Column

Helaas: ik bleef de jonge, beetje rommelige moeder

Beeld thinkstock

Gisteren reisde ik per trein in mijn eentje af naar het hoge noorden om in een landhuis de ballen uit m'n broek te schrijven. Al snel ervoer ik de zoete vreugde van de zelfverkozen eenzaamheid. Ik at een wrap van de Hema terwijl ik naar Kendrick Lamar luisterde. Ik ben de hipste in deze coupé, zo dacht ik buitengewoon tevreden van achter mijn zonnebril, terwijl ik naar de noeste hoofden van mijn treingenoten keek. Maar de conducteur, een levensmoeie vijftiger met een huid in grijstinten, noemde me onverschillig u en mevrouw en liet me daarmee goed voelen hoe sneu het eigenlijk was: een poederroze koptelefoon op het hoofd van een dertiger.

Aangekomen bij het hoogromantische huis dat er ook een beetje uitzag alsof kolonel Mustard me met een loden pijp in de hal stond op te wachten, zette ik het gretig op een drinken en praten. De huisbewaarder, een gevoelige jongen van mijn leeftijd die zich met liefde aan de Groningse stilte had overgegeven, moest tweeënhalve fles wijn lang mijn op hol geslagen stadsgefrats over zich heen laten razen.

Na een nachtelijke rondleiding - inclusief een geheime deur van boeken in de bibliotheek, die leidde naar een boeddhistische vechtzolder - zeeg ik intens gelukkig en draaierig op mijn hemelbed neer. Ik schud de boel hier flink op met mijn leuke praatjes, zo prees ik mezelf lodderig voor ik in een droomloze slaap kwakte.

De volgende dag was daar de lijmachtige kater, de schaamte om mezelf, de pauwen om het huis die gilden alsof de ruiters van de Apocalyps achter hen opdoemden en het tergende idee dat ik geen seconde te verliezen had. Aan het werk. Maar alles aan me was traag en ver van het pompen van de stad. Zo welde ik uiteindelijk laat in de middag in kamerjas de linzen voor mijn avondmaaltijd en deed verder niets dan een beetje over de barokke tuin staren, de poes aaien en de hoeveelheid Proustboeken in de kasten tellen. Ik vroeg me af wanneer ik me nu eindelijk eens Oscar Wilde zou gaan voelen, wanneer de blasé intellectuele onverschilligheid en de luxe romantiek van het landleven over me heen zouden rollen om de komende dagen niet meer te verdwijnen. Maar helaas: ik bleef de jonge, beetje rommelige moeder met een laptop vol vieze kindervingers die zich steeds een beetje zorgen maakte of ze wel genoeg lenzenvloeistof bij zich had.

Wat een droevig lot om niet langer in één ademtocht een ander te kunnen zijn. Maar toch ook wel lekker rustig, mijmerde ik en rookte zomaar in bed een sigaret.

En toen was ze er opeens: de ongelukkige diva. Marilyn Monroe wachtend op haar Kennedy. 'Joepie', zei ik zachtjes. En ook: als anderen niet kijken, is nog steeds alles mogelijk.

Sarah Sluimer vervangt deze week Sylvia Witteman.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden