Opinie

G7 gooit het kind met het badwater weg. En ontpopt zich als belastingkartel dat vooral zichzelf bedient

Als Biden zijn zin krijgt, komt er wereldwijd een minimumtarief voor de vennootschapsbelasting maar géén digitaksen voor techgiganten uit Silicon Valley.

De Amerikaanse president Joe Biden op een persconferentie op de laatste dag van de G7-top,  Cornwall Airport Newquay, 13 juni. Beeld AFP
De Amerikaanse president Joe Biden op een persconferentie op de laatste dag van de G7-top, Cornwall Airport Newquay, 13 juni.Beeld AFP

De doorstart van de G7 als een westers geopolitiek forum is zeer welkom. De waslijst aan communiqués is lang in vage intenties en kort in concrete afspraken. De naleving en de G20 later dit jaar zullen duidelijk maken of het Verenigd Koninkrijk, de Europese Unie en de VS werkelijk op één lijn komen. Dat geldt ook voor de ambitie om via de G7 universele bedrijfsbelastingen te realiseren.

Zo werd er gejubeld over het Amerikaanse initiatief voor een minimale vennootschapsbelasting van 15 procent wereldwijd, gekoppeld aan een regime dat de grootste en winstgevendste bedrijven deels wil belasten in de landen waar ze hun omzet realiseren. Tegelijkertijd was er veel ophef over een rapport dat toont hoe de rijkste Amerikaanse miljardairs gemiddeld 16 procent inkomstenbelastingen betalen. Niettemin bedraagt de belastingvoet voor die miljardairs 37 procent.

Moraal

De moraal van het verhaal is direct duidelijk. Niet de nominale, maar de reële belastingvoet telt. Als de G7 een universele minimumbelasting wil, moet men wereldwijd overeenstemming bereiken over de belastingbasis, inclusief aftrekposten, achterdeurtjes en uitzonderingen. Politiek een helse klus.

De G7 omarmt de post-globalisering. In plaats van handelsbarrières af te bouwen, wil ze die optrekken. Elk land heeft z’n favoriet. Het Verenigd Koninkrijk wil de financiële sector ontzien, Frankrijk en Italië de mode-industrie, andere landen de groene-energiesector, Polen en Hongarije willen integraal de dans ontspringen. En dat zijn pas de eerste reacties.

De voorgestane hervorming impliceert niet alleen een minimale belastingvoet die de race naar de bodem van belastingparadijzen moet stoppen. Voor de VS is het ook wisselgeld om de race naar de top in digitaksen (belasting op digitale diensten) te stoppen. Diverse Europese landen experimenteren met belastingen op de vooral Amerikaanse tech­giganten. Als Biden zijn zin krijgt, gaat dat plan de kliko in en krijgt Silicon Valley mondiaal een transparante maximumbelasting. Logisch dat ze zich hier gematigd positief opstellen.

Zekerheid

Het G7-voorstel betekent belastingzekerheid voor de grootste, winstgevendste bedrijven. Voor die multinationals is de G7 hun thuishaven: 80 van de 100 grootste bedrijven komen uit de G7 of kleinere Europese landen, de rest vooral uit Azië. In verhouding krijgen de grote rijke landen met grote thuismarkten straks meer belastinginkomsten terug dan de armere of kleinere landen. Die hebben ook minder armslag zich te ontwikkelen tot investeringslocatie. Het gaat hier dus om ‘terugwerkende belastingwinst’, verpakt als progressieve belastinghervorming.

De VS willen van twee walletjes eten. Achter de progressieve belastinghervorming schuilt een herverdelingsoperatie die vooral de Amerikaanse kas spekt en de internationale concurrentie voor investeringen door Amerikaanse multinationals tempert, ten faveure van de VS. En wat Amerika wereldwijd kan, kunnen Duitsland, Frankrijk en Italië in de EU ten koste van de kleinere lidstaten. En dit is pas het begin. Internationale belastingcoördinatie valt samen met de terugkeer van industrie- en economisch herstelbeleid. De overheidsuitgaven via investeringen en subsidies aan bedrijven zijn belangrijker dan de belastingeninkomsten die ze heffen. Zwitserland heeft al gezegd dat het concurrentieverlies door een minimumbelasting zal compenseren met subsidiepolitiek. Overal doen staten aan deze herstelpolitiek. Dat trekt de bedrijven naar de grootste thuismarkten en dito geldpotten: de grote landen.

Gladde multinationals

Ik heb weinig sympathie voor exotische belastingparadijzen waar gladde multinationals miljarden parkeren. Daar is internationale interventie echt nodig. Maar gezonde belastingconcurrentie en een aantrekkelijk investeringsklimaat zijn troeven voor wereldwijde vooruitgang en vaak de enige competitieve voordelen van kleinere landen.

De G7 gooit het kind met het badwater weg en ontpopt zich als een belastingkartel dat vooral zichzelf bedient. Als de inkt droog is en de fiscalisten zijn uitgedokterd, dreigen de winnaars van vandaag de winnaars voor altijd te worden.

Marc De Vos is decaan van de Macquarie University in Sydney en visiting fellow bij Itinera Institute, Brussel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden