ColumnEva Hoeke

Facebook, het is een verárming

Beeld Aisha Zeijpveld

‘Nou, ik vind het een verárming’, zei de vrouw, wijzend op de telefoon die voor haar op tafel lag. Het stukje maatschappijkritiek was voor mij bedoeld, want verder was er niemand te bekennen in de uitspanning aan het marktplein waar ik zojuist boodschappen had gedaan. De vrouw had dezelfde onverzettelijkheid als toiletjuffrouwen in nachtcafés en droeg een Je t’aime Paris-shirt dat haar per ongeluk iets vijandigs gaf. ‘Af en toe zit ik nog weleens op Facebook’, zei ze roerend in een kop koffie. ‘Ik vind haken en breien leuk, dan kan je inspiratie opdoen. Maar verder is het net als Ikea: je komt vooral dingen tegen die je níet nodig hebt. En je klikt toch. Dus. Het is gewoon verslavend.’

We zwegen even terwijl de open deuren nagalmden. Jan Smit zong ondertussen in alle eerlijkheid: ‘Ik lig gebroken in mijn bed, heb net de douche weer uitgezet.’ Het was al bijna elf uur, ik moest hoognodig aan het werk.

‘Wat de mensen er wel niet opzetten’, ging de vrouw ondertussen voort. ‘Neem mijn zus. Heb ik al jaren geen contact meer mee, maar we zijn nog wel vrienden op Facebook. Zag ik laatst dat ze een nieuwe telefoon heeft. En dan die reacties eronder... Alleen maar geslijm! Dan denk ik: waar gáát het over? Maar dan moet ik toch reageren, hè. Dat kan ik niet laten. Dus toen heb ik eronder geschreven: ‘Mag ik vragen wat hier de meerwaarde van is, dat je dit post?’

‘Maar dan reageert u zelf dus ook’, zei ik, naïef.

‘Nou nee, helemaal niet’, zei ze verbolgen. ‘Ik heb niet gescholden, niks. Gewoon een keurig zinnetje. Wat denk je? Kreeg ik meteen haar teamleider over me heen, over wie mijn zus zelf trouwens óók vaak lelijk spreekt. ‘Ja’, schreef ze, ‘wie is die trut? En ze heb ook nog een rotkop.’ Want kennelijk had ze op mijn profiel gekeken. Dus ik stuur mijn zus meteen een private message. Ik zeg: ‘En? Heb je eerlijk gezegd: dat is mijn kleine zusje? Die heb apneu dus die staat niet altijd zo voordelig op de foto? Nee zeker?’ Want mijn zus verdedigt zulke mensen dan meteen, dat doet ze al d’r hele leven. Ze is tien jaar ouder, want ik was het achternakommertje, dus ik had twee moeders. Maar op een gegeven moment wordt dat vervelend. Dan denk ik: mens, ik ben 53, hou eens op met dat ge-bemoei.’

‘Maar nu bemoeide u zich toch met háár?’, hield ik vol.

De vrouw knikte. ‘Ja klopt, één keer. Maar goed, daar reageert ze dan niet op. Ze heeft het niet eens gelezen, zag ik. Dus ik ga haar maar weer blocken, want het is toch altijd eenrichtingsverkeer.’

Ik mompelde nog iets over eenzaamheid maar ook daar maakte ze meteen korte metten mee. ‘Nou, als je drie keer aan een vaste deur staat terwijl je hebt afgesproken, weet ik genoeg hoor.’

Drie slag uit, ik gaf me gewonnen, kon mij het ook eigenlijk schelen.

Maar toen veranderde haar blik ineens. ‘Maar nou zag ik gister dat ze op bezoek is geweest bij onze broer, waar ze ook al jaren geen contact meer mee heeft. Zelf heb ik hem ook al een paar jaar niet meer gezien. Maar nou heeft-ie kanker. Dan sta je raar te kijken hoor, als iemand ineens een ingevallen gezicht heeft en een theedoek in zijn hand omdat hij het speeksel niet meer binnenhouden kan. Kijk, hij leefde niet gezond, maar dit gun je niemand. En nu doet mijn zus dus mantelzorgen bij hem, dat zag ik.’

Ze zuchtte en besloot droevig: ‘Dat zeg ik, het is verslavend.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden