Het compromis is een instrument, geen doel

Door welke boeken laten de belangrijkste politici van Nederland zich inspireren? Welke ideeënwereld gaat schuil achter de dagelijkse compromissen en vluchtige hypes? In het tweede deel van deze onregelmatig verschijnende serie: Lodewijk Asscher, politiek leider van de PvdA.

DEN HAAG - Lodewijk Asscher (PvdA) met zijn favoriete boeken. Beeld Freek van den Bergh

De lezer Lodewijk Asscher is opgeknapt na de tropenjaren onder Rutte II. Als vicepremier (‘ancient history’) akkerde hij elke avond van negen uur ’s avonds tot één uur ’s nachts de loodgieterstas vol ambtelijke dossiers door. Als politiek leider in de Kamer heeft hij weer ruimte om boeken te lezen en nieuwe ideeën te laten ‘sudderen’.

Asschers lijst met boeken geeft een inkijkje in zijn zoektocht naar een nieuwe, meer activistische PvdA-koers. Tijdens de dagelijkse treinreizen van Amsterdam naar Den Haag leest hij het werk van Thomas Frank en Naomi Klein, radicale publicisten die zich keren tegen het politieke midden waar de PvdA zo lang verbleef. Asschers meest persoonlijke boek blijft The Plot Against America van Philip Roth, een roman die niet alleen dient als ‘moreel kompas’, maar volgens hem ook symbool moet staan voor ‘de maakbaarheid van de samenleving’.

The Plot Against America door Philip Roth. Politieke roman over de opkomst van de antisemitische president Charles Lindbergh in de VS, die een pact sluit met Adolf Hilter.

Gelezen: ‘Ik heb het een paar keer gelezen, jaren geleden voor het eerst.’

Aanleiding: ‘Philip Roth is een van de beste schrijvers die ik ken. Als er een nieuw boek uitkomt, lees ik dat.’

Memorabele passage: ‘De huiveringwekkende scène waarin het jongetje, de hoofdpersoon in het boek, op vakantie gaat naar Washington en hij samen met de rest van het joodse gezin wordt geweigerd bij een hotel. De receptionist doet net alsof er niet gereserveerd is. Tijdens het lezen ben je zelf dat 7-jarige jongetje dat niet alles begrijpt, dat ziet hoe zijn vader ruzie maakt bij de receptie. Je voelt zijn pijn en verwarring: dat is de kracht van literatuur.’

Citaat: ‘In deze herinneringen regeert de angst, een voortdurende angst. Natuurlijk kent elke kindertijd wel zijn verschrikkingen, maar toch vraag ik me af of ik als kind minder bangelijk zou zijn geweest als Lindbergh geen president was geworden, of als ik geen joden als ouders had gehad.’

‘Het knappe van dit boek is dat het laat zien hoe de geschiedenis wordt gemaakt door de beslissingen van individuen. Ons leven had heel anders kunnen lopen als niet Franklin Roosevelt maar Charles Lindbergh, de populaire piloot en antisemiet, president was geworden in 1940.

‘Roth beschrijft die alternatieve geschiedenis door de ogen van een joodse jongen die Phil Roth heet. Eerst heb je de gevolgen van het regime van Lindbergh niet zo in de gaten, maar langzaam maar zeker worden er steeds meer vervelende maatregelen tegen joden ingevoerd. Roth schrijft het zo op dat je er helemaal de creeps van krijgt.’

Het boek sluit aan bij uw persoonlijke geschiedenis?

‘Het opkomend antisemitisme raakt me persoonlijk. Daar wil ik me graag tegen uitspreken, maar het is absoluut niet de reden waarom ik de politiek in ben gegaan. Sterker nog, ik had er nooit mee te maken tót ik de politiek inging.

‘Ik ben opgevoed met het besef dat je dingen moet beschermen, dat je aan de rechtstaat moet werken, maar dat je dat niet te zichtbaar moet doen. Toch heb ik gekozen voor een publieke functie, voor een vak waarbij je geen permanente loftuitingen krijgt, maar dat in mijn ogen wel belangrijk is. Nu sta ik er en laat ik me niet meer wegjagen door mensen met vooroordelen.’

Misschien een nare vergelijking, maar in het boek zit een rabbijn die meewerkt met Lindbergh. Dat doet ook denken aan de Joodse Raad, waar uw overgrootvader bij betrokken was.

‘Dat snap ik... Dat is niet raar. Dit boek beschrijft processen die ook hier hebben plaatsgevonden of hadden kunnen plaatsvinden. Roth laat zien hoe belangrijk politiek is. Politiek gaat uiteindelijk over voorstellingsvermogen, over wat er kan gebeuren, over hoe je eigen handelen de toekomst kan bepalen, over de maakbaarheid van de samenleving. Voor mij is de les van dit boek: zelf nadenken, zelf je morele oordeel vellen, je eigen verantwoordelijkheid nemen, niet te makkelijk leunen op wat anderen al gezegd hebben. De mensen die het goede willen, moeten zich inzetten, niet wegkijken en anderen het gevoel geven dat ze er alleen voor staan.’

