Geen bewijs

Ik lees mijn romans liever in het Japans.

Vandaag wil ik een theorie ontvouwen die ik maar 'Buwalda's vermoeden' noem, naar analogie van een onbewezen stelling in de linguïstiek die 'Reves vermoeden' heet en vernoemd is naar de bedenker ervan. Het vermoeden van Karel van het Reve luidde dat een taal niet kan functioneren zonder uitzonderingen.

Mijn vermoeden gaat niet over taalkunde, noch over wiskunde (een wetenschap waarin vreemd genoeg van alles wordt vermoed), maar over een leerstelling uit het snobisme, te weten dat je een roman maar beter kunt lezen in de originele taal.

De meeste mensen, is mijn ervaring, onderschrijven dit, en ach, zolang ze niet prevelen tijdens de lectuur, wat geregeld voorkomt, vaak met een vinger bij de regel en ook spuugbelletjes, moeten ze dat natuurlijk zelf weten. Maar dom is het wel. Je kunt veel beter een goede vertaling nemen. Ik maak daar graag ruzie over.

Er zijn redenen te verzinnen om in het Engels, Hongaars of Eskimo's te lezen, bijvoorbeeld om beter te worden in die talen, Frans Timmermans en Ivo Niehe zijn gewaarschuwd. En je steekt zeker weten een hoop op van Les bienveillantes of The Goldfinch, in elke alinea ben je wel een paar klepels tegelijk kwijt, zelfs met je Van Dale uit 1986 ernaast, al ligt die helaas thuis, maar ja, ook wel zwaar om mee te zeulen, weet je wat, ik lees er gewoon overheen, het is toch niet echt gebeurd, en het gaat om de sfeer tenslotte.

Ook een reden: jezelf beter voelen dan iemand die Het puttertje uit zijn tas haalt. ('Kijk, daar vliegt een goldfinch.' Knipoogje erbij.)

Stijldoofheid

Vroeger kon ik kwaad worden wanneer Frans of Ivo beweerde dat hij in het origineel 'zo veel meer' mee kreeg, volgens hem omdat in de gemiddelde vertaling 'toch wel veel' verloren ging 'hoor'. Dat was omdat ik net iets te veel Fransjes en Ivo's kende die bijvoorbeeld De avonden een gortdroog boek vonden, wat wellicht een kwestie van smaak is, maar vooral van stijldoofheid, vrees ik, en dus vroeg ik me af hoe dat moest in het Duits of Engels, met al die slang, en registers, en knipoogjes voor de allerlenigste.

Ook sprak ik weleens vertalers die dagen wikten en wogen over één woord (het juiste), langer nog dan de gemiddelde Ivo of Frans uittrok om zich door de hele Lolita heen te nattevingeren.

Een frisse indruk

Inmiddels ga ik uit van het goede in de snob. Misschien is zijn verrukking oprecht. Dat komt door mijn theorie. Buwalda's vermoeden luidt namelijk dat een olifant die door een buitenlandse roman banjert één groot voordeel heeft: hij herkent de clichés niet. Anders verwoord: de grootste platitudes maken op die olifant een frisse, tintelende, bijna erotische indruk.

Deze donkerbruinheden bekropen me toen ik de Engelse vertaling van mijn eigen roman zat te lezen. Omdat ik de Nederlandse versie vrij aardig ken, viel het me op dat ik geregeld opveerde bij zinsneden die in mijn origineel juist vlak waren, of gewoon: cliché. Het Engels kwam me op die plekken opvallend krokant voor. Terwijl navraag juist leerde dat de vertaler een volslagen versleten cliché had ingezet, iets als ons 'de plaat poetsen' bijvoorbeeld, of 'met een mond vol tanden staan' - slecht Engels dus, voor de slechte lezer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.