GastcolumnAmara van der Elst

Gastcolumn: In Nederland deinzen dichters te vaak terug

Portret van spoken word artiest Amara van der Elst die zich inzet tegen straatintimidatie, gefotografeerd in haar favoriete winkel Bookstor op het Noordeinde. Beeld Hollandse Hoogte / Henriette Guest Fotografie
Portret van spoken word artiest Amara van der Elst die zich inzet tegen straatintimidatie, gefotografeerd in haar favoriete winkel Bookstor op het Noordeinde.Beeld Hollandse Hoogte / Henriette Guest Fotografie

De afgelopen eeuwen is er heel wat af gevochten om de vrijheden te verwerven waar wij nu van genieten. We hebben in de westerse samenleving de democratie tot standaard verheven, we hebben onze mensenrechten vastgelegd. Helaas kan alleen een minderheid van ons deze mensenrechten daadwerkelijk ervaren.

In Myanmar bijvoorbeeld staat de vrijheid van meningsuiting onder druk. Sinds de machtsgreep daar, heeft de militaire junta burgers gevangengenomen, gemarteld en vermoord. De junta voelt dreiging vanuit het volk, niet door pistolen, messen, of gebalde vuisten, maar door een hier vaak onderschatte kracht: het woord.

Dichters als bekendheden

In Myanmar zijn dichters bekendheden. Ze zijn de stem van het volk en daarmee genieten ze veel aanzien. Dit in tegenstelling tot Nederland, waar dichtkunst veelal als elitair wordt beschouwd en dichters nog te vaak terugdeinzen, of geen waarde hechten aan het tonen van politiek engagement.

Voor Myanmarezen is dichten vanzelfsprekend. Het is een noodzaak. Als je iemand op straat vraagt of hij of zij schrijft, is het antwoord resoluut: ‘Maar natuurlijk.’ In Myanmar zijn ze influencers, die goed beseffen welke invloed ze kunnen hebben door hun stem te laten horen.

Elk kritisch woord wordt daarom door de junta in de kiem gesmoord. Er zijn sinds februari 2021 drie dichters vermoord en meer dan dertig gevangen genomen, met als enige reden hun kritiek op de junta. Een van deze gevangenen was dichter Maung Aung Pwint. Tijdens zijn leven heeft hij vier lange periodes in de gevangenis door moeten maken. In 2004 ontving hij de prestigieuze International Press Freedom Award van de Committee to Protect Journalists. Dat terwijl hij in de cel zat. Op zijn celmuur schreef hij:

‘Ik zou graag het maanlicht verzamelen en in het mierennest gieten waar duisternis heerst.’

Taal kan bevrijdend werken. Wat is dan de waarde van taal wanneer je leeft in een ‘vrij land’? Met onze Nederlandse handen-uit-de-mouwen-geen-woorden-maar-dadenmentaliteit vergeten we het woord bij de daad te voegen, beseffen we nog niet dat de juiste woorden tot grotere daden kunnen leiden.

Als we het al hebben over woorden, gaat het vaak over de vrijheid van meningsuiting. Dat gaat meestal van: ‘Ja, we mogen ook helemaal niks meer zeggen.’ Maar wat als we de focus leggen op wat we met taal kunnen bouwen, in plaats van breken?

Volgende stap

Een enkel woord kan leiden tot zingeving, een gedicht kan een zaadje planten in iemands gedachten, een zaadje dat uitgroeit tot een nieuwe beweging. Niet iedereen is die game changer, maar het valt niet te ontkennen dat elke speler invloed heeft op het verloop van het spel. Dat de regels alleen op deze manier kunnen bestaan omdat iemand ze ooit heeft opgeschreven en wij elke dag collectief besluiten ons eraan te houden. Dus wat is onze volgende stap?

In deze individualistische westerse samenleving halen we onze waarde uit wat ons onderscheidt van de ander. Hieruit volgt logischerwijs dat we taal gebruiken om te categoriseren. Of het nou gaat om afkomst, gender, seksualiteit of generatieverschillen, we vinden steeds genuanceerdere termen om onszelf in hokjes onder te verdelen.

Dit terwijl dichters in Myanmar woorden inzetten om te strijden voor hun vrijheid, pleiten voor vrede en saamhorigheid, met de kennis dat met elk uitgesproken woord de kans groter wordt dat het hun het leven zal kosten. Zitten we hier dan, aan tafel te discussiëren over de vraag of een witte cabaretier nog grappen mag maken over zwarte mensen, want ja ‘de vrijheid van meningsuiting is in gevaar’. Dat zou ik ‘vrijheid van uitsluiting’ noemen, maar corrigeer me vooral niet als ik fout zit. Want ‘ik mag toch zeker wel gewoon een mening hebben.’

Ik ben van mening dat we beter kunnen. Ik ben nog steeds niet vrij op het moment dat een ander woorden op diens tong klaar heeft liggen om mij te pijnigen, te denigreren. Ik ben niet vrij op het moment dat mijn woord niet genoeg is om mijn lichaam te beschermen, op het moment dat het in de eerste plaats al nodig is mijn lichaam te beschermen. Vrijheid ontstaat wanneer wij woorden niet langer gebruiken om te verdelen, maar wanneer wij samenkomen met woorden als uiting van wat wij allemaal met elkaar delen.

Amara van der Elst is spoken word-artiest en deed de voordracht bij de Nationale Dodenherdenking op de Dam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden