ColumnAleid Truijens

Geen gemakzuchtige verklaringen voor de gebrekkige kwaliteit van ons onderwijs graag

‘Hé, dat lijkt wel mijn brugklas!’ R., de leraar hier in huis, veerde op. Het NOS Journaal liet een leraar aan het woord, die zijn klas even een boek liet lezen terwijl hij werd geïnterviewd. Dat had hij gedacht. Achter zijn rug zwol een takkeherrie aan. ‘Dames en heren, kan het wat STILLER?’, vroeg de leraar. Het maakte geen indruk. De kinderen, van wie er één het boek op z’n kop hield, en een ander de tv-kijker een vette knipoog gaf, gingen niet lezen. Zomaar een boek lezen, echt niet.

Herkenbaar voor iedere leraar. Het zijn doorgaans schatjes hoor, die brugklassertjes. Een aandoenlijke leeftijd van nét-niet, soms stoer, soms aanhankelijk, altijd onzeker. De baby’s van de school, je vergeeft ze veel. Maar jee, wat is het moeilijk om ze twee minuten stil te krijgen. Of om ze iets te laten lezen dat langer is dan enkele zinnen. Of om ze zonder beeldscherm vijf minuten geboeid te houden. Na de les storten ze zich als junks op hun telefoontje. In de kantine en op het schoolplein is het wél rustig tegenwoordig; er wordt amper geschreeuwd of gevoetbald.

Aanleiding voor het NOS-item was de waarschuwing van Paul Rosenmöller, voorzitter van VO-Raad, dat hem ‘signalen’ bereikten dat het niveau van de brugklas achteruitgaat; veel kinderen komen met ‘achterstanden’ in de brugklas, vooral wat betreft lezen. Rosenmöller wijt die achteruitgang aan het groeiende lerarentekort op basisscholen. Cijfers om dat verband te staven heeft hij niet. Toch denkt hij het.

Het is goedkope retoriek. Geef het lerarentekort maar de schuld. Dan ligt het niet aan de kwaliteit van het onderwijs zelf, of het toenemende vluchtige online lezen. Verslaving aan smartphones onder jongeren is een groot probleem, dat vinden ook veel jongeren zelf. ­Rosenmöller, die pleit voor online gepersonaliseerd leren, nog meer uren achter een schermpje dus, wil het in die hoek niet zoeken.

Dat het niveau in het voortgezet onderwijs daalt, vooral bij lezen, is oud nieuws. Dat was al gaande toen er nog geen lerarentekort was. Iedere leraar die langer dan tien jaar voor de klas staat weet dat. Maar er is ook hard bewijs. Al sinds 2001 zakt Nederland met leesvaardigheid gestaag op de ranglijsten van de internationale onderzoeken PIRLS (9-jarigen) en PISA (15-jarigen). Uit de laatste PISA-meting bleek dat een kwart van onze 15-jarigen laaggeletterd is. Het ligt voor de hand dat als het niveau van 9- en 15-jarigen (op alle schooltypen) daalt, dat van 12-jarigen ook daalt. Dat Rosenmöller nu ‘signalen’ van achteruitgang ontvangt, is een tikkeltje laat.

Er wringt nog iets in Rosenmöllers verklaring. Als veel kinderen niet kunnen meekomen in hun brugklas, hoe komt dat dan? Scholen bepalen toch zelf wie ze toelaten, en op welk niveau? Kennelijk worden veel kinderen ‘te hoog’ geplaatst, al dan niet na druk van ouders op de leerkracht van groep 8, of na ingehuurde hulp als bijles en toets-training. Want veel ouders vrezen niets zozeer als een vmbo-advies.

Je kunt twisten over vroege of late selectie en over ‘passende’ adviezen. Kinderen hebben geen in lood geklonken niveau: als je meer van een kind verwacht en eist, blijkt het meer te kunnen; goed onderwijs leidt tot betere resultaten. Maar er blijven verschillen. Het huidige selectiesysteem leidt tot opwaartse druk en inflatie. De Onderwijsinspectie stelde vast dat, ondanks de niveaudaling, het behaalde opleidingsniveau stijgt. Gek hè?

De gebrekkige kwaliteit van ons onderwijs is iets waarvan VO-Raadsleden, bestuurders en politici wakker mogen liggen. Maar geen gemakzuchtige verklaringen graag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden