de kloofMan en vrouw

Henriëtte Prast: ‘Vrouwen zijn de enige groep met wie vrijwel niemand solidair is’

Henriette Prast. Beeld Kiki Groot

De tegenstellingen openbaren zich in tal van geledingen. Waar ligt de oorsprong en waartoe zal het leiden? Aflevering 15 (slot) in een serie: gedragseconoom Henriëtte Prast.

Het is een terug­kerend ritueel, de bekendmaking eind van het jaar dat de loonkloof tussen mannen en vrouwen nog niet is gedicht of, zoals dit jaar, zelfs iets vergroot. De Volkskrant berekende dit jaar op basis van het Nationaal ­Salarisonderzoek van Intermediair en universiteit Nyenrode een inkomens­verschil tussen mannen en vrouwen van 175 euro per maand. Een onverklaard ­verschil, want bij de bepaling ervan is al meegerekend dat mannen vaak (iets) meer werken in beter betaalde sectoren dan vrouwen. Dieper gravend naar ‘verklaarbare’ verschillen, kan een vrouw ook zomaar 455 euro per maand minder verdienen.

Henriëtte Prast, als gedragseconoom verbonden aan de Universiteit Tilburg, kandidaat voor de Eerste Kamer voor de Partij voor de Dieren en eerder senator voor D66, kent het ritueel en de cijfers. Vanuit haar Amsterdamse appartement, met uitzicht op de Westertoren, werpt ze een kritische blik op de dominante ‘hoe kan dat toch’-analyses over deze aanhoudende kloof tussen man en vrouw.

Gaap: de loonkloof. En vrouwen ­lijken niet eens écht boos te zijn over deze oplichterij.

‘Nee, want dat past vrouwen niet, boosheid. Je hoort vaak: vrouwen onderhandelen niet goed, ze moeten beter voor zichzelf opkomen. Maar dat is een slecht advies. Want vrouwen die goed onderhandelen, zo leert gedegen onderzoek, worden minder vaak aangenomen. De meest waarschijnlijke verklaring is dat een vrouw die zelfverzekerd en competitief is, wordt beschouwd als lastig, als een bitch. Impliciet eist de cultuur dat een meisje bescheiden is en niet inhalig. Dus is het lastig voor een vrouw: ze doet het ‘fout’ als ze zich bescheiden opstelt, want dan krijgt ze te weinig betaald. Maar als ze zelfverzekerd is en zich competitief opstelt, doet ze het ook ‘fout’, want krijgt ze de baan niet.’

Dé reden voor de loonkloof is dat Nederlandse vrouwen vaker in deeltijd werken. Prins Voltijd werkt vijf dagen, prinses Deeltijd drie of vier dagen. Het advies luidt: prinsesje, ga eens meer werken.

‘Hoor je het? De vrouw lijkt weer iets ‘verkeerd’ te doen. Los daarvan, het getuigt van weinig historisch besef fulltime gelijk te stellen aan vijf dagen werk. Vroeger behelsde voltijds werken soms wel zeven dagen per week. In Nederland is sinds de jaren zestig de werkweek geleidelijk van zes dagen, via 5,5 dag, nog een een halve dagen werken op zaterdag, naar vijf dagen teruggebracht.

‘Dat kon dankzij de explosie van de welvaart vanaf eind jaren vijftig. Bij de huidige grote welvaart valt op dat aan de vijfdaagse werkweek wordt vastgehouden als was het een religieus principe. We hadden gelet op de balans tussen inkomen en vrije tijd naar een werkweek van minder dan vijf dagen moeten gaan. Dan verandert ook het begrip fulltime werken.’

Veel vrouwen verliezen in het verloop van hun carrière inkomen, omdat ze kinderen krijgen: de babyboete. Ze gaan korter werken na de baby en ­halen het in deze periode ­gemiste loon en carrièreopbouw nooit meer in.

‘In Nederland zijn de voorwaarden om kind en werk te combineren nog steeds niet erg gunstig. Dat zie je terug in de verlofregelingen. Nederland moet vanaf dit jaar onder druk van Europa mannen tien dagen betaald verlof bieden; maar zelf stemde Nederland tégen. Er zijn nog steeds prikkels die vrouwen ontmoedigen om te gaan werken, zoals de aanrechtsubsidie, oftewel de ‘heffingskorting minstverdienende partner’.

‘En dan nog dit: als een vrouw bevalt, krijgt de man betaalde (kraam)hulp. Ik zeg: laat de man zelf beschuit met muisjes smeren. Tot op heden is het vanzelfsprekend dat vrouwen gratis de share en care leveren en mannen worden ­betaald voor de ‘strijd en het winnen’. ‘

Vrouwen verdienen vaak minder, ­omdat ze in de zorg en onderwijs werken.

‘Ik draai het om: je moet er toch niet aan denken dat vrouwen er níét zouden werken? Dan waren de huidige en te verwachten personeelstekorten ­helemaal niet te overzien. Daarnaast lijkt het opnieuw alsof vrouwen iets ‘fout’ doen, want werkzaam zijn in de ‘verkeerde’ sectoren.

‘Maar ken jij de overheidscampagne: ‘Kom op man, de zorg heeft je nodig!’? Nee, want die campagne bestaat niet, omdat mannen niet hoeven te zorgen. Daarnaast is het me overigens een raadsel dat arbeidskrachten die schaars zijn, ­zoals in het onderwijs en de zorg, niet ­beter worden betaald.’

Mannen zoeken banen die goed betalen.

‘Ja, en ook dat komt niet uit de lucht vallen. Meisjes groeiden de laatste ­decennia op met de boodschap dat ze ­later ‘zelfstandig’ moeten zijn: een ‘slimme meid is op haar toekomst voorbereid’. Moet een jongen dan niet zelfstandig worden? Dat spreekt vanzelf. Hij moet later een gezin verzorgen, dus carrière maken en meer geld verdienen. Onze cultuur wemelt nog van zulke boodschappen en het resultaat zie je ­terug bij sollicitaties, waar mannen – en ook dit is niet zomaar een mening, maar blijkt uit serieus onderzoek – hun missers worden vergeven en hun eisen ingewilligd.

‘Elk jaar publiceert The Economist de Glass Ceiling ­Index, de glazenplafond-ranglijst. Daar doen 28 Oeso-landen aan mee. In zalen waar ik optreed, vraag ik het geïnteresseerde publiek vaak waar Nederland zich volgens hen bevindt. Dan hoor je de mensen denken: dan zal het wel niet heel hoog zijn. En roepen ze: ‘plaats 6’, of ‘8’. Ik moet ze altijd teleurstellen: we staan op plaats 24. Helemaal onderaan.’

Het staat misschien niet mooi, een boze vrouw, toch zou je meer opstand verwachten.

‘Vrouwen zijn de enige groep mensen met wie vrijwel niemand solidair is. Hoogopgeleid en rijk komt vanuit een bepaalde politieke signatuur op voor laagopgeleid en arm; witte autochtoon komt op voor gekleurde migrant. Maar vrouwen? Die moeten hun achterstelling en discriminatie zelf bestrijden.

‘Het lastige daarbij is dat vrouwen niet als een duidelijke groep ergens samen wonen. Nee, vrouwen wonen bij de mannen, ze zijn de echtgenote of geliefde, de moeder of de zus van. Ze zijn op allerlei manieren in liefde verbonden met de man, terwijl het masculiene in de cultuur ze benadeelt. Dat is een lastige strijd. En een verwarrend rollenspel.’

Het net aangenomen vrouwen­quotum, gaat dat de vrouwenzaak dienen?

‘Dat quotum is noodzakelijk om de alledaagse positieve discriminatie van mannen tegen te gaan. Zonder die regel zouden te vaak middelmatige mannen op de plekken van getalenteerde vrouwen zitten. Dus is het een eerlijke, goede maatregel.’

Nog een ander vleugje hoop?

‘Nederlandse vrouwen hebben enorme stappen gezet. De hoofdverpleegster is nu zelf arts. Vrouwen voelen zich, meestal, niet meer schuldig tegenover hun kind als ze werken; dat was echt anders. Maar zolang de maatschappelijke realiteit wordt beschouwd als een soort natuurwet in plaats van als een gevolg van keuzen, en zolang de man niet zorgt, is de emancipatie niet voltooid.’

Mirjam Schöttelndreier is redacteur van de Volkskrant

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden