Gps-tracking van kinderen is veiligheidsillusie

Technologieën om kinderen te traceren, scheppen de illusie van veiligheid. Ze leiden juist tot minder gemoedsrust.

Beeld Getty Images

'De wereld wordt met de dag gekker en ik maak me vaak zorgen om de kinderen.' Dit commentaar verscheen onlangs op een forum naar aanleiding van een nieuwsartikel over 'Spotter', een toestelletje met gps-tracking dat ouders toelaat om hun kind voortdurend te traceren.

De dame in kwestie vond het een goed idee om kinderen, elke keer als ze losgelaten worden in de grote boze gekke buitenwereld, te volgen via technologie. Hoewel studies aantonen dat de westerse wereld almaar veiliger wordt, blijven velen ervan overtuigd dat gevaar op en om elke hoek loert. En daar springen marketeers gretig op in.

Naast Spotter zijn er tal van apps die je, al dan niet met medeweten van je kind, op zijn of haar smartphone kunt installeren, zoals Life360 of 1topspy.

Een kind kan al vanaf de wieg 'gekwantificeerd' worden, onder meer dankzij Mimo, een slim babyrompertje, dat de baby vanaf de geboorte aan het netwerk en aan de smartphone van mama en papa kan verbinden.

Vals gevoel van veiligheid

Hoewel deze technologieën beloven gemoedsrust te brengen, is het waarschijnlijker dat ze de mentale last verhogen. Als je voortdurend verbonden bent met je kind, ben je ook continu verantwoordelijk.

Die last is zwaarder dan sommigen denken. Neem dit voorbeeld uit de zorgcontext: zorggevers kunnen steeds gealarmeerd worden op hun telefoon als sensoren in het huis van de zorgbehoevende een probleem detecteren. Studies tonen aan dat zorggevers, bijvoorbeeld kinderen van een zieke ouder, aangeven dat dit hun onrust verhoogt, omdat ze 7 dagen per week, 24 uur per dag zorg geven en steeds verantwoordelijk zijn, ook op afstand.

Bovendien creëren dit soort technologieën een vals gevoel van veiligheid, want in hoeverre kun je als ouder op afstand interveniëren? De kansen zijn laag dat een vreemde je kind iets zal aandoen, maar stel nu dat het toch gebeurt: dan zal die persoon waakzaam zijn en de Spotter (of iets dergelijks) meteen verwijderen. Hoezeer sommigen dit ook wensen, je kunt niet elke vorm van gevaar reduceren tot nul, ook niet door middel van technologie.

In België liep een proefproject waarbij pasgeboren baby's in het ziekenhuis een enkelband kregen die een alarm zou uitsturen als de baby weggenomen zou worden. Dit proefproject werd terecht zwaar bekritiseerd omdat het nodeloos angst voedt, terwijl het risico van ontvoering zeer laag is. Ook hier was trouwens sprake van een vals gevoel van veiligheid, want onderzoek wijst uit dat de enkelband niet meer werkt als men er aluminiumfolie rond wikkelt.

Levenslessen

Ouders overschatten het gevaar dat hun kind loopt. Daardoor zijn ze eerder geneigd om slogans, verzonnen door gewiekste marketeers, en anekdotes te geloven dan dat ze zich baseren op realistische cijfers inzake risico-inschatting.

Het is niet onwaarschijnlijk dat angstige ouders angstige kinderen kweken. Door een artificiële navelstreng via het netwerk in stand te houden, riskeer je bovendien dat je je kind belangrijke ervaringen ontneemt die het leren om voorzichtig te handelen en om zelfvertrouwen en zelfstandigheid te kweken.

Zulke levenslessen dreig je weg te nemen als je voortdurend de privacy van je kind binnendringt. Er vindt een verschuiving plaats waarbij surveilleren niet langer als een vorm van controle wordt beschouwd, maar als een vorm van ouderlijke 'zorg'.

Nuttig

Kinderen verzetten zich tegen ouderlijk toezicht via technologie. Kinderen die vaak gecontroleerd worden via telefoontjes of sms, liegen dat hun batterij leeg is of dat ze geen beltegoed meer hebben. Het is niet onwaarschijnlijk dat, als een kind weet dat het via de smartphone getraceerd wordt, het zijn of haar telefoon gewoon aan de bravere leerling van de klas zal meegeven. Het is belangrijker om de dialoog aan te gaan, dan de technologie aan hen op te dringen.

De mogelijkheden om op afstand toezicht te houden op de ander zijn legio. Zo is er ook voor wantrouwige partners een reeks 'adultery apps' beschikbaar. Hoewel gps-technologieën nuttig kunnen zijn, bijvoorbeeld in het geval van dementerenden, is er in de meeste gevallen geen probleem, behalve een buitensporig doch onterecht gevoel van angst en wantrouwen.

Laten we dat probleem aanpakken.

Katleen Gabriels is onderzoeker computerethiek aan de Vrije Universiteit Brussel. Beeld Menno Pelser
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden