Column Frank Kalshoven

Frank Kalshoven verbetert zijn Frans en ontdekt dat een taal leren hartstikke moeilijk is

Je travaille pour améliorer mon français. Ik ben mijn Frans aan het verbeteren. Startpunt: vier jaar vwo-Frans. Dat is decennia geleden en ik heb het niet voor niets ‘laten vallen’.

Waarom val ik u hiermee lastig? Omdat het zo leerzaam is. En dan bedoel ik niet dat mijn Frans vooruit gaat (wat gelukkig wel zo is), maar de leerervaring zelf. Ik ervaar het leren weer eens aan den lijve.

Wat is daaraan dan zo leerzaam Frank? Dank voor de vraag. Ik noem drie dingen.

Moeilijk. Een nieuwe taal leren is hartstikke moeilijk. Ik leer me al m’n leven lang suf, en dat gaat me doorgaans makkelijk af. Maar ik zie nu scherper in dat dat komt doordat ik dingen leer die aansluiten bij wat ik al weet en kan. Bijvoorbeeld: Als je iets over economie hebt geleerd, zijn de kernbeginselen van demografie niet zo moeilijk. Maar als je iets wil leren waarvoor je maar een beperkte basis hebt – en kennis en vaardigden dus niet zo op elkaar verder bouwen – dan is dat een stuk lastiger.

Mijn leren brengt me zo dus ook hernieuwd respect bij voor collega-lerenden, bijvoorbeeld statushouders die Nederlands willen leren.

Motivatie. Omdat iets nieuws leren zo moeilijk is – economen zeggen dan: leren gaat gepaard met hoge psychische kosten– moet de leerling gemotiveerd zijn om door te zetten. Wat heb ik eraan? Wat kan ik ermee? En is dat voor mij belangrijk? Dat zit in mijn geval wel snor – ik leer Frans om in Frankrijk een huisje te kunnen gaan bouwen, nous allons construire une maison en France, en zo’n bouwdroom koester ik al decennia. Maar ik kan me nu beter voorstellen hoe moeilijk het is om leerlingen in het reguliere onderwijs enthousiast aan het leren te krijgen. Extrinsieke motivatie (ik leer omdat we een proefwerk hebben) is zoveel zwakker dan intrinsieke motivatie.

Technologie. Hoe leer je een taal? Een paar jaar gelden leerde ik wat Spaans op een (leuke) cursus, met een juf, een lesboek met grammatica, en woordenlijsten. Dat kostte natuurlijk geld, vooral om de juf te kunnen betalen. Mijn Frans verbeter ik heel anders, en het lukt me nauwelijks om er geld aan uit te geven.

Mijn leraar heet Johan Tekfak, de oprichter van Français Authentique, en die houdt er eigenzinnige denkbeelden op na over hoe je een taal leert. Luister, zegt hij, vanaf een minimale grammaticale basis, vooral dagelijks naar ‘echte Fransen’. Zoek hierbij onderwerpen die je echt interesseren, los van het Frans. En doe dat in je ‘temps perdu’, je verloren (reis)tijd. Grammatica en woordenschat pik je zo vanzelf op, en als je wilt pak je er eens een (woorden)boekje bij. Kijk anders zelf maar even op zijn website.

Deze methode werkt (voor mij) als een tierelier. En ook in het Frans zijn er allerlei podcasts en filmpjes online beschikbaar, onder anderen van Johan Tekfak zelf. Er als leerling geld aan uitgeven is bijna niet te doen.

Was mijn cursus Spaans dus een ‘arbeidsintensieve’ manier van ‘leren’ – arbeidsintensief voor de aanbieder van de diensten, wel te verstaan – ik leer Frans op een technologie- en kapitaalintensieve manier. Eén ‘leraar’ bedient honderdduizenden mensen.

Hier zouden ze in het reguliere onderwijs echt nieuwsgieriger naar moeten zijn.

En hier ligt een fraaie kans om het de inburgeraars in Nederland makkelijker te maken. Ik kwam op een snelle zoektocht naar ‘Nederlands leren’ wel wat online aanbod tegen, maar niets om blij van te worden.

Iets nieuws leren is dus heel leerzaam, op meerdere niveaus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.