Eva Hoeke at een boterham met de stratenmaker: 'Wat doet u als u 's avonds thuiskomt?'

Eva Hoeke
null Beeld Robin de Puy
Beeld Robin de Puy

Al weken waren de drie stratenmakers naast ons huis aan het werk. Wanneer wij 's ochtends uit bed kwamen waren zij al uren bezig, als we het huis verlieten knikten we naar elkaar. De knikjes werden praatjes, bij de praatjes kwam koffie, en op de dag dat de zon het heetst was vroeg één van de stratenmakers, een knoestige kerel met de lichtgevend blauwe ogen van een husky, of hij zijn boterham bij ons in de schaduw mocht opeten, waar de straling zijn allergische vel niet langer kon geselen. 'Het is krek of er iemand met naalden in mijn huid zit te prikken', zei de stratenmaker terwijl hij met zwarte, gebarsten vingers over zijn armen wreef, 'meestal begint het pas 's avonds.'

We zaten aan de picknicktafel, mijn computer naast zijn broodtrommel. Hij nam een hap van een kadet, en zette nog kauwend een pak melk aan zijn mond. 'Jullie hek staat scheef', zei hij.

'O ja?'

Hij keek me verbaasd aan. 'Heb je dat niet gezien?'

Ik keek naar zijn roodverbrande nek en de witte, stugge haartjes die eruit staken, dacht aan de cowboys uit Sergio Leone-films en zei verontschuldigend: 'We wonen hier pas.'

De stratenmaker mompelde. 'Gekkigheid.'

We zwegen en hoorden hoe achter de schutting een berg stenen in een container werd gestort. Ik wist inmiddels dat de lange dagen die de drie maakten, half 5 op en twaalf uur later weer thuis, ze nog geen 2000 euro in de maand opleverden. Eén van hun zonen werkte als doodgraver, zelfs die verdiende meer, 'terwijl hij alleen maar een kuil graaft, en er daarna in een mooi pakkie bij gaat staan.' Grote schuldige was Rutte, die hen ooit gouden bergen had beloofd, maar van wie ze inmiddels gewoon tot hun 67ste door moesten, kapotte rug of niet.

'Wat doet u als u 's avonds thuiskomt?', doorbrak ik de stilte. Op het gezicht van de stratenmaker zag ik de verwarring die mijn onverwachte belangstelling teweegbracht. 'Hoe bedoel je?'

'Nou, kijk je dan televisie, ga je biljarten?'

Hij dacht even na. 'Gisteravond heb ik de hele achtertuin van mijn zoon gedaan, dat was een ravage. En ik hou van orde. Dat heb ik ook gezegd, ik zeg denk erom, papa helpt je, maar je houdt het bij, want als ik nog één keer een hoop stront vind van die hond schep ik het zo tegen het raam.' Hij keek me aan en lachte, onzeker ineens. 'Ja, wat dat betreft ben ik kort voor de kop, hoor.'

De zon weerkaatste op mijn computer, nog even en hij zou smelten.

'Mijn zoon gaat met een gescheiden vrouwtje', vervolgde de stratenmaker terwijl hij een pluk shag uit een povere buidel haalde. 'Die hád al drie kinderen. En nu hebben ze er zelf ook nog één gemaakt. Die jongen werkt dag en nacht, weekenddienst en nachtdienst, want hij zit bij de politie. Eén keer kregen ze een oproep van huiselijk geweld. Toen hij aankwam zag hij die man door een kier van de gordijnen op de bank zitten, honkbalknuppel op schoot. In de keuken lag zijn vrouw. Alleen nog aan de borsten kon je zien dat het een vrouw was.' Hij zoog de rook van zijn shag zó diep naar binnen dat die niet eens meer terug naar buiten kwam, en tikte toen op zijn slaap. 'Da's anders werk dan wij doen, hoor. En dan heeft hij thuis nog zo'n heel gezin. Zijn moeder en ik waren er niet blij mee. Maar hij zegt: pap, ik ben gelukkig met haar. Dan is het verhaal over, hè.'

Hij bedankte voor de koffie, drie uur later draaide het busje de weg op, de zon zakte al. Vanuit het raam zag ik dat ons hek weer recht stond.

eva.hoeke@volkskrant.nl

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden