OmbudsmanJean-Pierre Geelen

Het ‘aangeklede’ nieuwsverhaal

Waren er in het Duitse Chemnitz nou klopjachten geweest of niet? Hoe een Twitterstorm raasde over de correspondent van deze krant.

Kop in de krant (twee weken geleden): ‘Chemnitz ­toneel van klopjachten op ‘buitenlanders.’ Eronder stond een paginagroot verhaal van de correspondent Duitsland over de onlusten in de ­Saksische stad, nadat twee vluchtelingen een man zouden hebben doodgestoken. Later betwijfelde het hoofd van de Duitse veiligheidsdienst BfV openlijk of ‘klopjachten’ door rechts-extremisten hadden plaatsgevonden.

Het ging er op het Nederlandse Twitter weer eens van stormen. De wind trof niet zozeer de veiligheidsbaas, maar de correspondent van de Volkskrant. ‘Waarom LIEG jij?’, was de eerste vraag van het Twitter-tribunaal. Onder aansporing van enkele dirigenten werd het nagezongen door een koor van anonieme leden met Nederlandse vlaggetjes in hun ‘bio’.

Nadat een paar dagen later de baas van de veiligheidsdienst zijn uitspraak niet kon ondersteunen, was dat koor opmerkelijk stil. Maar het beeld had zijn werk gedaan: de ‘links-fascistische’ Volkskrant was onderdeel van de ‘Lügenpresse’. En de vraag was toch even: heeft er nu een ‘klopjacht’ op migranten plaatsgevonden of niet?

Een Twitterstormpje is in het huidige opinie­klimaat niet iets om van op te zien. Maar in dit geval is het interessant te kijken hoe het kon ontstaan. Los van ideologische motivaties om de Volkskrant hoe dan ook te grazen te nemen (soms blijken critici een artikel niet eens te hebben gelezen), is enige verwarring wel voorstelbaar.

Dat zit hem naar mijn mening in de manier van opschrijven. Het artikel was een beschrijving vol sfeerelementen. Voorbeelden: ‘In het stadscentrum stuitten ze op een bijna vijf keer zo groot rechts blok, zwaaiend met Duitse vlaggen en vlaggen met omstreden symbolen.’ (...) ‘Tussen de in zwart geklede kaalhoofdige mannen liepen ook ouders met kinderen. ‘Duitsland voor de Duitsers’, scandeert de ­menigte,’ (...) ‘Ondanks twee waterkanonnen kon de politie niet voorkomen dat er van beide kanten met bierflessen en vuurwerk werd gegooid en er meerdere gewonden vielen. Een enorme, bronzen kop van Karl Marx, uit de tijd dat Chemnitz nog Karl-Marx-Stadt heette, keek toe van zijn sokkel.’ Hierna ­citeerde het stuk ‘ooggetuigen, waaronder verslaggevers van Der Spiegel’.

De nietsvermoedende lezer kon zo gemakkelijk de indruk krijgen dat de correspondent ter plekke was.

Zeker: er stond nergens ‘Reportage’ bij het stuk. De ‘dateline’ (de plaats waar het artikel is geschreven) meldde Berlijn, niet Chemnitz. De correspondent twitterde direct nadat ze het artikel online had verspreid uit eigen beweging dat ze er niet bij is geweest. Van kwade opzet is dan ook geen sprake.

Toch is dit hoe praktijk en perceptie kunnen botsen. Vooral de genreaanduiding en ‘dateline’ zijn voor buitenstaanders wellicht minder veelzeggend dan voor journalisten. Toen Joris Luyendijk jaren geleden een boekje opendeed over de werkwijze van buitenlandcorrespondenten, was geen journalist verrast. De argeloze lezer des te meer.

Wat ook voer voor critici werd, was het woord ‘klopjacht’ in kop en tekst. Zonder aanhalingstekens, maar het was de term die Angela Merkel gebruikte in haar veroordeling ervan. Daarmee leek de krant zich te vereenzelvigen met die toch niet geheel neutrale term. Juist wanneer (al dan niet terecht, maar dat zou later pas blijken) twijfel rijst over gebeurtenissen, wreekt zich dat aanhalingstekens ontbraken.

Dat was wel beter geweest, erkennen de correspondent en de chef Buitenland. Een ongelukje. Verzachtende omstandigheid: het woord ‘buitenlanders’ stond – begrijpelijk – ook al tussen aanhalingstekens. Tweemaal zou te veel zijn.

Het andere punt, de sfeerbeschrijving bij afwezigheid van een verslaggever, ligt complexer. Allereerst: de correspondent was het liefst wél ter plaatse geweest. Maar andere werkzaamheden stonden dat in de weg. Dan rest wat de chef Buitenland betitelt als ‘het aangeklede nieuwsverhaal’: ‘een sfeerschets op basis van beelden of uitspraken’. Die waren er hier volop, maar wat zeggen ze?

De ambitie van iedere correspondent is ter plekke te zijn. En terecht: daartoe is hij/zij op aarde. Het ‘aangeklede nieuwsverhaal’ is voor noodgevallen, zegt de chef. Vreemd? Ook ‘reconstructies’ worden wel ­beschreven alsof de auteur erbij was.

Vaak gaat dat goed. Maar dit voorval toont – ongeacht het verloop van de zaak – dat deze weg valkuilen kent. Juist wanneer de gebeurtenissen onderwerp van discussie worden, is het een gevaarlijk genre. Die discussie komt per definitie pas ná de berichtgeving, dus een journalistieke inschatting valt vooraf nooit te maken. Conclusie: het ‘aangeklede nieuwsverhaal’ blijft een levensgevaarlijk genre.

Post van een lezer: Stop met dat ge-we

Ik erger me aan het vreselijk stomme gebruik van ‘we’ bij de jongste generatie journalisten. Ik heb er net het abonnement op De Correspondent voor opgezegd. Maar nu ook weer bij jullie Esther van Fenema: ‘We zijn geluk gaan zien...’, ‘melden we ons bij een gelukcoach...’, ‘Toch zijn we kwetsbaarder dan ooit...’ Ik denk dan steeds: ‘Praat voor ­jezelf!’ Is deze generatie zo door zichzelf geobsedeerd dat ze de buitenwereld met ‘we’ zijn gaan verwarren?

Koen Mulder

Het gebruik van ‘we’ in sociologisch getinte verhalen is van alle tijden en niet voorbehouden aan de jongste generatie journalisten. Ter illustratie: Esther van Fenema (gastcolumnist op de website) is van 1970.

Het Stijlboek zegt er niets over, maar het woord is te vergelijken met ‘men’, waarvoor het gebod geldt: ‘Maak duidelijk wie ‘men’ is’. Omdat ‘we’ soortgelijke vragen kan oproepen, is het beter het spaarzaam te gebruiken. Al was het maar om ergernis te voorkomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden