Opinie Dividendbelasting

Het ‘dividendspel’ dat nu gaande is, kent uiteindelijk geen winnaars

Het debat over afschaffing van de dividendbelasting wordt veel te eenzijdig gevoerd. Er speelt veel meer, aldus interim transitie manager Guido ten Brink.

Tweede Kamerdebat over dividendbelasting. Premier Mark Rutte en Minister Eric Wiebes van Economische Zaken en Klimaat (VVD) overleggen tijdens Kamerdebat over dividendbelasting, 16 maart. Beeld Martijn Beekman

De discussie over het afschaffen van de dividendbelasting is volledig op hol geslagen. Veel tegenargumenten zijn gemaakt vanuit macro-economisch perspectief, als volgt samen te vatten: ‘we moeten de dividendbelasting niet afschaffen, laat de hoofdkantoren dan maar vertrekken, die paar banen kunnen we wel missen.’

Ik heb ooit als bedrijfseconoom op een hoofdkantoor gewerkt (Philips Lighting) en belicht het dividenddilemma vanuit bedrijfseconomisch perspectief: aan de hand van twee onderbelichte risico’s en een vraag.

1. In de media worden de speltheorie en alle mogelijke scenario’s onderbelicht. Het huidige dividendspel kenmerkt zich door het feit dat er (minimaal) twee spelers zijn (kabinet en multinational) die beide keuzes maken op verschillende tijdstippen. Dit is het eerste dilemma voor Rutte.

Als het kabinet de dividendbelasting in stand houdt, kan de multinational eenvoudig zijn hoofdkantoor verplaatsen waardoor de overheid alsnog die dividendbelastinginkomsten verliest (zie als voorbeeld RELX, het voormalige Reed Elsevier). Rutte kiest ervoor om de dividendbelasting af te schaffen, zodat hij het huidige risico verkleint dat een hoofdkantoor Nederland verlaat en hij niet met lege handen achterblijft.

2. In het dividendspel kan de overheid zelfs nog meer verliezen. Weinig media hebben het toekomstige risico van de dividendbelasting belicht. Ook nu vallen we terug op mogelijke scenario’s in de speltheorie, met als spelers de buitenlandse aandeelhouders die een juridische claim hebben richting de overheid van in het verleden teveel betaalde dividendbelasting. Tel daarbij op dat buitenlandse aandeelhouders in een Deense zaak recent gelijk gekregen hebben van het Europese Hof. Dan zou het onverstandig zijn dit risico te negeren. EY schat dat er bij de Nederlandse fiscus 1.500 vergelijkbare zaken liggen en dat Nederland het risico loopt op basis van die claims 1,7 miljard euro te moeten terugbetalen. Zie daar Ruttes tweede dilemma: door deze claims kan hij niet openlijk bespreken dat hij de dividendbelasting afschaft (mede) vanwege deze claims, omdat hij dan de eisers indirect gelijk geeft.

Je kunt gegeven deze twee punten de (stijgende) dividendinkomsten als oneigenlijke inkomsten zien. Vergelijk het met de bijna stopgezette gasinkomsten: je kunt er mee doorgaan, maar het levert uiteindelijk teveel risico’s op, dus dan is het beter om tijdig te stoppen en moet de overheid zich niet rijker rekenen dan ze is.

Dan de vraag. Wat is er anders bij deze verlaging (van 15 naar 0 procent) dan bij de eerdere verlaging (van 25 naar 15 procent)? Waarom was Nederland toen niet in rep en roer? Ook toen hebben buitenlandse aandeelhouders of anders buitenlandse overheden geprofiteerd. Maar ook toen is gekeken naar het totaalplaatje. Dus waarom zouden we nu opeens als een microbioloog alleen inzoomen op het verlies aan (oneigenlijke) dividendbelastinginkomsten en het grotere geheel uit het oog verliezen?

Het antwoord: de wereld is niet statisch, maar dynamisch, en dan kan de overheid niet stil blijven zitten. Denk aan de nog onzekere effecten van de Brexit en de recente belastingverlagingen door Trump. En denk aan Shell en Unilever die zich in deze door kapitaal beheerste wereld staande proberen te houden in een continue concurrentiestrijd met bedrijven die hun thuisbasis hebben in landen met grotere kapitaalmarkten, met name de VS. Het is daarbij vanuit bedrijfseconomisch perspectief logisch dat een bedrijf als Unilever pleit voor afschaffing van de dividendbelasting.

Concluderend kent dit dividendspel eigenlijk geen winnaars in Nederland. Rutte wordt in een continu veranderende wereld gedwongen tot afschaffing van de dividendbelasting, vanwege risico’s die nu spelen en eerder niet of minder.

Maar staar je niet blind op de dividendbelasting, kijk naar het totale beeld waarbij Nederland zich moet richten op (inter)nationale belangen die het gemis aan dividendinkomsten ruim kunnen overstijgen. Juist bij grote transities (zoals de energietransitie en de digitale transformatie, inclusief de daarvoor nodige talentontwikkeling) kunnen hier gevestigde multinationals Nederland helpen. Laten we hun hoofdkantoren vooral niet wegjagen. Want daarmee bereiken politici wellicht nationale politieke winst op de korte termijn, maar verliest Nederland internationale invloed op belangrijke (duurzame) transities op de langere termijn.

Guido van de Brink is interim transitie manager (digitale transformatie). 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.