Gastcolumn Reza Kartosen-Wong

Gastcolumn: Tijd dat kritische, postkoloniale stemmen eindelijk meer ruimte krijgen dan koloniale stemmen

Achterhaalde ideeën bepalen nog altijd het heersende discours over het koloniale verleden – vernieuwende en kritische geluiden ten spijt. Dat betoogt gastcolumnist Reza Kartosen-Wong.

Vertrek van Hr Ms Zuiderkruis vanuit Rotterdam naar Nederlands-Indië, 14 januari 1949. Beeld ANP

In media en cultuur werd het afgelopen jaar geregeld aandacht besteed aan het Nederlandse koloniale verleden in voormalig Nederlands-Indië. Daarbij kwamen ook vernieuwende kritische en postkoloniale gezichtspunten aan bod. Het heersende discours over ons koloniale verleden wordt echter nog steeds vooral bepaald door koloniale stemmen en ideeën. Kritische kennis over racisme, onderdrukking, uitbuiting en geweld als essentie van de koloniale samenleving in ‘Indië’, heeft nog geen vaste plek in ons collectieve geheugen gekregen. De muffige koloniale ideeën moeten eindelijk eens worden vervangen door frisse, kritische perspectieven op ons koloniale verleden.

Het boekje Tempo Doeloe, een Omhelzing van Kester Freriks is exemplarisch voor dat koloniale denken. Freriks pleit voor de rehabilitatie van tempo doeloe, de goede oude tijd in de kolonie, en uiteindelijk voor rechtvaardiging van kolonialisme. Hij schiet in de slachtofferrol en stelt enigszins hysterisch dat het nu ‘verboden is’ om te zeggen dat men een gelukkige tijd had in voormalig Nederlands-Indië en dat het een ‘levensgevaarlijk onderwerp’ is omdat de ‘verdediging en herwaardering van tempo doeloe geldt als immoreel en ongepast’. Ook benadrukt hij de ‘goede kanten’ van kolonialisme.

Herwaardering van kolonialisme

Het is slechts een stropop. Dat er ook idealistische Nederlanders waren die goede dingen deden voor de Indonesische bevolking zal niemand ontkennen. Ook wordt niemand er van weerhouden om met weemoed terug te denken aan een gelukkige tijd in de kolonie. Sterker, in recente memoires, fotoboeken en theaterstukken is een nostalgische lezing van tempo doeloe gewoon terug te vinden. Tegelijkertijd moeten we deze persoonlijke herinneringen in de bredere historische context van de koloniale samenleving in voormalig Nederlands-Indië plaatsen.

Juist dat wil Freriks niet. Hij geeft wel aan dat er in de kolonie sprake was van geweld, onderdrukking en racisme, maar hij bagatelliseert dat. Zo vergoelijkt hij de strikte raciale hiërarchie in de kolonie door te stellen dat ‘uitsluiting van alle tijden is’ en dat men in Nederland een verzuilde samenleving kende. In plaats van te erkennen dat de koloniale samenleving was gebouwd op geweld, racisme en onderdrukking, wil Freriks juist benadrukken dat het kolonialisme veel goeds bracht. Hij is uit op een herwaardering van het kolonialisme. Hoe de miljoenen onderdrukte en achtergestelde Indonesiërs zich voelden, is niet van belang. Ook niet dat er honderdduizenden Indonesiërs zijn vermoord tijdens het koloniale bewind.

Freriks ziet de publicaties over geweldsexcessen tussen 1945 en 1950 in Indonesië en de kritische analyse van kolonialisme in het algemeen als problematisch. Dus niet zozeer de oorlogsmisdaden en de gruwelijkheid van kolonialisme zelf, maar de aandacht daarvoor. Die vormen een bedreiging voor zijn mooie herinneringen aan Indië. Freriks zit vast in zijn koloniale bubbel.

Gebrek aan brede analyse

Deze maand schreef Remco Raben, hoogleraar koloniale en postkoloniale literatuur- en cultuurgeschiedenis, een scherpe recensie van Tempo Doeloe, een Omhelzing voor de Nederlandse Boekengids. Hij ontmaskert Freriks als een apologeet van het kolonialisme. Ook andere historici, waaronder blogger en journalist Lara Nuberg, waren uiterst kritisch over Freriks pamflet.

Het heersende discours over het koloniale verleden wordt helaas nog altijd bepaald door achterhaalde koloniale ideeën zoals die van Freriks – vernieuwende en kritische geluiden ten spijt. Een echte brede en kritische analyse van geweld, racisme, onderdrukking en uitbuiting als essentie van de koloniale samenleving in voormalig Nederlands-Indië, de legitimiteit van het koloniale bewind en de doorwerking van kolonialisme in het heden is in Nederland nog geen vast onderdeel van geschiedenisonderwijs, media, cultuur, politiek en uiteindelijk collectief geheugen. Voor het nieuwe jaar hoop ik daarom dat de kritische en postkoloniale stemmen van onder andere Reggie Baay, Marion Bloem, Lara Nuberg, Jeffry Pondaag, Francisca Pattipilohy, Ethan Mark, Marjolein van Pagee, Histori Bersama, het Dekolonisatie Netwerk voormalig Nederlands-Indië en Griselda Molemans eindelijk meer ruimte krijgen dan de welbekende koloniale stemmen.

Reza Kartosen-Wong is een publicist en docent media en cultuur (UvA) die promoveerde op onderzoek naar de culturele identificaties van jonge Aziatische Nederlanders. Deze maand is hij gastcolumnist van de Volkskrant.

Kritiek op kolonialisme er er al lang, zo betoogt historicus en Volkskrantverslaggever Sander van Walsum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.