Maar toont het boek niet aan hoe moeilijk het is om ontwikkelingen te duiden waar je zelf middenin zit? Er zijn personages die met de beste bedoelingen meewerken met Lindbergh.

‘Soms is dat moeilijk, soms is het juist evident. En dan heb je ook de plicht om je uit te spreken, om iets te doen. Maar dit boek is niet geschreven als een makkelijk verwijt aan diegenen die het hebben laten gebeuren. Daar is het veel te intelligent voor, veel te indringend. Het beklemmende aan dit werk is nou juist dat er heel veel goedwillende mensen zijn die onderdeel kunnen zijn van iets heel slechts.’

Kunnen de morele lessen uit de oorlog niet ook een slechte raadgever zijn? Bij de inval van Irak werd steeds gezegd: we moeten tijdig ingrijpen, geen appeasers zijn, niet de fouten van Chamberlain herhalen.

‘Je moet oppassen om overal de oorlog bij te betrekken. Mensen maken elkaar lukraak uit voor Chamberlain. De vergelijking gaat vaak niet op en kan het debat doodslaan. Ik ben daar heel terughoudend in. Het is geen instrument dat in mijn politieke gereedschapskist zit. Dat zou juist een devaluatie van die geschiedenis zijn. Ik weet dat mensen er nog verdriet over hebben. Daarom moet je er al helemaal voorzichtig mee zijn.

‘Voor mij is het natuurlijk wel belangrijk, omdat het mijn eigen familiegeschiedenis raakt, mijn identiteit. Dit boek is een inspiratiebron voor mijn handelen, een belangrijk richtsnoer over politiek en moraal.’

Bij De Wereld Draait Door vertelde u dat dit boek u motiveerde om zelf partijleider te worden en Diederik Samsom uit te dagen. U wilde niet aan de zijlijn toekijken terwijl politici als Trump en Wilders oprukken. Heeft u onder invloed van dit werk toen een verkeerde beslissing genomen?

‘Het is niet zo dat ik in een vlaag van paniek heb besloten om me kandidaat te stellen. Ik vond dat ik het moest doen, vanwege de politieke ontwikkelingen, en omdat ik bang was voor wat er met de PvdA zou gebeuren. Dat is vervolgens alsnog gebeurd. De PvdA heeft dramatisch verloren. Ik had de hoop en verwachting dat het beter zou gaan en dat is totaal niet uitgekomen, maar ik denk nog steeds dat ik hier een belangrijke rol te spelen heb.’

Listen, Liberal van Thomas Frank (geen vertaling). Vlammend pamflet tegen de groeiende ongelijkheid en het falen van links om er iets tegen te doen.

Gelezen: ‘Vorig jaar.’

Aanleiding: ‘Het boek werd me opgestuurd door een politicoloog bij de UvA.’

Memorabele passage: ‘Vooral de bijtende kritiek op Bill Clinton is me bijgebleven. Ik studeerde in de jaren negentig in de VS en was veel positiever over Clinton. Frank laat zien hoe in dat tijdperk, toen succes een keuze werd, de kiem ligt voor de opkomst van Trump.’

Citaat: ‘Voor de progressieve klasse is dit een onwrikbaar idee: als arme mensen niet meer arm willen zijn, moeten arme mensen studeren.’

‘Frank laat heel goed zien waar de verwijdering tussen van de liberals, en dus ook de sociaaldemocratie, en gewone mensen vandaan komt. Hij rekent af met de meritocratische gedachte dat beter onderwijs de oplossing is voor alles. Omscholing en een leven lang leren: dan komt alles goed. En als het niet lukt, is het je eigen schuld. Had je maar net zo goed je best op school moeten doen als wij. Dat is de denigrerende gedachte die achter de meritocratie schuilgaat en dat heb ik niet eerder zo scherp gelezen.

‘Het brengt me ook tot het inzicht dat we andere politieke oplossingen nodig hebben. Het moet radicaler. Er is een grote groep mensen die net zozeer recht hebben op trots en op identiteit, maar die niet omhoog komen via onderwijs.’

De PvdA zat zelf toch ook helemaal op de meritocratische lijn. Is dat verleden nu helemaal verwerkt?

‘Links heeft te vaak gedaan alsof het de eigen schuld van mensen is als ze hun plek niet weten te vinden in de globaliserende wereld. Dat is een heel onrechtvaardige boodschap voor iemand die zijn best doet en het toch niet redt.’

Frank keert zich tegen bobo-chique links, de limousine liberals.

‘Het antwoord op die kritiek zit niet in uiterlijkheden. Het boeit uiteindelijk geen zak of iemand een driedelig maatpak draagt zoals Pim Fortuyn. We hoeven niet allemaal hetzelfde te praten, hetzelfde te doen en er hetzelfde uit te zien. We moeten wél vertegenwoordigen. De vertaling van Franks kritiek zit in de keuzes die we nu maken. Daarom pleiten we nu bijvoorbeeld voor een verlaging van de AOW-leeftijd. Een keuze die aansluit bij de belevingswereld van mensen die in het nauw zitten, mede door ons beleid onder Rutte II.’

U neemt definitief afscheid van de Derde Weg?

‘We zijn al veel verder. Bill Clinton was de Derde Weg: de markt gebruiken om publieke doelen te bereiken. Daarna kwam Barack Obama, die zichzelf presenteerde als iemand die de partijpolitieke verschillen oversteeg. Hij wilde de eerste post-partisan, post-politieke president zijn.’

Hier in Nederland bezong Diederik Samsom de schoonheid van het compromis.

‘Ik denk nog steeds dat het compromis nodig is voor je politieke werk, maar het moet een instrument zijn. Geen doel.’

Volgens Frank is de voorliefde voor het compromis kenmerkend voor de technocratische politicus, die altijd op zoek gaat naar complexe oplossingen. Bent u daar in uw samenwerking met Mark Rutte in meegegaan?

‘Ik zal altijd blijven proberen om goed met mensen om te gaan. Maar je moet oppassen dat die goede samenwerking niet het zicht ontneemt op de ideologische strijd die er ook is. Als mensen niet zien dat je het voor hen opneemt, kom je terecht in een postpolitieke managerssamenwerking. Dan gaat het alleen nog maar om de vraag wie de beste manager en beste communicator is. Dat zie je ook terug in al die portretten van Rutte. Wat doet-ie dat goed en wat belt-ie snel! Maar uiteindelijk is het alleen maar behendigheid.

‘We hebben te weinig benadrukt dat verandering wel degelijk mogelijk is. Dat is ook de kritiek van Listen, Liberal: Links is veel te veel meegegaan in de onvermijdelijkheid van hoe dingen werken in de globaliserende wereld.’

Nee is niet genoeg van Naomi Klein. Donald Trump is volgens Klein een logisch uitvloeisel van de politiek van de afgelopen decennia. Links moet met een nieuwe agenda komen.

Gelezen: ‘Kort geleden.’

Aanleiding: ‘Ik had een artikel over het boek gelezen.’

Memorabele passage: ‘Ze is heel bitter in haar analyses, maar wat ik leuk vind aan dit boek is dat zij zich ook realiseert dat het onvoldoende is om alleen maar boos te zijn. We moeten juist leren van wat er is gebeurd.’

Citaat: ‘Het was de door Clinton omarde, stupide economie van het neoliberalisme die ertoe leidde dat ze geen geloofwaardig alternatief kon bieden aan die witte arbeiders die nu kozen voor Trump. Zijn plannen waren ook niet geloofwaardig, maar ze waren in elk geval anders.’

Klein wil dat er een radicaal links alternatief voor vrijhandel en marktwerking komt. Kunt u met uw verleden wel geloofwaardig zo’n radicale boodschap brengen?

‘We moeten niet doen alsof het verleden niet bestaat, maar we moeten ook niet doen alsof het allemaal heel slecht was. Met groot gemak zeggen mensen nu: het had allemaal niet zo gemoeten. Dan is toch altijd mijn vraag: het is november 2012, wat had er dán precies moeten gebeuren? Welke coalitie? welke regering? Het is allemaal niet zo makkelijk.’

Klein en Frank vinden juist dat linkse politici dat veel te snel zeggen: ‘We konden niet anders.’

‘We moeten lessen trekken uit het verleden. Ik heb gezegd: we gaan nooit meer zonder een andere linkse partij in zo’n kabinet. Dat is potentieel een dure uitspraak, omdat je macht en invloed moet delen met een andere partij.’

Klein is al sinds de jaren negentig tegen de vrijhandelsverdragen, terwijl de PvdA daar altijd mee instemde.

‘We zullen ook hier veel radicaler moeten zijn in de voorwaarden die we stellen bij dat soort verdragen. Je moet geen handelsverdrag sluiten als er geen harde garanties zijn voor meer herverdeling en meer zeggenschap. We moeten laten zien dat we het anders doen dan in de jaren negentig. We kunnen niet volstaan met het oude recept, want dat is tekortgeschoten.’

‘Samen met de vakbonden en maatschappelijke organisaties moeten we dat geloof in verandering proberen terug te brengen. We moeten investeren in een gemeenschappelijke agenda. Dan moet je dus zelf een toontje lager durven te zingen. Als je eerlijk bent, geldt dat voor heel links. Het is verleidelijk om aan brand politics te gaan doen. Pompidom, hier is een nieuw links merk. Alsof dat genoeg is.

‘We moeten mensen weer zien te verenigen rond het thema sociale rechtvaardigheid. Voor een maaltijdbezorger van Deliveroo is het doodeng om op te komen voor betere arbeidsvoorwaarden, behalve als hij weet dat hij niet alleen is.

‘In de regionale journalistiek krijgen collega’s van jullie vijftig euro voor een stuk van vijfhonderd woorden. Dat is inclusief voorbereiding, reistijd en uitwerking. Dat is de uitholling van een vak. Het gebeurt omdat journalisten en fotografen met een goed contract niet solidair zijn, omdat iedereen meegaat in het denkraam dat het je eigen schuld is als je niet succesvol bent. Had je maar betere keuzes moeten maken.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden