Geopolitiek strateeg Parag Khanna: 'landen strijden niet om grondgebied, maar om infrastructuur'

Al roepen de Trumps van deze wereld nog zo hard om muren, globalisering gaat door. In de volgende fase draait alles om connectiviteit, zegt geopolitiek strateeg Parag Khanna. China, met zijn spoorlijnen en havens in het buitenland, ziet hij daarbij als koploper.

Parag Khanna Beeld Hans Klaverdijk

Het World Economic Forum in Davos was deze week de hoofdstad van Paragistan - het multimediaproject waarin de Amerikaanse schrijver Parag Khanna zijn volgers meeneemt naar de pleisterplaatsen van de mondiale elite. Khanna zelf is de ideale Paragistani. Geboren in India, opgegroeid in Abu Dhabi, Dubai en de Verenigde Staten, wonend in Singapore en Berlijn, en driekwart van het jaar op reis van het ene congres naar het andere. De ultieme 'Davosmens'.

Khanna (40) is geopolitiek strateeg, analist en adviseur van vele broodheren. Zijn boeken schetsen een wereld waarin grootmachten concurreren om opkomende markten, de internationale gemeenschap 'nieuwe middeleeuwen' ingaat door afnemende samenwerking en chaos, maar tegelijk ook een wereldwijde 'netwerkbeschaving' ontstaat door nieuwe wereldomspannende infrastructuren voor transport, energie en internetcommunicatie.

Deze 'connectiviteit', de volgende fase van de globalisering, is het thema van Khanna's bekendste boek, Connectography, een klassieke vliegveldbestseller. Landen strijden niet meer om grondgebied maar om infrastructuur die toegang biedt tot grondstoffen en markten. Megasteden als Shanghai, Singapore en Dubai spelen daarbij een hoofdrol. En de grote winnaar van deze nieuwe Great Game is China, dat overal spoorlijnen, pijpleidingen en internetkabels aanlegt, de 'nieuwe zijderoutes' die de toekomstige wereldorde schragen.

Een briljante analyse volgens de fans, modieuze oppervlakkigheid volgens critici. Want Khanna is omstreden. The New Republic noemde hem in 2011 een van de meest overschatte denkers van het jaar. En profileerde hem als een 'intellectuele bedrieger' met dedain voor democratie en mensenrechten, vanwege zijn positieve houding tegenover China.

Waar het World Economic Forum in het teken stond van zorg over dreigende internationale confrontaties en sterke-mannenpolitiek, blijkt Khanna optimistisch. Natuurlijk, de spanning met Noord-Korea kan verder oplopen, zegt hij. 'Maar dit kan ook het jaar worden waarin Noord- en Zuid-Korea zich vreedzaam herenigen.' En zeker, Centraal-Azië zit vol postkoloniale conflicten. 'Maar China dwingt buurlanden ook samen te werken aan grensoverschrijdende infrastructuur. En dat bevordert de opkomst van de interconnected supply chain world', zegt Khanna in de aanloop naar Davos boven zijn lapsang souchong en avocadotoast in een hip Berlijns hotel.

cv Parag Khanna

1977 Geboren in Kanpur, India (27 juli)

2005 Master veiligheidsstudies, Georgetown University

2008 Boek The Second World: Empires and Influence in the New Global Order

2010 Promotie internationale verhoudingen, London School of Economics

2010 Young Global Leader, World Economic Forum

2011 Boek How to Run the World: Charting a Course to the Next Renaissance

2012 Senior Research Fellow, National University of Singapore

2016 Connectography: Mapping the Future of Global Civilization

2016 Global Contributor, CNN

2017 Boek Technocracy in America: Rise of the Info-State

U zingt voortdurend de lof van die grenzeloze connectiviteit die om ons heen zou ontstaan. Maar zien we niet vooral oplevend nationalisme?

Khanna: 'Dat nieuwe nationalisme als reactie op de globalisering is zeker geen wereldwijd verschijnsel. Liberale Europese media als The Financial Times mogen dat graag beweren, maar het is bullshit. Vraag het maar aan de armste inwoners van de armste landen. Die stellen hun hoop op de rest van de wereld omdat ze van hun eigen land en hun eigen regering niets te verwachten hebben. Negentig procent van de wereldbevolking is dól op globalisering.

'De bewoners van Groot-Brittannië inderdaad niet, maar die hebben zichzelf afgekoppeld. Het kan niemand meer iets schelen wat de Britten denken, en hoe het met hun Brexit gaat, behalve henzelf. Moeilijk te begrijpen wellicht voor een Europeaan, maar Engeland doet er niet meer toe. Sterker, in het grote geheel der dingen doet geen enkel Europees land er nog toe, zelfs Duitsland niet. En dat zeg ik met liefde, want ik ben de meest pro-Europese Amerikaan.

'Weet je wat het met dat nationalisme is? Europese landen hebben een soort omslagpunt bereikt. Jullie samenlevingen zijn voorgoed van samenstelling veranderd doordat de tweede generaties migranten staatsburger zijn geworden. Jullie kunnen mensen met een donkere of getinte huidskleur zoals ik niet meer zomaar uitzetten. Begrijpelijk dus dat sommige Europeanen van streek raken. Maar hun woede botst met de demografische realiteit. Want die is dat jullie blanke bevolkingen vergrijzen, krimpen en uitsterven.'

Wat adviseert u krimpend Nederland? De grenzen openen?

'Nee hoor, waarom? Er zijn tal van manieren om slim met dit probleem om te gaan. Het is geen rocket science. Je mag als land eisen stellen aan economische migranten. Mensen denken dat ik een grenzeloze wereld voorsta, maar dat is nonsens. Regeringen hebben een soevereine verantwoordelijkheid om hun samenlevingen overeind te houden. Maar we moeten ons wel instellen op een wereld waarin massamigratie de norm is. Sterker, we leven er al in.

'Er zijn honderden miljoenen migranten op de wereld, en nog veel meer als je de migratie van stad naar platteland meerekent. Ikzelf woon en werk al tientallen jaren niet meer in mijn land van herkomst: eerst in de VS en Dubai, tegenwoordig in Singapore en in Berlijn. Zo zullen steeds meer mensen deel uitmaken van een voortdurend rondtrekkend wereldwijd arbeidsleger.'

Dat klinkt als permanente ontworteling.

'Maar wel een ontworteling die kansen biedt. Het grote voorbeeld is Dubai, waar ik nog steeds een huis heb. Europeanen kijken er vaak wat op neer, maar Dubai is een van de snelst groeiende steden in de geschiedenis omdat mensen uit Aziatische en Afrikaanse landen er een veilig, stabiel bestaan kunnen opbouwen en zich kunnen bevrijden van de misère waar ze vandaan komen.

'Wie Dubai lelijk en cultuurloos noemt, snapt er niks van. Je kunt de piramide van Maslow niet beklimmen zonder eerst je primaire levensbehoeften te stillen. Dubai biedt die mogelijkheid, aan mensen die vaak afkomstig zijn uit heel slechte omstandigheden. Vijf miljard mensen leven in dat soort omstandigheden. Ik ook, mijn geboortestad Kanpur in India was en is een waardeloze plek. Ik ben er alleen aan ontsnapt doordat mijn ouders kans zagen te emigreren.'

Migratie blijft dus een cruciale factor?

'Natuurlijk. The Economist wil je doen geloven dat elk land ter wereld bezig is met het optrekken van muren, zoals Trump van plan is, maar het tegenovergestelde is het geval. Elk land, behalve Groot-Brittannië dan, maakt het juist makkelijker voor mensen om binnen te komen. Zelfs de VS. Wat zijn de drukste grenzen ter wereld? Die tussen de VS en Canada en de VS en Mexico, met 30 en 50 miljoen legale grensoverschrijdingen per jaar. Maar alles waar we de afgelopen anderhalf jaar over gepraat hebben is die hypothetische muur!

'Migratie zal wel steeds minder eenzijdig worden. We staren ons nu blind op de desperate Afrikanen in hun lekke bootjes op de Middellandse Zee.

'Maar kijk voor de toekomst eens naar Mexico en Turkije, landen met een enorme economische groei. Er keren evenveel Turken terug als er vertrekken. Meer Mexicanen trekken nu naar Mexico dan naar de VS. Waar groei en ontwikkeling ontstaan, zul je uiteindelijk uitkomen op een netto-migratie van nul.'

U ziet China als gidsland omdat het wereldwijd bouwt aan connectiviteit.

'China opent wereldwijd deuren. Het exporteert infrastructuur als een bijdrage aan groei en ontwikkeling, als een soort mondiaal publiek goed, vergelijkbaar met hoe de VS na 1945 met de Wereldhandelsorganisatie, het Internationaal Monetair Fonds en de Wereldbank de fundamenten legde van de moderne wereldeconomie. Een raamwerk dat we nog steeds gebruiken.

'Een kenmerk van infrastructuur is dat als het eenmaal aangelegd is, je het niet meer kunt weghalen. Infrastructuur heeft autoriteit, het is in grote delen van de wereld tastbaarder aanwezig dan de natiestaat. Neem de pijpleidingen die de koloniale machten in de vorige eeuw in het Midden-Oosten aanlegden, toen landen als Syrië en Irak nog niet eens bestonden. Die landen zijn weer bijna verdwenen, maar de pijpleidingen zijn er nog steeds.

'Zoals de hele wereld het door de Amerikanen opgebouwde handelssysteem gebruikt, zo zal het gaan met de Chinese infrastructuur. China bouwt nieuwe zijderoutes in Eurazië en daarna profiteert iedereen ervan. Als China een spoorlijn bouwt tussen Turkije en Pakistan, zal de onderlinge handel tussen die landen ook groeien. En de Chinese spoorlijnen en havens in Afrika zullen over tien jaar naar India gaan exporteren. Het gaat dus niet alleen over China.'

Maar China investeert toch uit eigenbelang?

'Natuurlijk, infrastructuur is China's geopolitieke strategie, omdat het geen militaire macht kan inzetten. Het heeft meer buurlanden dan welk land ook. Het leger kan niet in het buitenland opereren zonder enorme weerstand op te roepen. Daarnaast moet China veel grondstoffen importeren, wat het zo efficiënt mogelijk wil doen. Maar China wil geen gebieden koloniseren, het streeft meer naar een handelsnetwerk zoals dat van jullie VOC. Chinezen hebben liefst zo min mogelijk met andere volken te maken. Als ze al hun kobalt in China zouden kunnen synthetiseren, zouden ze hun mijnen in Congo direct sluiten.'

Is al die infrastructuur niet schadelijk voor de planeet?

'Helpt China met zijn spoorlijnen, havens en stuwdammen de wereld naar de filistijnen, bedoel je? Ja en nee. China heeft ook het voortouw genomen bij de strijd tegen klimaatverandering. Een groot deel van de Chinese schuldenberg wordt veroorzaakt door het feit dat ze al hun oude kolencentrales moeten afschrijven. En China is de grootste exporteur van schone technologie.

'Tegelijk besef ik heel goed dat infrastructuur niet alleen de drijvende kracht is achter mondiale connectiviteit, maar dat het ook de grootschalige exploitatie van grondstoffen mogelijk maakt. Spoorlijnen en pijpleidingen zijn ook wapens waarmee we de natuur verwoesten. Je moet dus proberen die schade te minimaliseren. Dat kost meer, maar zal uiteindelijk goedkoper zijn.'

Klimaatverandering is de grootste bedreiging.

'De geopolitieke gevolgen zullen enorm zijn. In Connectography staat een kaart van de gevolgen van een opwarming van 4 graden. India, China en Afrika zullen uitdrogen en grotendeels ongeschikt worden voor landbouw, wat tot honderden miljoenen vluchtelingen zal leiden. Die gaan naar de dunbevolkte noordelijke landen die profiteren van de opwarming en straks de bulk van ons voedsel zullen produceren: Canada en Rusland.

'De Canadese overheid houdt al rekening met een verdrievoudiging van haar bevolking in 2100, maar Rusland staat daar zeker niet voor open. In een ideale wereld zou je je een internationaal gecoördineerde volksverhuizing kunnen voorstellen, maar die gaat er niet komen. Geen regering zal vrijwillig miljoenen vluchtelingen opnemen. De kans op gewapende conflicten is groot.'

Dat vraagt om een wereldregering. Of lost de 'supply chain' het oplossen?

'Economische verbindingen zijn de belangrijkste drijvende kracht in de wereld, maar zij kunnen niet alles oplossen. Wel geldt: hoe meer connecties, hoe meer opties. Of we die vervolgens benutten is een andere kwestie. In theorie kun je miljoenen vluchtelingen binnen een maand van Afrika naar Rusland verhuizen, maar of we dat ook gaan doen is een andere, politieke vraag. Connectiviteit is een 'enabler', het maakt ons niet per se slimmer of humaner.'

Hoe gaan we de wereldproblemen dan oplossen?

'Het filosofische antwoord is: met connectiviteit. Zonder connectiviteit krijg je nooit een wereldgemeenschap. Iets raakt ons pas als we er een band mee hebben. De impact van gebeurtenissen kun je meten in Google-hits. Dat is onderzocht voor de ramp met kledingfabriek Rana Plaza in Bangladesh. Die maakte wereldwijd enorme indruk omdat er kleren gemaakt werden voor Zara en H&M. Connectiviteit dus. Anders had het ons niets kunnen schelen.

'We gaan de wereldproblemen, en dat is een politiek antwoord, in elk geval niet oplossen met een wereldregering, of met VN-conferenties. Laten we het geld voor al die vliegtickets en diners steken in technologietransfer, want dat is waar het om draait. Hoe breng je kapitaal, technologie en grondstoffen daarheen waar ze nodig zijn? We kunnen met onze technologie alles oplossen. We hebben alleen problemen met de uitvoering en onenigheid over wie er moet betalen.'

Critici noemen u een apologeet van autoritaire regimes.

'Onzin, ik ben niet voor autoritarisme. Ik ben voor directe technocratie: een model dat de voordelen van directe democratie, ook via internet, combineert met een competente overheid die dingen doet voor haar burgers. Daarom besteed ik in mijn laatste boek Technocracy in America veel aandacht aan Zwitserland en Singapore, twee landen die zich voortdurend hervormen en opnieuw uitvinden. Met Zwitserland als mijn grote voorbeeld kan niemand beweren dat ik antidemocratisch ben. Ik pleit zelfs voor stemplicht. Overigens experimenteert een land als China al jaren met directe democratie.'

Adviseert u westerse landen het Chinese model?

'Ik schrijf over beleid, niet over politiek. Geen politiek systeem is perfect, en zeker het Chinese niet. Mijn model van directe technocratie is gebaseerd op best practice. Ik adviseer de VS niet om het Chinese of Singaporese systeem te adopteren. Wel om na te denken over een slagvaardiger politiek bestel. Bijvoorbeeld door die ene president te vervangen door een zevenhoofdige presidentiële raad, en het Congres door een senaat van gouverneurs.

'Kant-en-klare oplossingen zijn er niet, je moet voor elk probleem op zoek naar een ander model. Er is een wereldwijde markt voor overheidsdiensten. De Baltische staten bekijken of ze hun centrale banken, leger en telecom niet kunnen delen. Somalië heeft voor een nieuwe grondwet geput uit een Google-database. Slimme landen besteden taken uit die anderen beter kunnen. En het is digitale technologie die dit soort smart government mogelijk maakt.

'Je kunt bijvoorbeeld sociale media gebruiken om de publieke opinie te peilen en beter beleid te maken. Werklozen in de Amerikaanse Rust Belt hebben jarenlang gepost dat ze baalden van hun leven. Iemand in Washington had die onvrede in kaart kunnen brengen via metadata - zonder privacy te schenden. Dan hadden politici kunnen zeggen: hé, de mensen in Michigan zijn boos, laten we er iets aan doen. Denk je dat Trump dan president was geworden?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.