Opinie geestelijke gezondheidszorg

GGZ vraagt om echte specialisten

De inzet van ervaringsdeskundigen in de geestelijke gezondheidszorg is geen goede zaak, betoogt hoogleraar Jan Derksen. 

Beeld Thinkstock

Hbo-opleidingen staan in de startblokken om ervaringsdeskundigen klaar te stomen voor werk in de ggz (de Volkskrant, 9 september). Deze nieuwe ‘beroepsgroep’ is al enkele ­jaren bezig met een opmars in de zorg en binnenkort vergoeden zorgverzekeraars hun werk. Dit is geen goed idee en het werk in de ggz wordt met de ervaringsdeskundige geen goede dienst bewezen.

Bij psychische aandoeningen, anders dan bij lichamelijke ziekten, is een van de problemen dat iedereen zichzelf als deskundige ziet. Op basis van de eigen ‘belangrijke’ ervaringen wordt geadviseerd en verkondigd. Dat generaliseren op grond van eigen beleving is gemeengoed. De deskundigheid van hen die hiervoor universitair en in het vervolg daarop specialistisch zijn opgeleid en een BIG-registratie hebben – zoals klinisch psychologen en psychiaters – wordt gemakkelijk ter discussie gesteld.

Intake door student

Afgelopen jaren hebben we in de eerstelijnszorg al meegemaakt dat de eerstelijnspsychologen werden vervangen door hbo-opgeleide verpleegkundigen. In de gespecialiseerde ggz worden de eindeloze wachtlijsten momenteel ingelopen met basis­psychologen met een vierjarige opleiding en zonder BIG-registratie. Ik maak mee dat we vanuit de basis-ggz verwijzen naar de specialistische zorg en een van mijn studenten de intake doet.

De laatste twintig jaar zijn in de ggz behandelprotocollen ingevoerd, waarmee zowel de diagnostiek als de behandeling oppervlakkiger zijn geworden; de diepgang die past bij psychische aandoeningen ontbreekt. De uitvoerder van een protocol kan een ‘technicus’ zijn. Op grote schaal zijn clinici vervangen door deze technici die zich beperken tot opeenvolgende stappen in het protocol, zonder dat zij ervaring hebben met het psychotherapeutisch beïnvloeden van het emotionele leven waarin psychische aandoeningen doorgaans ook zijn geworteld. Het gevolg: meer cliënten melden zich opnieuw aan nadat zij voor een eerste keer in behandeling zijn geweest. Ze ervaren hun ­diagnose en behandeling als te ­beperkt en voelen zich onvoldoende geholpen.

Verschraling

Deze verschraling van de ggz wordt met de goedkopere ervaringsdeskundigen verder doorgetrokken. Natuurlijk beweren de ervaringsdeskundigen dat ze niet gaan diagnosticeren en behandelen, maar louter ondersteunen: het bekende hellende vlak. Voorts leert mijn klinisch werk dat mensen die een psychische aandoening hebben (gehad) en zich presenteren als ervaringsdeskundigen, zelf doorgaans nog onvoldoende zijn hersteld en op deze manier in zorg blijven. Het is veel gezonder als iemand na een behandeling zijn eigen beroep en bezigheden oppakt.

Psychische aandoeningen kennen een grote complexiteit. Adequate ­bejegening van cliënten evenals zorgvuldige diagnostiek en behandeling zijn specialistisch werk en de ggz wordt efficiënter indien de specialist laagdrempelig, liefst in de eerstelijnszorg, praktiseert.

 Jan Derksen is hoogleraar klinische psychologie in Nijmegen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden