Gebedsverhoring: voorlopig niet rouwen en schoonmaken

Alle hulp die lezers aanbieden voor een meisje dat van het dak is gevallen is het prachtige bewijs dat God altijd luistert naar het gebed, oftewel de wens die gedaan wordt vanuit het hart.

Fadoua Bouali

Net terug uit Marokko krijg ik ’s avonds een telefoontje dat mijn vader in Marokko is opgenomen met hartproblemen.

Na het telefoontje voel ik me maftoena, wat betekent dat ik zwaar word beproefd.
Een jonger zusje begint te huilen. Ze vreest het ergste, ik ook. Maar ik wil er niet aan toegeven en besluit rationeel dat we nog niet precies weten hoe ernstig het met hem is en daarom ons gezonde verstand moeten gebruiken.

Ik zie aan mijn zusje dat ze van plan is om op z’n Marokkaans een partijtje dramatisch te gaan huilen en dus spreek ik haar streng toe: als ze het echt erg vindt voor papa, moet ze bidden voor hem want dat janken heeft geen zin.
Ik krijg een weeïg gevoel rond mijn maag. ‘We moeten het huis opruimen en morgen zal ik extra dadels en vijgen halen’, rationaliseer ik er lustig op los.

Als de familie, kennissen en buren horen dat mijn vader ziek is en misschien binnenkort zal komen te overlijden, moet het huis aan kant zijn. Wat de mensen bijblijft, is of het huis netjes en schoon is; daar praten ze over nadat ze een bezoekje hebben gebracht aan de familie van de overledene, en niet over hoe groot het verdriet is van de achterblijvers.

Geen zin in bezoek

Volgens de traditie moet je de mensen die je komen condoleren dadels, een stukje brood en gedroogde vijgen aanbieden. Maar tegenwoordig is het binnen mijn Marokkaanse gemeenschap bij sterfgevallen gebruik om een groot eetfestijn aan te richten. Nee, ik heb nu echt geen zin in mensen, vooral niet om familieleden die ik al meer dan vijftien jaar niet heb gezien, sinds mijn ouders uit elkaar zijn gegaan, op bezoek te krijgen.

En ook komt het me gewoon niet goed uit. Net is me een nieuwe baan aangeboden met grote verantwoordelijkheid en dus heb ik geen tijd om me bezig te houden met schoonmaken en rouwen.

Omdat ik echt geloof dat bidden helpt, besluit ik me tot Allah te richten en te vragen of hij mijn vader nog een tijdje bij me wil laten. In het gebed kan ik er natuurlijk niet mee aankomen dat ik geen zin heb in schoonmaken en dat rouwen me nu even niet uitkomt.

Smeekbede

Ik moet een paar redenen verzinnen die er echt toe doen en als ik na de eerste knieling weer omhoog kom, weet ik het weer! Ik herinner me dat ik een paar maanden geleden met mijn vader het plan heb opgevat om samen twee reizen te maken. Ik eindig mijn gebed met de smeekbede of mijn pa nog even uitstel kan krijgen vanwege de tripjes die we nog samen willen maken.

Daarna pak ik mijn koffer weer in en vlieg terug naar Marokko om echt bij mijn vader te zijn.
Aan zijn ziekbed voel ik dat ik die man nog heel hard nodig heb en ik me mijn leven nog niet zonder hem kan voorstellen. Hij maakt het gelukkig naar omstandigheden redelijk.

Prins Hassan

Ik reis door naar mijn grootouders en daar krijg ik de laatste nieuwtjes en roddels over de familie en het dorp van opa. Opa vertelt dat er mensen van de stichting moulay Hassan, prins Hassan betekent dat, het dorp hebben bezocht om aan zieken en gehandicapten hulp te bieden. Hij vertelt dat het manke meisje met de krukken, over wie ik een paar weken geleden schreef, het meisje dat zogenaamd van het dak was afgevallen, is meegenomen door de medewerkers van de stichting om haar te helpen.

Verbaasd over het onverwachte goede nieuws, vraag ik hoe dat zit met die moulay Hassan stichting. Volgens opa bestaat de stichting die in het leven is geroepen om hulpbehoeftige mensen in afgelegen dorpen hulp te bieden, al vele jaren, maar de stichting werkte niet vanwege corrupte medewerkers die het geld in hun eigen zakken staken. Maar sinds de nieuwe koning hard optreedt tegen corruptie, functioneert de stichting weer naar behoren.

Ik moet denken aan enkele lezers die me hebben geschreven dat ze heel graag op de een of andere manier het manke meisje willen helpen. Zo kreeg ik een reactie van een lezer, Ron Rozen, die schreef dat hij als ‘maatschappelijk mislukte homo in de bijstand van achtenvijftig zonder enige macht die echter wel wat geld kon missen’ het meisje heel graag wilde helpen.

Een andere lezeres, moeder van drie kinderen met een klein inkomen, wilde ook heel graag het meisje helpen, al was het met een kleine bijdrage.

Gebedsverhoring

Ik realiseer me dat de wens van de lezers om het meisje te helpen door God, Allah of als je het het Hogere of het Universum wilt noemen, mij best, is gehoord!
Voor mij als moslim is dit het prachtige bewijs dat God altijd luistert naar ‘het gebed’ oftewel de wens die gedaan wordt vanuit het hart.

Zo is mijn wens om deze week niet te rouwen en schoon te maken en om mijn pa nog even bij me te laten ook gehoord. Ik mag Hem wel.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden