Column Joost Zaat

Goed advies vraagt goede vragen, maar wat willen ze precies?

Huisarts Joost Zaat (64) houdt al bijna 35 jaar praktijk in een armere wijk in Purmerend. Daarover schrijft hij wekelijks een column in de Volkskrant.

De nek van mevrouw Peeters doet pijn. Ze slaapt er slecht door. Haar werkdruk is hoog en haar flexplek is niet optimaal in te stellen. Zo kan ze niet werken. Of ik haar naar de neuroloog wil sturen.

Het hele lijf van mevrouw Maes blijft zeer doen. Ze heeft al jaren overal ‘versleten gewrichten’. Of ik iets beters tegen de pijn heb.

Het hele leven van mevrouw Mertens doet zeer. Ze zit in de put en slaapt niet. Een van haar kinderen is zit meer in de cel dan daarbuiten. Of ik een pil heb om beter te slapen naast de pillen die ze al van de psychiater krijgt.

Mijnheer Wouters was zondag stikbenauwd. COPD is maar een van zijn vele chronische aandoeningen. Op de huisartsenpost zeiden ze dat hij naar de longarts moest. Zijn vrouw vond dat ook. Of ik hem kan verwijzen.

Willekeurige patiënten uit een spreekuur. Verwijzen is makkelijk. Even wat gegevens inkloppen en op ‘verstuur’ klikken. Binnen een paar dagen belt een polikliniek-assistente de patiënt voor een afspraak. Voorschrijven is ook simpel. Pilletje kiezen, het juiste aantal en gebruik invullen en klik. Succes ermee.

Maar heb ik ze dan geholpen? Worden ze er beter van? Goed advies vraagt goede vragen. Wat willen ze precies? Minder pijn? Sneller aan het werk? Beter slapen of een zoon die weer op het rechte pad komt? Een tevreden vrouw? In een consult voeren huisarts en patiënt een dansje op. Samen beslissen heet dat. Je tast voorzichtig af wat de ander wil en kan, maar slechte dansers staan snel op elkaars tenen. Ik dacht dat ik dat altijd aardig deed, maar dat zal wel niet kloppen. Volgens video-opnames beslissen huisartsen weliswaar meer samen met de patiënt dan 10 jaar geleden, maar het blijft meestal een onbeduidend hikje in het gesprek. Vrijwel geen enkele dokter deed het helemaal goed. De Patiëntenfederatie heeft voor die ‘samen-beslis-dans’ drie goede vragen bedacht: wat zijn de mogelijkheden, wat zijn voor- en nadelen en wat betekent dat voor mij? Nog nooit vroeg iemand me dat zo, maar het zijn prima vragen. Wat is er zo moeilijk aan? Misschien schrikken artsen van de promotie van die vragen omdat het antwoord op de tweede vraag zo verdraaid lastig in maat en getal is uit te drukken ondanks alle richtlijnen. De neuroloog voor de nekpijn heeft geen nut. Dat weten we zeker, maar met welke pijnstiller mevrouw Maes haar hondjes beter kan uitlaten of wat de beste ondersteuning is voor het gezin van mevrouw Mertens? Geen cijfers bekend om goed de voor- of nadelen te wegen.

Allerlei instanties omarmen ‘samen beslissen’. Het Zorginstituut Nederland heeft een onderzoeks- en implementatieprogramma en minister Bruins beloofde dat er in 2022 voor de helft van veelvoorkomende aandoeningen patiëntrelevante uitkomsten zouden zijn. Nog maar een jaartje en dan kan ik Maes, Mertens en Wouters dus een goed antwoord geven. Lieve beleidsmakers en onderzoekers, willen jullie daarom een beetje opschieten met dat relevante onderzoek? Of blijft het een zoveelste ‘beleidsrelevant’ luchtkasteel?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.