier jaar geleden een voormalige veehouderij bij Wijhe, die ze omvormen tot een duurzaam akkerbouwbedrijf. Hun Veldleeuwerikgroep – Flevo VII – gaat gewoon door, hebben ze afgesproken. ‘We willen een weerbare bodem. Dat kunnen we niet alleen. Je informatie moet je ergens vandaan halen.’

‘Zo’n organisatie zou je op de been moeten houden’, zegt een dag later Jacco Geurts, landbouwwoordvoerder van het CDA, als ik hem er in de Kamer op aanspreek.

De grote vraag is: wie gaat het doen?

AANVULLINGEN& VERBETERINGEN

In een eerdere versie van dit artikel stond dat Swifterbant in de Noordoostpolder ligt. Correct is: Flevopolder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden