Column

Europa beseft hoe gevaarlijk de wereld is

De Europeanen beginnen te beseffen dat de wereld gevaarlijker, verdeelder en verwarrender is geworden.

Carl Bildt
null Beeld AP
Beeld AP

Toen de Europese Unie in 2003 voor het eerst een veiligheidsbeleid opstelde, leefden de bewoners van ons continent in een schijnbaar veilige wereld. De openingszin van het document sprak vol vertrouwen van een 'Europa dat nog nooit zo welvarend, zo veilig of zo vrij was geweest'. Het buitenlandbeleid van de EU was wat betreft de directe omgeving gericht op het creëren van een 'kring van vrienden', van Marokko tot Rusland en de Zwarte Zee.

Dat staat in schril contrast met de huidige situatie. De leiders van het continent weten niet goed hoe ze moeten reageren op een wereld die, in de woorden van een recent EU-beleidsdocument, 'gevaarlijker, verdeelder en verwarrender is geworden'. De EU ziet zich niet omringd door een kring van vrienden maar door een kring van vuur, waarbij honderdduizenden mensen de grenzen over komen om aan de vlammen te ontsnappen.

In het oosten heeft de Russische inmenging in Oekraïne twee miljoen mensen van huis en haard verdreven. Dat zijn er meer dan twintig jaar geleden tijdens de oorlog in Bosnië-Herzegovina. Het afschuwelijke geweld in Syrië en de chaos in Noord-Afrika hebben geleid tot een enorme stijging van het aantal vluchtelingen, wat een volgende crisis in de EU kan inluiden.

Natuurlijk betreft de huidige uitdaging niet alleen Europa. Wat in de media wordt afgeschilderd als een vloedgolf is in werkelijkheid amper een stroompje. De overgrote meerderheid van de mensen die het bloedbad in Syrië zijn ontvlucht, zitten in kampen in Jordanië, Libanon en Turkije.

Puur cijfermatig kan de EU met gemak ruim een miljoen vluchtelingen opvangen, wat zou neerkomen op maar 0,2 procent van de totale bevolking van de EU. Dat is veel minder dan het aantal mensen dat de lidstaten in de komende decennia zullen moeten toelaten om de vergrijzende beroepsbevolking aan te vullen.

Dat wil niet zeggen dat het gemakkelijk is. Bevolkingsstatistieken beschrijven niet de werkelijkheid van asielsystemen die op punt van bezwijken staan of van economieën die grote moeite hebben om huisvesting en werkgelegenheid te bieden. De grootste uitdaging voor menig EU-leider is het in goede banen leiden van de binnenlandse politieke reacties, nu xenofobe en nationalistische krachten hun kans grijpen om onrust te stoken en te profiteren van anti-immigrantensentimenten.

Op het niveau van de EU kwamen meningsverschillen tussen regeringen naar voren bij pogingen om een overeenkomst te sluiten over de verdeling van vluchtelingen over de lidstaten. Uiteindelijk werd het quotasysteem bij meerderheid van stemmen ingevoerd in plaats van met de gebruikelijke en verreweg te prefereren consensus.

Ondanks alle spanningen is men het er toch bijna unaniem over eens is dat de oplossing een Europese oplossing moet zijn. Iedereen vindt dat de uitdagingen waarvoor de nieuwe wereldwanorde ons stelt het best gezamenlijk tegemoet kunnen worden getreden. Sommige van de geopperde ideeën, zoals een gemeenschappelijk asielbeleid en een gezamenlijk systeem voor het delen van de lasten, zouden zelfs een duidelijke overdracht van soevereiniteit aan de EU betekenen op een terrein dat altijd is beschouwd als een nationale kerntaak.

Volgens opiniepeilingen vindt de Europese bevolking de aanpak door de EU van de eurocrisis een succes. Het vertrouwen in de EU is de afgelopen drie jaar gestegen van 48 naar 58 procent, na een periode waarin dat vertrouwen alleen maar was gedaald. Scepsis over het Europese project is gedaald van 46 naar 36 procent.

Dat begint een vertrouwd patroon te worden: een nieuwe crisis, een aanvankelijk onhandige reactie, discussies en verdeeldheid, en dan geleidelijke vooruitgang die tot een gezamenlijke reactie leidt, gedreven door het besef dat er geen alternatief is.

In de meningsverschillen van vandaag liggen de wortels van een sterkere unie. Het Europese project wordt niet langer gezien als een of ander utopisch streven, als een abstracte poging om een steeds hechtere eenheid te smeden. De EU wordt steeds meer gezien als een praktisch - en onontbeerlijk - mechanisme waarmee een groep kleine landen samen de gezamenlijke uitdagingen het hoofd kan bieden.

De Europeanen beginnen inderdaad te beseffen dat de wereld gevaarlijker, verdeelder en verwarrender is geworden, maar het is een besef dat hen eerder nader tot elkaar brengt dan uiteendrijft.

Vertaling: Leo Reijnen

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden