Opinie

Geef Abou Jahjah en andere haters vooral een podium

Ik ben dusdanig voorstander van het vrije woord dat ik vind dat zelfs uitschot als Jahjah moet kunnen zeggen wat het wil. Wat me veel meer stoort dan de herkenbare haters, zijn de mensen die laffe smoesjes gebruiken om goed te praten waarom zij de haters aan het woord laten.

Abou Jahjah Beeld anp

De Nederlandse samenleving is op het gebied van vrijheid en tolerantie de afgelopen vijftien jaar nogal veranderd. Ik noem dat aantal jaren bewust, omdat de aanslag die vervloekte dag in september 2001 op onder meer de Twin Towers in New York een keerpunt is geweest in dit land als het erom gaat hoe we over minderheden denken. En dan vooral als die minderheden nogal wat noten op hun zang hebben en dingen zeggen die anderen niet welgevallig zijn, ondankbaar klinken en soms ook simpelweg haatdragend klinken en zijn.

In Nederland hebben we gelukkig geen terreuraanslagen meegemaakt zoals die de afgelopen weken, maanden en jaren wel hebben plaatsgevonden in respectievelijk Duitsland, België en Frankrijk. Afkloppen. Maar helaas realiseert ieder weldenkend mens zich dat dit slechts een kwestie van tijd is.

Waar we wel vaak genoeg mee te maken hebben gehad, zijn demonstraties van boosheid en zelfs van haat en racisme. Van tegenstanders van Zwarte Piet, tegenstanders van asielzoekerscentra en vooral ook van Jodenhaters, die steeds vaker verstoppertje spelen achter het gebruik van termen als Zionisme, Apartheid en afkeer van de Israëlische politiek.

Om aan deze haat uiting te geven lopen ze dan met spandoeken waarop - al dan niet in een taal die ze bij de NOS en het Openbaar Ministerie kunnen lezen - deze boodschappen staan in zogenaamde vreedzame demonstraties. Te denken valt aan uitspraken als 'Fuck de Talmoed' op de Dam en de oproep tot 'dood aan de Joden' in de Haagse Schilderswijk.

Gladde prater

Nu is er de voormalige schreeuwlelijk, tegenwoordig gladde prater, Dyab Abou Jahjah, die door de VPRO is uitgenodigd voor de seizoensopening van het veelbekeken programma Zomergasten. Veel mensen met gezond verstand reageren begrijpelijkerwijs stomverbaasd dat een hater (die zich als typische wolf in schaapskleren vermomt als 'spraakmakende columnist', bruggenbouwer en wereldverbeteraar) van dit formaat de gelegenheid krijgt om drie uur lang een groot publiek op kosten van de belastingbetaler te laten delen in zijn visie op de wereld. Ik sluit niet uit dat hij op charmante wijze een heleboel mensen zal weten mee te krijgen tijdens het oplepelen van beelden, filmfragmenten en verhalen die getuigen van een oneerlijke wereld.

Toch ben ik dusdanig voorstander van het vrije woord dat ik vind dat zelfs uitschot als Jahjah moet kunnen zeggen wat hij wil, zolang hij daarvoor woorden gebruikt die wij allemaal kunnen verstaan. Net zo als ik vind dat ander uitschot moet kunnen zeggen geen liefhebber te zijn van de Talmoed, van de Staat Israël of zelfs van Joden. Zij hebben namelijk - binnen de kaders van de wet - het recht op het delen van hun verwrongen ideeën. Door ze daarover vrijuit te laten vertellen, komt hopelijk het drab en de smurrie die achter hun mooie woorden schuil gaat bovendrijven en kan men daar van kennis nemen.

Wat me veel meer stoort dan de herkenbare haters, zijn de mensen die laffe smoesjes gebruiken om goed te praten waarom zij de haters aan het woord laten. Want zij doen dat niet vanwege dat vrije woord dat ik zo graag wil helpen verdedigen, maar verstoppen zich achter woorden die nog veel erger zijn dan die van de haters.

Wat te denken van Jurgen van Uden, dit jaar eindredacteur van Zomergasten, die ter verdediging van de keuze van Jahjah zegt: 'Hij heeft interessante ideeën over stad en samenleving, heeft een rijk visueel geheugen en hij is een vlotte prater.' Zeg dan gewoon eerlijk: we willen de boel prikkelen door hem aan het woord te laten. Dan komen we dichter bij de werkelijke bedoelingen van de programmamakers, die hiermee de verdenking op zich laden de werkelijke latente haters te zijn.

Beken kleur

Er is nog een reden om mensen als Jahjah een podium te geven. Het zal namelijk interessant zijn om vast te stellen hoeveel mensen straks zullen laten horen dat hij eigenlijk zo erg niet is. Die onder de indruk zullen zijn van zijn gladde praatjes en voorbij gaan aan de dingen die hij onder andere omstandigheden heeft gezegd en geschreven toen hij nog bezig was langs meer militante weg naam te maken onder de haters in België en Nederland.

Om vast te stellen uit welke hoeken de adhesiebetuigingen voor Jahjah allemaal naar buiten komen kruipen. Als dat soort sympathieën naar boven komen, weten we pas echt hoe laat het is in Nederland. Dan weten we of diegenen - mezelf incluis - die al enige tijd roepen zich steeds onbehaaglijker te voelen in Nederland, daar aanvullende reden voor hebben.

Dus ja, geef mensen als Jahjah een podium. Het wordt tijd voor de samenleving om kleur te bekennen: staan wij achter de haters die zich als wolven hullen in schaapskleren? Of staan we voor de bescherming van degenen die gehaat en bedreigd worden en, tegelijkertijd, voor het vrije woord? Want die twee gaan voor echte liefhebbers van democratie en vrijheid hand-in-hand.

David Serphos is communicatieadviseur en voormalig directeur van de Joodse Gemeente Amsterdam. @dserphos

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden