Column Peter de Waard

Had Wim Kok niet beter premier van Italië kunnen zijn?

Terwijl de Italiaanse premier Silvio Berlusconi in zijn 500miljoen kostende landgoed Villa Certosa op Sardinië rond de eeuwwisseling de vakantievierende elite van de wereld (Blair, Poetin) ontving, toerden Wim en Rita Kok met hun Ford langs B&B’s in het Zuid-Engelse Cornwall.

Zelden was het contrast tussen nuchtere Hollanders en flamboyante Italianen zo duidelijk. Kok was de bescheidenheid zelve. Hij was getuige de krantenkoppen van maandag nog veel meer: vaderfiguur, koning van het poldermodel, verbinder, pragmaticus, premier van formaat, klassiek staatsman en integer politicus. Links en rechts, eurofielen en eurofoben, allochtonen en autochtonen, populisten en elitisten sloten hem in armen als ‘de man die het land verenigde’.

In dezelfde periode dat Kok hier premier was – van 1994 tot 2002 − had Italië zeven premiers: Ciampi, Berlusconi, Dini, Prodi, d’Alema, Amato en opnieuw Berlusconi. Ze waren allemaal minder knorrig dan Kok, maar konden geen middenweg vinden om links en rechts en noord en zuid te verenigen. Na ruim een jaar werden ze weer afgeserveerd.

Budgettair kon daardoor ook nooit orde op zaken worden gesteld. Hoewel in het groei- en stabiliteitspact was bepaald dat de deelnemende landen aan de eurozone geen hogere staatsschuld mochten hebben dan 60 procent van het bbp, bleef die van Italië onder al die premiers gewoon boven de 100 procent. Economisch had Italië nooit lid van de eurozone mogen worden. Maar om politieke redenen mocht Italië niet ontbreken. Ook Kok, die nog had geroepen dat de regels van het groei- en stabiliteitspact in marmer waren gebeiteld, liet dat toe. Toen Griekenland zich twee jaar later meldde voor de eurozone, was een precedent geschapen en kon ook niemand dit land de toegang weigeren. Het zou tien jaar duren voordat de eurozone besefte dat het een even foute als onomkeerbare beslissing was.

Het zou overdreven zijn Kok met zijn paars de architect van de Derde Weg of Neue Mitte te noemen. Hij was een product van zijn tijd. Na de ruk naar links van de jaren zestig en zeventig en de ruk naar rechts van de jaren tachtig, werden de jaren negentig het decennium van het midden – het compromis tussen liberalisme en socialisme. Clinton, Blair, Schröder en Kok pakten dit onafhankelijk van elkaar op. Ze geloofden allemaal een neoliberaal model te kunnen verenigen met een sterk sociaal vangnet. In het zuiden van Europa ontbrak die tijdgeest.

Als Kok in Palazzo Chigi, de ambtswoning van de Italiaanse premier, had gezeten en Berlusconi in het Torentje, was er net zo goed een Italiaans probleem geweest. Dan hadden de overschotlanden in het noorden de tekortlanden in het zuiden ook niet geholpen.

Uiteindelijk krijgt elk land de premier die het verdient. Soms is dat de juiste man op het juiste moment op de juiste plek. Dat geluk had Nederland met de man in het Fordje.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden