Help leerlingen ontdekken wat echt van waarde is, voor ze inderdaad zombies worden

Studenten in een volle studiezaal van de Universiteitsbibliotheek in Groningen. Beeld Harry Cock

Er dwalen binnenkort zombies in ons onderwijs. Althans, als we niet oppassen, zegt Rhea van der Dong van het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO). Ze doelt daarmee op de studenten met psychische problemen. Onderzoekster Jolien Dopmeijer schreef een actieplan om een ‘generatie van zombies’ te voorkomen, maar dit biedt geen oplossing voor het werkelijke probleem. Hoe voorkomen we wél een generatie van zombies?

Burn-outs, depressies, te veel drank én risico op zelfdoding. De eerste resultaten van een grootschalig onderzoek naar de mentale gesteldheid zijn schokkend. Tenminste, voor wie niet in onderwijs werkt en niet goed oplet. Docenten en ouders zien al lang wat het onderzoek van Hogeschool Windesheim nu blootlegt. Hoewel het onderzoek van Dopmeijer over studenten in het hoger onderwijs ging, zien we dezelfde problematiek op steeds jongere leeftijd.

Ik heb leerlingen die letterlijk hun bed niet meer uit durven, omdat ze bang zijn dat ze falen in de toetsweek die over drie weken komt. Leerlingen die niet meegaan naar een lezing van een inspirerende schrijver. ‘Ik wil heel graag, meneer, alleen ik heb morgen een deadline voor een project en de dag daarna...’ Een van mijn leerlingen staat zichzelf met moeite toe om überhaupt iets te eten, want waarom zou ze dat verdiend hebben – ze kan én moet veel beter!

Jonge mensen hebben het gevoel dat ze onder ‘hoogspanning’ staan. Alsof ze geen seconde mogen verliezen, en geen steken kunnen laten vallen. Ze moeten in alle opzichten in hun leven voortdurend presteren. Niet alleen op school, maar ook op sociaal vlak en in allerlei buitenschoolse activiteiten is ‘excelleren’ de norm. Als we niet oppassen, zijn mijn leerlingen inderdaad straks de zombies in het hoger onderwijs.

Dat onderzoek nu laat zien dat veel jonge mensen hieronder gebukt gaan (een op de vijf heeft zelfs het gevoel dat ze dit leven misschien wel niet willen) is daarom pure winst. Mijn leerlingen zijn nu niet alleen meer anekdotisch bewijs. Er is een serieus probleem waar we ons bewust van moeten worden. Dopmeijer erkent dat. Het actieplan dat ze samen met Hogeschool InHolland, Hogeschool Amsterdam en de Universiteit van Amsterdam schreef, moet hier een oplossing voor bieden. Het doel: het onderwerp bespreekbaar maken, en voorkomen dat studenten te lang met hun problemen rondlopen.

Alleen daarmee voorkomen we een generatie van zombies niet. Het werkelijke probleem is de focus op rendement en materiële welvaart. Ons onderwijs is een weerspiegeling van de samenleving. Op het consultatiebureau wordt al gezegd dat een kind ‘achterloopt’ of ‘goed presteert’. We zijn onze prestaties. Wat wil zeggen: de tijd die je hebt ‘besteed’ op een ‘nuttige’ (lees: economisch productieve) manier. Niet voor niets zegt premier Rutte: als de economie groeit, gaat het goed met ons land.

Mijn leerlingen geloven dit. Een mentorleerling van mij die een tussenjaar overweegt, vraagt zich angstig af: ‘Maar wat als ik dan achterloop omdat ik stilsta?’ Ik vraag haar: wat is waardevol in het leven? Wat is werkelijk van betekenis? Dan blijft ze het antwoord schuldig en zakt de moed haar nog meer in de schoenen. Net als bij zoveel andere leerlingen.

Jonge mensen lijden aan prestatiepijn. Dat is geestelijk en/of lichamelijk leed, veroorzaakt door (te) veel verplichtingen aan te gaan dan wel te veel (buitengewone) verrichtingen te (willen, moeten) leveren. Het is leed dat wordt veroorzaakt doordat ze het idee hebben dat ze aangegane verplichtingen niet na kunnen komen of de gevraagde (buitengewone) verrichtingen niet kunnen leveren.

Er is niets mis met moeite doen, met het willen leveren van een bijzondere verrichting. Prestatiepijn kan wat dat betreft ook positief zijn. Maar dat is het alleen op het moment dat de moeite betekenisvol is. Juist dat, die betekenis, dat grotere kader, ontbreekt.

Als we écht een generatie van zombies willen voorkomen, dan wordt het tijd dat we ontleren dat het leven draait om individuele prestaties die zorgen voor economische productiviteit. Als onderwijzers en opvoeders moeten we leerlingen allereerst helpen om te ontspannen, maar veel belangrijker nog: om te helpen ontdekken wat werkelijk van waarde is, wie ze zijn en hoe ze hun toekomst gemeenschappelijk willen vormgeven.

We hebben opnieuw aandacht nodig voor onze mentale gezondheid. Zoals we ook nood hebben aan een vrije ruimte in onderwijs, bijvoorbeeld door een vak als filosofie. We moeten leerlingen helpen een weg te vinden waarin ze niet lijden onder prestatiepijn, maar prestatieplezier beleven. Ons onderwijs laat zich ketenen door de eenzijdige aandacht voor presteren. Het wordt tijd dat we ons daarvan bevrijden. 

Fransiscus Ismaël Kusters, filosoof, en Alderik Visser, medewerker SLO, schreven samen Prestatiepijn (2017). 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.