Financier Europese Unie op een eerlijker manier

Zuidelijke of oostelijke lidstaten waarmee het goed gaat, kunnen ook een hogere contributie betalen.

Hoofdkwartier van de Europese Commissie in Brussel. Beeld ANP

Vandaag presenteert de Europese Commissie haar voorstel voor de nieuwe meerjarenbegroting van de EU. Meteen daarna wordt in elke lidstaat de rekensom gemaakt: wat blijft er onder de streep over en moet er worden bijbetaald? Uiteraard is dit prijskaartje van groot belang, zeker in het geval van ons land, dat dubbel getroffen dreigt te worden door Brexit: naast economische schade dreigen we ook meer te moeten betalen.

Toch zou het verkeerd zijn alleen naar deze rekensom te kijken. Het veranderen van het huidige systeem, en dus een betere deal voor Nederland én voor Europa, vergt een inzet op meerdere fronten tegelijk.

Allereerst de manier waarop de Europese begroting wordt gefinancierd: is er een manier van financiering mogelijk buiten de nationale staatskas om, die de lasten op een eerlijke manier verdeelt?

Neem het toekomstige Europese systeem voor reizigers uit landen die geen visum hoeven aan te vragen, ETIAS, vergelijkbaar met het Amerikaanse ESTA-systeem. Wanneer dit systeem meer gaat opbrengen dan de operationele kosten, kan het verschil naar de Europese begroting. Waarom zou de zeven euro die een Chinese of Amerikaanse toerist betaalt voor aankomst op luchthaven Paris Charles de Gaulle in de Franse staatskas vloeien, terwijl diezelfde toerist nog andere EU-landen aandoet?

De verwachting is dat de Europese Commissie een aantal van dergelijke voorstellen doet, zoals het toekennen aan de EU-begroting van een deel van de opbrengst van het Europese emissiehandelssysteem voor CO2. Dankzij aangescherpte wetgeving, nodig om de klimaatdoelen van Parijs te halen, is de CO2-prijs meer dan verdubbeld. Is dat eenvoudigweg een nationale meevaller of financieren we er een deel van de EU-begroting mee, om zo de nationale contributie te kunnen verlagen?

Niet alle voorstellen zullen met gejuich ontvangen worden, in Den Haag noch in Brussel, maar deze fundamentele discussie moet gevoerd worden.

Daarnaast moet ook de berekening van de nationale contributie onder de loep. Landen als Spanje en Polen kennen inmiddels hoge groeicijfers. Het kan niet langer zo zijn dat een zeer beperkt aantal nettobetalers tegenover een grote groep ontvangers staat. Hoe beter het met sommige zuidelijke of oostelijke lidstaten gaat, hoe meer ook zij kunnen bijdragen aan de échte achterblijvers.

Een geloofwaardige organisatie kan bijsturen wanneer de inkomsten tegenvallen. Zo doen we dat thuis en zo zou een overheid dat ook moeten doen. Naar verwachting zal de Europese Commissie voorstellen om het Brexit-tekort voor de helft op te vangen door bezuinigingen, en voor de helft door nieuw geld. Het was geloofwaardiger geweest als de Commissie het tekort volledig zou opvangen door besparingen en ombuigingen. Om dan pas een discussie te starten over eventuele nieuwe taken voor de EU.

Want ook die zijn soms broodnodig. Bijvoorbeeld voor de bewaking van onze buitengrenzen. Er is inmiddels een kleine Europese kustwacht, maar de mankracht is beperkt en nog niet snel inzetbaar. Om onze buitengrenzen echt goed te kunnen bewaken zijn er meer mensen en materieel nodig. Dat kost geld, maar is effectiever dan niet voorbereid te zijn op een volgende migratiecrisis.

Tot slot dient de discussie, naast de hoogte ook over de kwaliteit van de uitgaven te gaan. De huidige structuurfondsen bijvoorbeeld lijken nog te veel op een blanco cheque aan de lidstaten. Dat moet anders.

Bovendien kan het niet zo zijn dat landen de spelregels van de Unie met de voeten treden, maar wel de hand blijven ophouden voor Europese financiering. Wanneer de rechtsstaat niet op orde is, dient de geldkraan dicht te gaan. Liever besteed ik onze beperkte middelen aan landen die echt hervormen, zich aan de afspraken houden en meewerken aan gemeenschappelijke oplossingen. Wat zij doen maakt ons immers allemaal sterker.

Ons land staat in Brussel te boek als zuinige rekenmeester. Daar is niks mee! Terecht dat de hand op de knip gaat zolang er niet aan een aantal basisvoorwaarden is voldaan. Om uiteindelijk tot een besluit te komen dat in het belang van ons land én van de EU is, moet de discussie over voorwaarden, eerlijke financiering en het vermijden van blanco cheques echter in de volle breedte gevoerd worden. Het startschot klinkt vandaag.

Esther de Lange is lid van het Europees Parlement (CDA) en vicevoorzitter van de EVP-fractie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.