ColumnToine Heijmans in Utrecht

Heel voorzichtig keert de menselijke maat terug, ook bij de bijstandsrechter

null Beeld
Toine Heijmans

Dit wordt het jaar van de menselijke maat, een veelgebruikte term die goed klinkt maar waarvan niemand precies weet wat het betekent. Want op het snijvlak van recht en onrecht is alles ingewikkeld – ga maar eens een lange ochtend bij de bijstandsrechter zitten.

Mevrouw S. moet 82 duizend euro terugbetalen omdat ze stiekem taarten verkocht. Mevrouw K. woont volgens een spiedende overbuurman niet alleen. Mevrouw J. kreeg bijzondere bijstand waar ze geen recht op had: verhalen zonder begin en eind.

Het is bij de Centrale Raad van Beroep, die in het gerechtsgebouw een eigen lift omhoog heeft naar een onbekende gang waar zich voor drie raadsheren de levens ontvouwen van mensen waarover je nooit hoort. Hier eindigen jarenlange bijstandszaken in hoger beroep, vaak ontstaan in gemeenten die werk maakten van de fraudejacht.

Aparte lift naar een aparte rechtsgang. Beeld Toine Heijmans
Aparte lift naar een aparte rechtsgang.Beeld Toine Heijmans

Tien jaar Rutte was streng strenger strengst, en dat verandert. Ruim tachtig gemeenten versoepelden al de bijstandsregels, na politieke commotie over de vrouw die boodschappen kreeg van haar moeder en daardoor duizenden euro’s moest terugbetalen. Gevolg van de hardvochtige Participatiewet, die bijstandsontvangers verplicht de gemeente te informeren over alles wat inkomen kan zijn. Nog zijn gemeenten streng in de leer, onderzochten journalisten van Investico, maar zelfs Rotterdam, de grootste leverancier van rechtszaken over de bijstand, voert al een ‘menselijker beleid’, schreef Trouw.

Maar hoe?

‘De bedoeling vandaag is een goed gesprek met elkaar’, begint raadsheer Van Straalen.

Mevrouw J. kreeg bijzondere bijstand en moest dat terugbetalen, dat is rechtgezet maar nu wil ze ook de proceskosten vergoed, ‘een eenvoudige zaak is heel complex geworden’, zegt Pieter Klaas Bossaert die de gemeente Wageningen vertegenwoordigt. Het gaat om 396 euro, de proceskosten zijn hoger, de zaak loopt al twee jaar, ‘dat had niet gehoeven als we via mediation hadden gekeken wat er precies speelt’. Hij werkt al sinds 1982 met de elkaar opvolgende bijstandswetten, ‘ik hoop dat het eenvoudiger en menselijker wordt, maar tegelijk moet je niet alles loslaten want dan krijg je weer het bijstandstoerisme van vroeger’. De menselijke maat is evenwichtskunst.

Mevrouw K. is gescheiden maar woont stiekem bij haar ex-man en kinderen, vindt de gemeente Lelystad, en moet terugbetalen. De zaak loopt vier jaar. De wijkagent had het ‘van verschillende bronnen’, en zag haar af en toe ‘via het raam in de woning’. Een buurvrouw zag K. haar kinderen naar school brengen. Het waterverbruik is uitgelezen, ook iets wat gemeenten doen om fraudeurs te betrappen. Een spiedende overbuurman is politieagent en meldde dat ze ‘90 procent’ van haar tijd bij haar ex was – het lijkt een uitgemaakte zaak.

Maar met een paar scherpe vragen vegen de raadsheren het bewijs van tafel: niet specifiek genoeg om vast te stellen dat ‘het zwaartepunt van haar persoonlijke leven’ zich in dat huis afspeelde. Zelfs de vertegenwoordiger van de gemeente moet dat beamen. ‘Al pratende komen we soms tot voortschrijdend inzicht’, zegt raadsheer Jacobs, ‘en ik meen te proeven dat dit misschien ook bij u het geval is.’

En op de gang zegt advocaat Marcel Mes, die niets dan bijstandszaken doet, dat rechters ‘steeds kritischer’ worden. ‘Dat hele rigide gedoe met de Participatiewet gaat er wel vanaf denk ik.’ Ook omdat duidelijk is dat hard opsporen en straffen mensen verder in de penarie brengt. Al dat procederen en sociaal rechercheren: de tijd, de moeite en de kosten staan soms niet in verhouding tot de opbrengst.

De raadsheren, vertellen ze tussen de zaken door, proberen de partijen het liefst zelf tot een oplossing te bewegen. Ze volgen strak de wet, die telkens verandert, maar ook het maatschappelijk debat over de fraudejacht, ‘dat maakt dat je nog kritischer naar jezelf gaat kijken’.

Mevrouw S. heeft een hopeloze zaak, beseft ook haar advocaat: ze verkocht stiekem taarten en liet zelfs visitekaartjes maken, en gaf die inkomsten niet op. Duidelijk. Maar nu leeft ze ‘op de bestaansgrens’ en moet ze 82 duizend euro betalen, en omdat ze voor fraude is veroordeeld kan ze vijf jaar niet terecht in de schuldsanering.

De raadsheren demonteren haar zaak, leggen de onderdelen naast elkaar, ‘zullen we eens hardop nadenken’, en even later is iedereen het erover eens dat schuldhulpverlening voor mevrouw S. van groot belang is, ‘het is zinnig concrete oplossingen te bedenken om wat licht aan het eind van de tunnel te geven’, zegt raadsheer Van der Ham.

Het zijn maar drie rechtszaken, toch tekent zich heel voorzichtig iets af waarin je de menselijke maat herkent.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden