Opinie

'Geschiedenis is wel degelijk ten einde'

Populistisch-conservatieve landen vormen geen bedreiging voor de westerse liberale democratie, betoogt internationaal jurist, schrijver en voormalig diplomaat Serv Wiemers.

Francis Fukuyama Beeld afp

Vrijwel dagelijks wordt in Syrië een 'rode lijn' overschreden. In Oekraïne lapt Poetin het internationaal recht aan zijn laars. De Koude Oorlog lijkt terug van weggeweest. Rechts-populisten gaan een grote overwinning behalen bij de Europese verkiezingen. Wat is er aan de hand? Staat de wereld op de drempel van een nieuw tijdperk?

Om daarop antwoord te geven, moeten we terug naar het einde van de (vorige) Koude Oorlog. De filosoof Francis Fukuyama schreef een essay dat de politieke tijdgeest op dat moment perfect weergaf: Het Einde van de Geschiedenis. Fukuyama constateerde in 1989 dat niet alleen de Koude Oorlog was afgelopen, maar ook de ontwikkeling van politieke ideeën. Met het afvallen van het communisme - en eerder het fascisme - bleef er geen uitdager meer over voor de liberale democratie. Die zou uiteindelijk universeel de beste bestuursvorm zijn.

Westers triomfalisme
Natuurlijk kreeg Fukuyama ook kritiek. Hem werd westers triomfalisme verweten en hij zou culturele en religieuze verschillen te makkelijk afdoen (hoe zit het met de politieke islam?). Toch werd de liberale democratie inderdaad wereldwijd de standaard. Inclusief de principes van de rechtsstaat, zowel binnen een land als in de verhouding tussen staten. Grensoverschrijdende problemen als klimaatverandering, armoede en conflict werden aangepakt met internationale conferenties en afspraken. De Europese Unie werd flink uitgebreid - qua leden en mandaat.

Het aantal democratieën nam daadwerkelijk toe. Van wereldwijd 12 aan het einde van de Tweede Wereldoorlog via 72 landen in 1993 tot 117 nu.

De wereldwijde doorbraak van de liberale democratie gaf een forse impuls aan de globalisering. Landen en mensen werden nog meer met elkaar verbonden: politiek, economisch, technologisch en cultureel. Nu kan iedereen de hele wereld op elk moment volgen via social media op zijn smartphone. Ook zoiets eenvoudigs als een pot Nutella is geglobaliseerd: gemaakt in negen fabrieken verspreid over de wereld van Turkse hazelnoten, Braziliaanse suiker, Franse vanille, Nigeriaanse cacao en lokale melk, en verkocht in 75 landen.

De laatste maanden voert echter ander nieuws de boventoon. Rusland heeft geen boodschap aan globalisering of internationaal recht. Poetin speelt een machtsspel en veegt de regels die hem niet welgezind zijn van tafel. Dat doet hij rond Oekraïne, maar ook binnenslands. Rusland is politiek noch economisch een liberale democratie. Behalve de nauwe banden tussen economie en staat (Gazprom is meer een politiek instrument dan een bedrijf) is de onderdrukking van kritische tegengeluiden kenmerkend.

Ook kenmerkend is zijn culturele kompas: nationalisme en sociaal-conservatisme. Poetin grijpt terug op 'traditionele waarden': gezin en volk staan centraal en voor 'moderne uitwassen' als homoseksualiteit is geen plek. Daarmee krijgt hij een groot deel van de bevolking achter zich. Dat is interessant, want daarin staat hij niet alleen. Kijk naar de cultureel-conservatieve agenda van Wilders in Nederland of van vergelijkbare rechts-populistische partijen in Europa en de VS. Ook daar zoekt men houvast bij - veronderstelde - traditionele en nationalistische waarden. Vandaar dat vanuit die conservatief-populistische hoek bewondering of zelfs steun voor Poetin klinkt. Ook Wilders sloot zich daarbij aan door een groot deel van de schuld van het Oekraïne-conflict bij de EU en de VS te leggen.

In zijn onlangs verschenen boek We zijn nog nooit zo romantisch geweest schetst filosoof Hans Kennepohl een internationale tijdgeest waarin de Romantiek met haar nadruk op gevoel en traditie terrein wint op de rationele Verlichting. In dat licht bezien is het groeiende nationalisme en populisme, en het voorrang geven aan het ultiem romantische gesundes Volksempfinden boven wet en recht, goed verklaarbaar.

De nieuwe uitdager?
Heeft Fukuyama dan toch geen gelijk en is de geschiedenis niet afgelopen? Is het populistisch-conservatisme de nieuwe uitdager? Is het internationaal recht failliet? Of, zoals Derk Jan Eppink opperde (O&D, 30 april), wordt de basisstructuur van de internationale politiek omgegooid?

Daarvoor moeten we terug naar wat Fukuyama bedoelde met de triomf van de liberale democratie. De kern van het succes daarvan is de vrije concurrentie van ideeën; iedereen mag zeggen wat hij wil. In een open samenleving komt het beste idee per definitie boven. Daarmee is een liberale democratie innovatiever en kan die ook beter reageren op uitdagingen. Tel daarbij dat onderzoeksresultaten en investeringen bij wet worden beschermd en niet zijn overgeleverd aan de willekeur van machthebbers, en het is duidelijk dat een liberale democratie garant staat voor economische ontwikkeling.

Andersom zullen populistisch-conservatieve landen per definitie minder welvarend en innovatief zijn en daarmee minder bedreigend voor het 'westerse' model. Taboes en censuur houden ook goede ideeën tegen. Bovendien heeft ieder bedrijf er baat bij te worden gerund op basis van bedrijfsmatige en niet van politieke afwegingen. Natuurlijk kan het een tijdje goed gaan. Rusland kan drijven op zijn olievoorraden en China op zijn eindeloze massa goedkope arbeid. Maar een langetermijnuitdaging vormen deze landen niet. De verwachtingen van de Russissche economie worden nu al teruggeschroefd. China beseft heel goed dat als het een volgende stap in de economische ontwikkeling wil maken, liberalisering noodzakelijk is, en meer rechtszekerheid ter bescherming van intellectueel eigendom waarmee innovatie aantrekkelijker wordt. Zo komt de rechtsstaat om de hoek kijken.

Mengeling van recht en (economisch) machtsspel
Ook het internationaal recht hoeft niet te worden begraven. Internationale betrekkingen worden altijd al geleid door een mengeling van recht en (economisch) machtsspel. De ene keer houdt Japan zich aan de uitspraak van het Internationaal Gerechtshof inzake de walvisjacht. De andere keer kan Assad doorgaan met het schenden van humanitair oorlogsrecht. Het ongestraft schenden van een rechtsregel toont niet meteen de zwakte van een rechtssysteem aan. Ook in Nederland zelf wordt slechts een kwart van de misdrijven opgelost.

De conclusie moet zijn dat, hoewel de geschiedenis geen rechte lijn bewandelt en soms een stap terug doet, Fukuyama nog steeds gelijk heeft en de politieke geschiedenis toch echt is geëindigd.

Serv Wiemers is internationaal jurist, schrijver en voormalig diplomaat.


Beeld epa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden