ColumnDanka Stuijver

Gaan we straks loten in de zorg? Voor de ene patiënt een state-of-the-art kunstheup, voor de andere een kusje erop

null Beeld

Na de studie geneeskunde deed ik promotieonderzoek in een academisch ziekenhuis. Daar leerde ik wat de ‘vinkjescultuur’ is. Zo was ik als promovendus verplicht om deel te nemen aan cursussen. Een klein deel was zinvol, maar het overgrote deel maakte van ons geen betere onderzoekers of dokters. Dat wist iedereen, ook onze begeleiders. De behaalde certificaten en diploma’s hingen wij ‘passief demonstratief’ op een muurtje met de veelzeggende naam: The Wall of Worthless Diploma’s.

Ik herinner mij nog dat een nieuwe promovendus bedenkelijk naar de volgehangen muur keek en terecht vroeg: ‘Waarom doen we dit? Als het zoveel tijd en energie kost en zo weinig van waarde oplevert? Waarom werken we daar dan allemaal braaf aan mee?’

Hoepels

Het is tekenend voor de zorg. We klagen steen en been over alle hoepels waar we als zorgverleners en zorgorganisaties doorheen moeten springen, maar als puntje bij paaltje komt springen we allemaal. Tegen heug en meug, tegen wil en dank. Wat als je niet springt krijg je ‘gezeik’. ‘En daar’, zeggen we dan, ‘hebben we écht geen tijd voor.’

Waar we feitelijk geen tijd voor hebben zijn juíst die hoepels. Ooit bedacht voor behoud of verbetering van kwaliteit van zorg maar in de praktijk vooral leidend tot verlies van tijd voor de patiënt en verkwisting van zorggeld. Denk aan pop-ups in het computerscherm aan het begin van een dienst die zorgverleners geïrriteerd en met het verstand op nul wegklikken. Maar denk ook aan grote, dure, tijdrovende hoepels uit het kwaliteitscircus zoals kwaliteitskeurmerken, kwaliteitsregistraties, kwaliteitsvisitaties, (internationale) accreditatie normen en kwaliteitsindicatoren weergegeven in een, hou je vast, een transparantiekalender.

In het boek Heilige zorghuisjes beschrijft Marjet Veldhuis op treffende wijze hoe er een heuse kwaliteitsindustrie is ontstaan à 50 miljoen euro per jaar waarin het allang niet meer gaat om de patiënt, maar om het zetten van vinkjes en het minimaliseren van aansprakelijkheid. Hoewel het sturen op kwaliteit tot op zekere hoogte zinvol kan zijn, geeft het in de bestaande vorm een schijngevoel van veiligheid en van ‘de boel op orde hebben’. Dat moet veranderen.

Doorgeschoten kwaliteitsdenken

Vele initiatieven, zoals ‘ontregel de zorg’, ‘het roer moet om’ en de paarse krokodil hebben bekendheid gegeven aan een doorgeschoten kwaliteitsdenken in de zorg. Toch blijkt dat door een onverzadigbare drang naar controle en een onstilbare honger naar het kwalificeren, labelen en keurmerken van zorg, door een toenemend aantal management- en beleidslagen, er nog steeds nieuwe hoepels en afvinklijsten bijkomen. Notabene in een tijd waarin een code zwart dreigt en zorgverleners wel wat beters te doen hebben dan op elke zorgslak zout te leggen.

Zorgexpert Chris Oomen waarschuwt in Het Parool dat de protocollen voor oorlogsgeneeskunde tevoorschijn moeten worden gehaald. Collega Rosanne Hertzberger stelt in haar NRC-column dat het tijd is voor minder kwaliteit en meer onveiligheid, zodat wordt voorkomen dat het hele zorgsysteem tegen de vlakte gaat.

Het is bijna niet te bevatten dat ondanks de crisis, het kwaliteitscircus doorgaat met verzinnen van een nieuwe act: de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza), die vanaf 1 januari 2022 op de planning staat. Het is een meldplicht voor eerstelijns zorgaanbieders, zoals huisartsen, met als hoofddoel (daar zijn we weer) verbetering van zorgkwaliteit. In werkelijkheid gaat het ook hier om het zetten van vinkjes en het afleggen van verantwoording. Het betekent nog meer administratieve lasten in een tijd waarin het water huisartsen aan de lippen staat.

Al die kwaliteit beoordelende organisaties doen mij in deze tijd denken aan de dirigent van het strijkorkestje op de Titanic. Terwijl de volgende covid-golf het zorgschip dreigt te verzwelgen en de bemanning zich er pijnlijk van bewust is dat er onvoldoende reddingsboten aanwezig zijn, wordt het orkestje gedirigeerd om gewoon door te spelen. The show must go on, ook als het aantal zitplaatsen steeds schaarser wordt.

Val van de muur

Het is tijd voor de val van de muur volgehangen met nietszeggende certificaten, keurmerken, erkenningen, kwaliteitszegels, diploma’s en labels die geen waarborg, maar juist een bedreiging vormen voor de beschikbaarheid en kwaliteit van zorg. Wordt de muur niet geslecht dan zal steeds minder zorg beschikbaar zijn voor steeds meer zorgvragers.

Dan zullen we kunstheupen moeten verloten onder pechvogels met een gebroken heup: voor de winnaar een state-of-the-art kunstheup geplaatst door een top-of-the-bill chirurg gevolgd door een topnotch revalidatietraject. Voor de verliezers slechts een ampul morfine en, als er tijd voor is, een kusje erop.

Danka Stuijver is huisarts.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden