Favorita en de duistere financiering van partijen

Rita Verdonk is trots op Nederland, maar of zij ook trots is op haar weldoeners, is nog maar de vraag.

De stichting Vrienden van Rita Verdonk heeft op 22 februari de besloten vennootschap Favorita opgericht voor het inzamelen van geld en het organiseren van commerciële activiteiten ter ondersteuning van Rita Verdonk. Het is de bedoeling dat Favorita winst maakt, die winst uitkeert aan de Stichting Vrienden, die het op haar beurt weer ten goede kan laten komen aan de vereniging Trots op Nederland, de eigenlijke politieke partij van Verdonk.

Volgens bestuurslid Ed Sinke is het niet de bedoeling openbaar te maken wie Rita Verdonk financieel steunen. Daartoe kan de beweging ook niet gedwongen worden. Stichtingen en besloten vennootschappen vallen niet onder de Wet Subsidiëring Politieke Partijen en dat geldt ook voor partijen, zoals die van Verdonk, die nog niet aan Kamerverkiezingen hebben meegedaan.

Wet Subsidiëring Politieke Partijen

Onder de wet van 1999 vallen politieke verenigingen met duizend of meer leden, die in de Tweede Kamer zijn vertegenwoordigd. In de huidige Kamer voldoet de Partij voor de Vrijheid niet aan de eerste voorwaarde: de partij heeft maar één lid: Geert Wilders. De PVV heeft dan ook geen subsidie aangevraagd (de negenkoppige Kamerfractie krijgt wel geld voor het aanstellen van fractiemedewerkers). Wilders geeft evenmin opening van zaken over de financiering van de activiteiten van zijn partij.

Omdat de nieuwe bewegingen van Verdonk en Wilders geen beroep doen op de staatskas en ook geen betalende leden hebben, moeten zij hun verkiezingscampagnes volledig financieren uit giften en zakelijke activiteiten. Wanneer anonieme particulieren en bedrijven aanzienlijke bedragen doneren, kan dat belangenverstrengeling in de hand werken. Particulieren kunnen bijvoorbeeld in ruil voor een flinke donatie een verkiesbare plaats op de lijst voor de Tweede Kamer verlangen. Volgens betrokkenen hadden Leefbaar Nederland en de Lijst Pim Fortuyn te maken met zakenmensen die probeerden op deze manier een Kamerzetel te kopen. Zodra politieke partijen financieel afhankelijk worden van bedrijven of instellingen, bestaat het risico dat die partijen de belangen van hun geldschieters gaan behartigen.

Financiële afhankelijkheid

Het voorbeeld van de failliete LPF leert ook dat de continuïteit van een politieke partij gevaar loopt wanneer deze afhankelijk is van een paar grote geldschieters.
De verkiezingscampagne van de Partij voor de Dieren werd voor een groot deel gefinancierd door de zakenman Nicolaas Pierson. In 2006 kreeg de partij van Marianne Thieme 474.000 euro aan giften, waarvan Pierson een kleine drie ton voor zijn rekening nam. De partij is, zoals elke gesubsidieerde partij, verplicht giften van bedrijven boven de 4.500 euro te melden. Deze verplichting is overigens boterzacht: het betreffende bedrijf kan volstaan met een brancheaanduiding in plaats van zijn naam. De naam van Pierson had de Partij voor de Dieren niet hoeven te melden, want particulieren kunnen onder het regime van de Wet Subsidiëring Politieke Partijen anoniem zoveel geld schenken als ze maar willen. Ook nevenorganisaties als ondersteunende stichtingen vallen niet onder de verplichting tot openbaarmaking van de gulle gevers. De wet kent ook geen sancties bij overtredingen.

Nieuw wetsvoorstel voor subsidiëring

Het is dan ook een goede zaak dat minister Ter Horst van Binnenlandse Zaken na de zomer met een nieuw wetsvoorstel financiering politieke partijen komt. Naar verwachting wil Ter Horst partijen die willen meedoen aan verkiezingen, maar ook ondersteunende neveninstellingen als Favorita bv, verplichten tot openbaarmaking van de herkomst van alle giften boven een bepaald bedrag. Haar voorganger Remkes dacht indertijd aan een grens van 3.000 euro. Remkes wilde bovendien een maximum instellen: één gever zou niet meer dan 25.000 euro mogen doneren.

Ter Horst sluit aan bij regelgeving in het buitenland. Zo kan iedereen op de website van de Federal Election Commission (www.fec.gov) zien hoeveel geld de presidentskandidaten in de VS hebben opgehaald. Zo heeft Barack Obama bijdragen gekregen van 118.425 particulieren, die met hun naam, het bedrag van de gift en hun beroep keurig alfabetisch gerangschikt op de site vermeld staan.

Politieke partijen zijn private rechtspersonen

Ter Horst krijgt overigens niet haar zin als het gaat om de verplichte afdrachten van volksvertegenwoordigers zoals de SP die hanteert. De partij haalde in 2006 een kleine drie miljoen euro binnen door deze regeling, waarbij het salaris van elke volksvertegenwoordiger naar de penningmeester van de SP wordt overgemaakt. De SP roomt het bedrag af en keert het restant uit aan haar Kamerleden, raadsleden en Statenleden. Ter Horst is tegen deze praktijk, maar kan er weinig tegen beginnen. Een politieke partij is per slot van rekening een private rechtspersoon die zelf bepaalt wat de rechten en plichten van haar leden zijn.

Het feit dat partijen subsidie krijgen, in totaal 15 miljoen euro per jaar, doet afbreuk aan dit private karakter. Hoe meer subsidie partijen ontvangen, des te luier ze worden in het zoeken van financiële steun bij hun leden, sympathisanten en kiezers. Dat laatste houdt de partijen scherp en dwingt hen de leden waar (in de vorm van zeggenschap) voor hun geld te bieden. Dat dit werkt, ondervond de SGP, die tijdelijk geen subsidie kreeg vanwege haar weigering vrouwen te kandideren voor publieke functies. De SGP kreeg vorig jaar een recordbedrag van 374.000 euro aan donaties binnen.

Ter Horst moet dan ook de verleiding – en de druk vanuit de partijen – weerstaan het subsidiebedrag aan de politieke partijen te verhogen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden