ColumnAaf Brandt Corstius

Herbeschouwing van de ‘kronagroet’: dan maar vaag zwaaien

Nu we een eindje onderweg zijn met de krona en ons realiseren dat dit geen sprint is maar, zoals in deze krant maandag uiteengezet, een marathon, vind ik dat we onze begroetingen ook moeten herbeschouwen.

Persoonlijk ben ik nu van de volgende groet: je hebt met iemand afgesproken, je loopt op diegene af, blijft op een afstandje stilstaan, zwaait wat met beide handen en zegt ‘Hálloooow’, net iets langer dan per se nodig, want je moet de tijd vullen die anders met drie kussen of een omhelzing gevuld was geweest.

Als je de ander lang niet hebt gezien doe je hetzelfde, maar aangevuld met een sip gezichtje (‘Ik mag je niet knuffelen, maar dat zou ik zo graag willen’) en soms een met de handen gevormd hartje. Hier zet je dan weer snel een ironische blik bij op, want je bent natuurlijk eigenlijk helemaal niet het type dat hartjes met je handen maakt, maar we leven in gekke tijden dus doen we gekke dingen. De andere optie: handen in bidhouding voor de borst, maar daar ben ik echt te ironisch voor, zelfs als ik er een ironisch gezicht bij mag trekken.

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

Ik weet dat er ook mensen bestaan die elkaar blijven begroeten met de elleboog, maar dat is een misvatting. De begroeting met de elleboog is in paniek uitgevonden, op Pandemiedag Twee, toen we even helemaal niet meer wisten wat we moesten doen zonder handenschudden. Toen heeft een ambtenaar op een ministerie uitgeroepen: ‘Laten we anders elkaars elleboog aantikken!’ en dat is een eigen leven gaan leiden.

Het is een volstrekt onlogische beweging. Ik zie mensen het op straat doen, en inmiddels ook in tv-programma’s (in coronatijd gemaakt, dus dan komen de nieuwe bewoners van Voor Hetzelfde Geld op bezoek bij hun nieuwe buren in Haaften en gaan ze in de vestibule alle vier tegelijk aan de slag met die ellebogen). En dan moet ik wegkijken. Van gêne. Het gaat nooit goed. Het gaat altijd fout. Het moet altijd met hilariteit, en met geroepen commentaar: ‘NOU MAAR DAN DOEN WE HET TOCH ZO!’

Nee, zo doen we het niet. We schaffen dit nu weer af. Je elleboog zit aan de achterkant van je lichaam, hij moet van te ver komen, hij is puntig, daarom was hij voor corona ook een wapen – iemand een elleboogje geven, dat was iets uit de casual vechtsport. Bovendien kom je te dicht bij elkaar als je staat te worstelen met die ellebogen, ze raken verklit, je komt er nooit meer uit en met al dat zenuwachtige gelach om het hele ritueel spuit je eindeloze hoeveelheden aerosolen over elkaar heen.

Handen geven was ook vreselijk – kleffe handen, te harde handen of juist te weke handen, handen van mannen die net uit de wc kwamen. Maar dit is zo mogelijk nog erger.

Dus: ‘Hálloooow’. Vaag zwaaien. Ironisch hartje maken. Klaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden