Column Aleid Truijens

Herdenken is een oefening in empathie en inlevingsvermogen is het enige tegengif tegen het moorden

Het liefst willen we vergeten/ Deze stoffige doos op zolder laten staan. De eerste twee regels van het gedicht zijn sterk. Gytha te Nijenhuis (17) uit Surhuisterveen mocht haar gedicht vrijdag, bij Dodenherdenking, voordragen op de Dam. Ik was er niet bij, of zal er niet bij zijn, want nu ik dit opschrijf is het 3 mei, de Dag van de Persvrijheid. Vrijdag om acht uur zit ik in een vliegtuig, op weg naar Andalusië. Stil zal ik twee minuten naar de plukjes wolken kijken waarop, wie weet, de dierbare doden zitten.

Twee regels vind ik minder sterk aan Gytha’s gedicht: Veel woorden/ Maar niet te omschrijven. Woorden kunnen niet alles oplossen of ongedaan maken, maar wel het leven vangen in taal. Ervaringen voelbaar maken voor anderen, daar hebben we poëzie voor. Vastleggen wat ooit was. Gytha’s slotregel is heel erg waar: Ze blijven voortbestaan in ons. Niemand is dood zolang er iemand aan hem of haar denkt.

Zaterdag is het Bevrijdingsdag, altijd een tam feest, een landerige, onbestemde dag met hier en daar een springkussen voor de kinderen of een zielig bandje waarnaar niemand luistert. De bevrijding vieren, waarom ook alweer? Welke bevrijding?

Ik hoop dat we volgend jaar bevrijd zijn van de onverkwikkelijke, beschamende strijd om 4 mei. Wie wat mag herdenken, en waarom wel of niet. Van wie 4 mei nu eigenlijk is. Of je het wel over de holocaust mag hebben zonder er nadrukkelijk bij te zeggen dat er nu wéér antisemitisme is, en uit welke hoek dat komt.

Ik weet nu niet of er vrijdag – zaterdag  werkelijk geschreeuwd is tijdens de twee minuten stilte. Schreeuwen terwijl anderen in stilte denken aan hun vermoorde ouders of grootouders, omdat er misschien mensen zijn die aan de verkeerde doden denken, volgens jou. Hoe haal je het in je hoofd? Hoe kan iemand zich ‘antiracist’ noemen en de herdenking van de grootste racistische wandaad uit de geschiedenis willen verstoren?

Ik zou willen dat we op 4 mei de doden van één oorlog herdenken, die van 1940-1945. Nederlanders die hun leven hebben gegeven voor anderen, in het leger en in het verzet, en mensen die hun leven moesten inleveren, zomaar, omdat ze Joods waren, in Indië woonden, homo of zigeuner waren.

Dat we nu op deze dag ook de militaire gevallenen van na de oorlog herdenken, en, volgens sommigen, álle slachtoffers van oorlogen, heeft het herdenken diffuus gemaakt en de deur opengezet naar politisering van 4 mei. Herdenk die anderen, op andere dagen. Voer alsjeblieft het debat over oud en nieuw antisemitisme, over oorzaken en bestrijding. Laat zien wat er werkelijk schuilging achter het eufemisme ‘politionele acties’. Maar niet per se op 4 mei.

Kinderen gedichten laten schrijven is altijd een goed idee. Laat kinderen ook lezen over deze oorlog. Lees met pubers gewoon eens Het Achterhuis. Anne Frank, die dit jaar 89 zou zijn geworden maar altijd een meisje bleef, omdat een kwaadaardige gek had bedacht dat zij geen vrouw mocht worden. Zij werd een icoon, een bidprentje, een exportproduct. Maar ga terug naar het dagboek. Juist door de gewoonheid is dat nog altijd springlevend en verpletterend. Een 13-jarige die filmsterrenplaatjes plakt, verliefd is, ruzie maakt, verlangt naar een eindje fietsen in de zon en denkt: misschien ga ik straks weer naar school. Zij hoopte nog, maar jij als lezer weet hoe het afliep. Dat laat niemand onberoerd.

Herdenken is een oefening in empathie. Misschien is inlevingsvermogen het enige tegengif tegen het moorden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.