Column Aleid Truijens

Helpt het om publiekelijk ‘de ouders’ aan te spreken op geweld tijdens de jaarwisseling?

‘Treurig’ vond minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid het geweld tegen hulpverleners tijdens de jaarwisseling. Hij had ‘respect’ voor de politieagenten, ambulancebroeders en brandweerlieden die tijdens deze rampnacht ‘keihard’ hadden gewerkt en uit dank werden bekogeld met vuurwerk. De minister zegde – borende blik, kaak nog wilskrachtiger dan anders  de daders onverbiddelijk ‘de wacht aan’. Oei! Die zullen sidderen.

Het is een ritueel, op 1 januari. Hoofdschuddende bewindslieden die met een grafstem spreken over de schade, de gewonden en het morele failliet na een gewelddadige nacht. Deze laatste jaarwisseling was het dieptepunt: twee keer zoveel geweld als vorig jaar. Ook premier Rutte sprak de natie streng toe, zonder één keer te schaterlachen: dat hulpverleners werden gehinderd door ‘idioten’ was ‘onacceptabel!’. Net als vorige jaren. Daarna hoorde je er 364 dagen niks meer over.

Wat bedoelt Grapperhaus met die ‘wacht’? Worden de raddraaiers binnenkort voor altijd van hun treurige taak ontheven? In het cachot gegooid, alsnog? Moeten ze de schade tot de laatste cent terugbetalen? Of wordt die afgetrokken van hun kinderbijslag? Nou nee. Een voorstel voor een hogere maximumstraf voor het hinderen van hulpverleners was wél in de maak, zei Grapperhaus.

Dat was een beetje slapjes, dus daags erna kwam Grapperhaus met een andere machteloze dooddoener: ouders moesten hun verantwoordelijkheid maar eens nemen. Hij zag voor hen een belangrijke rol ‘weggelegd’ in het bestrijden van deze ‘waardeloze maatschappelijke tendens’. Ouders moesten hun kind aanspreken en zorgen dat het zich ‘normaal’ gedroeg.

Goh. Zou, vraag ik me af, íemand in Nederland het oneens zijn met de twee ministers? Mensen die zeggen: nou... dat hebben die hulpverleners toch wel een beetje verdiend? Zijn die er dan, op de ‘idioten’ zelf na?

Stel het je voor. Een brandweerman heeft dienst. Niks languit op de bank oliebollen eten met de familie maar kinderen redden uit een brandend huis. En terwijl hij dat doet worden brandbommen en vuurpijlen naar hem gegooid. Lachen man! Het is van een onvoorstelbare, wrede barbaarsheid.

Maar helpt het om publiekelijk ‘de ouders’ hierop aan te spreken? Dat is een volslagen lukrake en zinloze beschuldiging. ‘Ouders’ zijn geen categorie. Ouder zijn is een hoedanigheid van het merendeel van de bevolking. Daaronder zijn kantoorklerken, brandweerlieden, ministers, verboden-vreugdevuurbouwers, illegaal-vuurwerkbezitters, dikke-middelvingeropstekers, empathielozen en opofferende lieverds. Het merendeel zijn brave burgers die hun best doen.

Vrijwel alle ouders, ik heb het niet onderzocht maar doe een ruwe schatting van 98 procent, vinden dit gedrag ‘niet normaal’ en weten dat hun kinderen bij te brengen. Of dat allemaal hyperbeschaafden en geweldige opvoeders zijn betwijfel ik, maar de meesten zetten hun kinderen niet ertoe aan om anderen schade of pijn te berokkenen. Die overige 2 procent (of 3) richt een hoop ellende aan.

Welke ouders en kinderen zijn dat precies? Dat in kaart brengen zou al zinnig zijn. Niet alle geweldplegers zijn jongeren. Er zijn volwassenen die meedoen omdat het ‘traditie is in onze wijk’ en hun kinderen inwijden, en hooligans die hongerig op de reuring afkomen. Ouders van jongeren die hulpverleners lastigvallen of de boel vernielen, weten vaak niet wat hun kinderen uitvreten op straat. Of ze vinden dat buitenshuis de politie de baas is.

Als je weet om wie het gaat kun je beter voorspellen welke straffen effectief zijn. Gevangenisstraf verhoogt in sommige milieus de status, en je zet minderjarigen niet zomaar vast. Misschien is het een groter vernedering om slachtoffers te moeten bezoeken of vrijwilligerswerk te doen bij een brandwondencentrum. Er moet íéts te bedenken zijn. Het is zo weer oudjaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden