EU geeft groene stroom een verkeerde impuls

Nederlandse energiebedrijven moeten 280 miljoen euro terugbetalen aan de belastingdienst. Het gaat om een belastingkorting die stroomleveranciers vóór 2003 ontvingen om de productie van groene stroom te stimuleren. De energiebedrijven zouden onvoldoende hebben kunnen aantonen dat de elektriciteit duurzaam was geproduceerd. Bovendien wordt de meeste groene stroom geïmporteerd. De belastingkorting had dan ten goede moeten komen aan de daadwerkelijke producent.


Het nieuws had niet op een ongelukkiger moment kunnen komen, luttele weken nadat de handel in groene stroom door PvdA-europarlementariër Dorette Corbey een vorm van ‘legale oplichting’ was genoemd. Een nogal boude bewering vond zijzelf ook bij nader inzien. De kwestie ligt daarvoor te genuanceerd.

Nederland produceert bij lange na niet genoeg groene stroom om aan de vraag tegemoet te kunnen komen. Energieleveranciers als Nuon, Essent en Eneco kopen deze elektriciteit daarom in Scandinavië, waar met behulp van waterkracht meer dan genoeg groene stroom wordt opgewekt. Het is inefficiënt deze stroom ook echt te importeren. De energiebedrijven kopen daarom bij de Scandinavische producenten certificaten voor de hoeveelheid stroom die zij als ‘groen’ aan hun klanten leveren. De elektriciteit uit de waterkrachtcentrale gaat gewoon naar lokale afnemers.

Het probleem is dat het mogelijk blijkt de groene stroom zo tweemaal te laten meetellen in de totale Europese productie; door de Scandinavische producent en door de Nederlandse importeur. Aanscherping van de Europese regels moet aan deze ‘dubbeltelling’ een einde maken. Alleen zo kan worden nagegaan of landen hun afgesproken bijdrage leveren aan de ‘vergroening’ van de Europese energieproductie.

Dat wil niet zeggen dat de Nederlandse consument die nu groene stroom gebruikt, wordt opgelicht. Het maakt voor het milieu niets uit of Nederland de groene stroom zelf produceert of volledig importeert. Dat wordt pas een probleem als de Scandinavische waterkrachtcentrales niet meer voldoende produceren om in zowel de nationale behoefte te voorzien als in de buitenlandse vraag. Vandaar dat de EU-landen worden gestimuleerd zelf de productie van groene stroom ter hand te nemen.

Het Europees Parlement wil daarom niet alleen de handel in certificaten aan banden leggen. Voortaan zou ten minste eenderde van de als groen gelabelde stroom uit nieuwe installaties moeten komen. Dat is het paard achter de wagen spannen, want waarom zou de stroom uit een oude Noorse waterkrachtcentrale plotseling minder groen zijn dan die van een gloednieuwe windmolen op de Noordzee?

Zolang wind- en zonne-energie duurder zijn dan stroom uit conventionele elektriciteitscentrales, blijft het aantrekkelijker groene stroom te importeren in plaats van zelf te produceren. Het zwalkende subsidiebeleid van de Nederlandse overheid heeft daaraan niet weinig bijgedragen. Het voorstel van het Europees Parlement vergroot slechts het risico dat er een tekort aan groene stroom ontstaat. Dat kan niet de bedoeling zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden