Opinie op zondag Daniela Hooghiemstra

Gunt Klöpping het alleen zichzelf om te zijn wie hij is?

Prikkelende opinies op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag een bijdrage van een vaste club auteurs. Nu journaliste en historica Daniela Hooghiemstra.

Internetjournalist en ondernemer Alexander Klöpping. Beeld ANP

Om het voor de mensen om hem heen ‘makkelijker’ te maken, publiceerde de eigenaar van mediasite Blendle, Alexander Klöpping, onlangs zijn ‘persoonlijke gebruiksaanwijzing’. Managers schijnen dat tegenwoordig vaker te doen, in de verwachting dat de samenwerking in hun bedrijf erdoor verbetert. Het was een lange lijst met punten, die mij herinnerde aan een vuistregel uit mijn eigen opvoeding: begin een zin nooit met ‘ik’. Klöpping doet dat 49 keer.

‘Ik ben koppig, dominant, bruut, sceptisch en competitief’. ‘Ik ben niet goed in het begrijpen en uitdrukken van mijn eigen emoties’. ‘Ik verander vaak van mening’. ‘Ik ben niet flexibel, zachtaardig of geduldig’. ‘Ik heb dagen dat ik nogal gedeprimeerd ben en liever niet uit bed kom’. Ik ben helaas niet erg beleefd’.

De lijst gaat zo een tijdje verder. Algemene regel in de omgang met Klöpping, zo werd mij na een punt of twintig duidelijk: hinder hem zo min mogelijk in het zijn van wie hij is. Veel kwam me bekend voor. Wie is er nu niet slecht in luisteren, wie voelt zich niet ‘gestresst’ wanneer hij zichzelf ‘in een hoek geschilderd’ heeft, en wie vindt het niet moeilijk om op tijd te komen?

Oefening in zelfbeheersing

De universele menselijke behoefte om te zijn wie je nu eenmaal bent, bracht Amy Groskamp-ten Have in 1939 tot het schrijven van haar standaardwerk Hoe hoort het eigenlijk?. Waar Klöpping met zijn document anderen wil helpen om zich aan te passen aan zíjn wereld, wilde zij anderen juist helpen zich aan te passen aan ándermans wereld. Zij boog zich dus juist over de vraag hoe de eigen gebruiksaanwijzing zoveel mogelijk geëlimineerd kon worden.

Oefening in zelfbeheersing vormde de afgelopen 450 jaar de rode draad voor gedragsregels. Een handleiding die de humanist Erasmus in 1530 schreef voor de opvoeding van prins Hendrik van Bourgondië, markeerde het ontstaan van een nieuwe ethiek. Door opkomst van handel, steden en burgers waren het niet langer God of zwaard die bepaalden of iemand rijk of machtig werd, maar draaide het om de gunst van de menselijke omgeving. Wederkerigheid werd voor gedrag het uitgangspunt. Wie zich de daarop gebaseerde etiquetteregels niet zichtbaar eigen maakte, kon sociale opmars vergeten.

Dat veranderde in de jaren zeventig van de vorige eeuw, toen het individu heilig werd en de norm verdacht. Alleen losers of fascisten onderwierpen zich aan regels. Tegen de stroom in gaan, werd het nieuwe sociale streven. Met het eigene als uitgangspunt werden nieuwe generaties groot.

Tegelijkertijd kwam een nieuwe elite op: die der techneuten. Zij blonken niet uit in het vermogen om zich in anderen in te leven, maar wel in het bouwen van ingenieuze technische systemen waarmee zij de complexe menselijke werkelijkheid in veel opzichten de baas werden.

Cocktail

Persoonlijke bevrijding en technisch vernuft hebben sindsdien een merkwaardige cocktail opgeleverd van verheerlijking van het individu aan de ene kant, en toenemende onwil (of onvermogen) zich daartoe te verhouden, aan de andere.

Het schrijven van een persoonlijke gebruiksaanwijzing getuigt zowel van waardering voor het individuele, als van weerzin daartegen. Het kenmerk van menselijke verhoudingen is dat zij onvoorspelbaar zijn. Ze ontwikkelen zich gaandeweg, met vallen en opstaan, door geven en nemen. Wie zijn gebruiksaanwijzing vooraf op papier zet, schat zijn eigen individualiteit op waarde, maar wekt niet de indruk veel vertrouwen te hebben in het samengaan met die van anderen.

Zou Klöpping ervan uitgaan dat de mensen in zijn omgeving commentaar hebben op zijn gebruiksaanwijzing en zal hij die, waar mogelijk, dan aanpassen? Verwacht hij dat de mensen in zijn omgeving zelf ook allemaal een persoonlijke gebruiksaanwijzing gaan schrijven? En wil hij vervolgens samen met hen gaan bespreken hoe zij hun gebruiksaanwijzingen beter op elkaar af kunnen stemmen?

Als dat het geval is, zou het schrijven van een gebruiksaanwijzing net zo goed achterwege gelaten kunnen worden. Dan plooit het zich immers vanzelf. Of is het misschien zo dat Klöpping zichzelf de vrijheid gunt om te zijn wie hij is, maar van anderen verwacht dat zij zich beheersen? Dat hij, omdat hij ingenieuze technische systemen bouwt, de enige is die 49 keer ‘ik’ mag zeggen?

Daniela Hooghiemstra is journalist en historica.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden