Henk lift mee met Jaap Scholten

Beeld Henk van Straten

We rijden in de buurt van het dorpje Torricella Peligna, schrijver Jaap Scholten en ik. De grijze Peugeot ­stationwagon zigzagt kreunend en soms schrapend door het landschap van de Abruzzen, het onherbergzame midden van Italië. 'Ik ga niet langzamer rijden hoor', zegt Jaap. 'Straks denken de mensen dat ik een mietje ben.'

Met 'de mensen' bedoelt hij hen die, ergens in de toekomst, hopelijk, insjallah, deze auto op een bioscoop- of tv-scherm zullen zien rijden. We worden gefilmd, in een weiland iets verderop staat een camera opgesteld. Het idee: een documentaire over twee fans op bedevaart naar de genetische en spirituele bakermat van de in 1983 overleden Italiaans-Amerikaans auteur John Fante.

'Jezus, Jaap', zeg ik wanneer hij keihard remt en de stofwolken naar binnen waaien. Hij lacht en zegt: 'Dit moet, Henk. Ik heb een reputatie waar ik aan moet denken. Dat ik een riem om heb, kan eigenlijk ook niet.' De regisseur verschijnt aan zijn raam. Het shot moet opnieuw. Dit keer wat langzamer rijden graag.

Het typeert Jaap, dit soort jongensachtige, vrolijke recalcitrantie. Opgewekt en amicaal, maar tegelijkertijd onverzettelijk als hij zijn eigen weg wil gaan. Intimiderend, dat ook wel een beetje, met zijn lange lijf en, laten we wel wezen, enigszins elitaire voorkomen. Overhemden, sportshirts, nette schoenen. Voor deze reis nam hij twee nette jasjes mee. Daarbij praat hij als een corpsbal. Gelukkig kan hij er zelf ook om lachen: 'Henk, welk sjaaltje zal ik dragen in het volgende shot?' Al snel wordt het een running gag. En mij spaart hij overigens ook niet. Mijn tatoeages noemt hij 'hysterisch' en als we door het dorpje lopen, waar mijn voorkomen op de bevolking ietwat buitenaards overkomt, zegt hij koeltjes: 'Heb je geen boerka bij je of zo?'

'In Fante's werk herken ik de honger en het verlangen', vertelt hij. 'Het wíllen schrijven, een schrijver willen zijn.' Ooit stond hij op een kruispunt: films maken of schrijven. Door Fante besloot hij schrijver te worden. Daarnaast had hij A.L. Snijders, de vader van zijn toenmalige vriendin, als leermeester. Met zijn boek over de Transsylvaanse aristocratie, Kameraad Baron, won hij de Libris ­Geschiedenis Prijs. Zijn laatste boek, Horizon City, een familiegeschiedenis, prijkte in de top-10 van non-fictieboeken. 'Het gekke is dat ik van allebei die boeken helemaal niets verwachtte. Ik schreef ze puur voor mezelf. Dat was heerlijk.'

Toch werkt hij nu weer aan een roman. 'Juist die afwisseling tussen fictie en non-fictie vind ik fijn.' Hij is al een heel eind, in 2015 moet de nieuwe roman verschijnen.

Zo soepeltjes als zijn haar danst in de wind, zo soepeltjes lijkt Jaap te leven. Zijn plagerijtjes verruilt hij met hetzelfde gemak voor oprechte interesse en intellectuele mijmering. Het ene moment lijkt er geen eind te komen aan zijn haast euforische spraakwatervallen, het volgende ligt hij op een bankje in de zon een middagdutje te doen, zijn witte broek schoon en oogverblindend. Een bohémien, een aristocraat, een kosmopoliet, een Twentenaar, een schrijver en soms een groot jongetje.

De Abruzzen, een golvende zee van struik en rots. We duiken, we komen boven. En daar, in de verte, schittert het stille, tijdloze Torricella Peligna. Het dorpje waar Jaap en ik elkaar vonden. Waar we elkaars liefde tot bloei zagen komen. Liefde voor Fante, voor het schrijven, voor deze reis, voor wijn en eten en praten en lezen, voor de wereld die hier zo stil is dat het getjilp van een vogeltje je tot tranen kan roeren.

Wanneer we stoppen bij een piepklein tankstation middenin het dorp - niet meer dan een pomp op de stoep - steekt Jaap Scholten zijn hoofd uit het raam en vraagt de oude pompbediende om een latte macchiato. Dan schieten ze allebei in de lach.


Schrijver Henk van Straten reist elke week een stukje mee met een min of meer bekende Nederlander. Meestal per auto, soms met de fiets, een enkele keer met de pont. hendrik.v.straten@gmail.com

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.