Column Marian Donner

Geef rokers de ruimte om van de norm af te wijken

Waar eindigt individuele vrijheid? Sinds John Stuart Mill zijn schadebeginsel formuleerde, lijken we het daarover eens. Je mag doen wat je wilt, zolang je anderen niet schaadt.

Maar daarmee is niet alles gezegd. Zo uitten Daniël Boomsma en Dirk-Jan van Vliet onlangs in deze krant hun zorgen over de toenemende neiging van politici om burgers tot ‘verstandige’ keuzen te dwingen. Willen we de individuele vrijheid behouden om zelf te bepalen wat verstandig is, dan zou de overheid gedrag niet moeten veroordelen op basis van een grenzenloos schadebeginsel à la: ‘Als u ongezond eet, gaan mijn zorgkosten omhoog.’

En ja, dit is een omweg om weer over roken te beginnen, ondanks alle woede die mijn vorige column opwekte, ik kan het niet laten, excuus alvast.

In hun artikel leggen Boomsma en Van Vliet niet uit waarom het schadebeginsel grenzen moet hebben, maar een belangrijke reden lijkt mij dat gezondheid anders al snel een morele keuze wordt, een kwestie van fatsoen tegenover de ander. Waardoor het wel heel makkelijk is om te vergeten dat niet iedereen de tijd en het geld heeft om dagelijks te yogaën of avocado’s te eten. De ongezonde ander, relatief vaak afkomstig uit de lagere klassen, is enkel nog een verstoorder van het eigen levensgeluk.

Nu heb ik zelf wel de tijd om gezond te zijn, alleen niet de wil, dus morele oordelen zijn bij mij misschien terecht. Ik was dan ook egoïstisch, kreeg ik te horen, een slechte moeder en een propagandist van de dood. Maar veruit de meestgenoemde klacht was dat mijn roken een agressieve daad is omdat het overlast geeft.

Die overlast betreft niet de gezondheid, de schade door roken in de openlucht vol fijnstof is nihil, maar wordt vooral ervaren als overlast op het eigen welzijn. Rook stinkt, het is vies, iemand mailde hoezeer een fijn moment op een terras werd verpest door een naburige kettingroker. Rook is voor de neus wat geluidsoverlast voor de oren is. Ik begrijp dat het vervelend is.

Ondertussen kan niemand ontkennen dat mensen zich tegenwoordig wel heel snel geschaad voelen. Eén verkeerd woord, één verkeerd grapje, en er is altijd wel iemand die dat ervaart als een persoonlijke aanval op zijn hele wezen.

Onwillekeurig moest ik denken aan de zogenaamde ‘tech bro’ die een paar jaar geleden een open brief schreef aan de burgemeester van San Francisco waarin hij zich beklaagde over alle daklozen op straat. Hij had te hard gewerkt om geconfronteerd te hoeven worden met zo veel ellende, vond hij zelf.

Nee, dat is niet hetzelfde als klagen over rook, maar het laat wel zien dat ervaren overlast niet genoeg is om een punt te maken. Net zoals een beroep op je eigen vrijheid niet genoeg is om de vrijheid van een ander te beperken. Hetgeen natuurlijk ook voor mij als roker geldt.

Maar wat mij betreft is dit helemaal geen discussie over individuele vrijheid. Waar het om gaat, is de vrijheid van de samenleving als geheel. En de ruimte die daarin bestaat om af te wijken van een norm die almaar meer gericht is op productiviteit, heilzaamheid en (zelf)controle. Want al verruilt elke roker zijn sigaret voor een appel, dat neemt niet weg dat mensen zichzelf en elkaar steeds harder in het gareel proberen te duwen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden