Opinie Klimaat

Geef meer ruimte aan natuur- en klimaatemoties

Als we ons ecologisch vocabulaire niet herbronnen, verliezen we grip op een drastisch veranderende wereld.

Belgische scholieren demonstreren in Brussel voor het beschermen van de aarde. Beeld FOTO : Guus Dubbelman / de Volkskrant

Het lijkt wel alsof we meer dan ooit over klimaat- en natuurverlies praten. Toch heeft de manier waarop we hierover praten onvoldoende zin zolang we een onkritisch vocabulaire hanteren en weinig ruimte geven aan natuur- en klimaatemoties.

Zo stelt Jan Rotmans dat het een enorme opgave wordt onze energievoorziening te verduurzamen (O&D, 30 januari). Dat klopt zeker, maar door van een ‘transitie’ te spreken doet Rotmans alsnog onvoldoende recht aan de ernst van de situatie.

De term ‘energietransitie’ kwam eind jaren zeventig op en werd gepromoot door onder andere de EEG en het Energieministerie van de VS. Ook de industrie begon de term te gebruiken. Andere spreekwijzen (‘de energiecrisis’, ‘het energiegat’) werden zo succesvol naar de marge gedrukt.

Na veertig jaar ‘transitie’ is het aandeel fossiele brandstoffen op wereldschaal slechts geslonken van zo’n 87 procent begin jaren tachtig naar ongeveer 85 procent nu. In absolute zin groeide het gebruik van fossiele brandstoffen enorm, net als de wereldeconomie. In 2017 werden méér kolen verstookt dan ooit. In de jaren negentig was de jaarlijkse groei van mondiale emissies nog 1 procent per jaar, deze eeuw is dat zo’n 3 procent. Hoezo ‘transitie’?

Tot nu toe werden nieuwe energiebronnen altijd gestapeld óp de bestaande voorraad. Onze historische situatie is uniek, want de komende decennia moet er juist een type brandstof – fossiel - volledig áf. Duurzaam moet fossiel niet complementeren maar vervangen. Dat feit zal ook in ons taalgebruik onderkend moeten worden.

Ons dagelijks vocabulaire blijkt hoe dan ook steeds vaker ontoereikend om de klimaatcrisis te vatten. De betekenis van bestaande begrippen smelt soms weg, zoals bij ‘permafrost’, die immers ontdooit. De Britse auteur James Bridle heeft dit proces van collectief betekenisverlies vergeleken met de hersenen van een alzheimerpatiënt. Als we ons ecologisch vocabulaire niet adequaat herbronnen, verliezen we langzaam grip op een drastisch veranderende wereld.

Ook zullen we moeten erkennen dat de betekenis en omvang van de bredere ecologische crisis de meesten van ons in emotionele zin raakt. Sinds 1970 is 60 procent van de wilde dieren, vissen, vogels en reptielen gestorven, blijkt uit het Living Planet Report 2018. Over twintig jaar kan koraal grotendeels gestorven zijn, concludeer-de het IPCC in oktober 2018. In slechts twee jaar tijd (2016 en 2017) ging een gebied met tropisch bos verloren ter grootte van Vietnam, terwijl kapfanaat Jair Bolsonaro nog niet eens was verkozen tot president van Brazilië. Veel verlies van tropisch regenwoud is het directe gevolg van landgebruik voor soja, vlees, palmolie en andere producten.

Zulk nieuws kan heftige gevoelens losmaken waar nauwelijks publiekelijk over gepraat kan worden. Het is natuurlijk niet de schuld van ‘de media’ dat het slecht met de wereld gaat. Wat echter beter kan, is het scheppen van collectieve ruimte voor zeer menselijke gevoelens van ecologisch verlies.

Toine Heijmans beschrijft in zijn column hoe wetenschapper Maarten Loonen moest huilen na een praatje over zijn boek over Spitsbergen, waar het landschap in rap tempo wegsmelt. Dat is een goed begin, hoewel journalistieke aandacht alléén het probleem nog niet oplost. Zolang we onszelf impliciet voorschrijven dat we natuur- en klimaatemoties zouden moeten verbergen, blijven we een wezenlijk deel van onszelf verstoppen. Zo ontstaat een dagelijks ritueel van ontkenning, beschrijft Kari Marie Norgaard in haar boek Living In Denial.

Enkele jaren terug heb ik voor het eerst gehuild om klimaatopwarming en de gigantische verliezen van het leven op aarde in bredere zin. Er zijn momenten geweest waarop ik me hulpeloos, verdrietig en razend heb gevoeld. Hoe meer we zulke klimaatemoties accepteren en publiekelijk bespreken, hoe eerder we iets aan de erbarmelijke omstandigheden op onze planeet kunnen doen.

Megatonnen CO2 en ‘energietransities’ interesseren ons nou eenmaal minder dan menselijke emoties.

Stephan Huijboom is filosoof.

Drie klimaatdoelen heeft Nederland zichzelf voor het jaar 2020 gesteld. Maar geen van deze doelen wordt volgens de nieuwe PBL-raming gehaald. Wat kán er nog gedaan worden in zo’n korte tijd?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.